Fear Factory :: Archetype

Metal als een geoliede machine, dat is waar Fear Factory al een flinke veertien jaar borg voor staat. Een jaar geleden leek de machine te stokken, maar anno 2004 staan de mannen uit LA er weer, en op volle kracht. Archetype dendert als vanouds bulldozergewijs uw trommelvliezen de vernieling in.

Tekstueel is er op Archetype veel blijven hangen van probleemjaar 2003. Het album is een uitdrijving van alles wat er toen misliep met Fear Factory. Management- en labelproblemen deden zanger en oprichter Burton C. Bell zelfs opstappen. Na de garantie dat de groep zelf weer de controle zou krijgen over de angstfabriek, keerde de man gelukkig terug en begon hij samen met zijn strijdmakkers aan het exerceren van de oude demonen. Ook gitarist Dino Cazares verliet ondertussen het strijdtoneel, zodat bassist Christian Olde Wolbers nu de gitaar aangespt en Byron Stroud de bas overneemt.

Ruim voldoende agitatie dus om voor een bewogen en gepast heavy album te zorgen, en Archetype voldoet daar perfect aan. Het is een vintage Fear Factory-album geworden, meer dan Digimortal dat in 2001 was. De basis van alle nummers bestaat nog steeds uit het machinale drumwerk van Raymond Herrera, de strakke staccato gitaarriffs, en de afwisselend brullende en melodische cleane zang van Bell. Het streepje vernieuwing zit in uitgebreider gebruik van synth-lijnen en meer atmosferische stukken doorheen de nummers.

Naar traditie vliegt Fear Factory er onmiddellijk in met het zwaarste materiaal. Opener "Slave Labor" laat direct zien dat de machine vlotter en harder draait dan ooit voorheen, en maakt tegelijkertijd ook ruimte voor de nieuwe synth-toets. "Cyberwaste" volgt naadloos in dezelfde razernij, net als "Act of God" en "Drones", hoewel daar het tempo af en toe al eens een verfrissend duikje maakt. Met de titeltrack komt het album tot een absoluut hoogtepunt, en ook een hoogtepunt van Fear Factory in het algemeen: het nummer is inderdaad het archetype van waar Fear Factory voor staat en waar de band toe in staat is.

"Bite the Hand That Bleeds" zet het ietwat rustiger tweede gedeelte van Archetype in — waarbij rustiger niet synoniem staat voor een verlies aan punch — waarin er nog meer speelruimte is voor de synths. "Undercurrent" tekent, samen met "Human Shields", voor veruit het zachtste materiaal van het album, terwijl het forse "Bonescraper" opnieuw tot heftige haar-zwier-partijen uitnodigt. Afsluiter van dienst, na het donkere en sferische "Ascension", is een eerder getrouwe cover van Nirvana’s "School".

Archetype kent niet alleen geen zwakke plekken, het toont ook nog maar eens hoe uniek het geluid van Fear Factory wel is als hybride tussen mens en machine. De cybergedachte, waarin de mens meer van de dodelijke perfectie van het machinale krijgt, en de machine het verteerbare van de mens, is dé constante lijn in alle Fear Factory-releases en ook in Archetype. We zijn nog steeds geen band tegengekomen die het ideaal beter weet te benaderen dan de godfathers van dit soort metal zelf

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − een =