Underworld




Na een groot aantal teleurstellingen de laatste maanden, hebben
we hier eindelijk nog eens een film die precies levert wat de
premisse belooft. Een actiefilm over een oorlog tussen weerwolven
en vampieren, waarin beide partijen uitsluitend gekleed gaan in
lederen dan wel zijden zwarte uitrustingen en waarin de Gothic
stijl van elke seconde afdruipt. Wanneer iemand je dat vertelt,
verwacht je crappy fun, en dat is ook wat je krijgt, voor het
grootste gedeelte.

Kate Beckinsdale speelt Selene, een Death Dealer, die in de al
honderden jaren woedende oorlog met de Tyken (weerwolven), de taak
heeft om de vijanden van haar volk op te sporen en vakkundig naar
de andere wereld te helpen. De laatste jaren ziet het ernaar uit
dat de pluizige vijanden van de vampieren aan het uitsterven zijn,
maar dan komt de compulsief in leer geklede bloedzuigster erachter
dat er een uitgebreid complot gaande is. Lucian, de leider van de
weerwolven die al sinds jaar en dag dood dient te zijn, zoekt samen
met een nazi-achtige geleerde naar een manier om vampieren- en
weerwolvenbloed met elkaar te mengen in dat van een mens. Als
proefpersoon zoekt hij Michael Corvin uit (Scott Speedman), die de
brute pech heeft dat zijn voorouders op de één of andere manier bij
de hele affaire betrokken waren. En Lucian krijgt ook hulp van een
verrader binnen de groep vampieren. Maar wie?

Zit u al op het puntje van uw stoel van spanning bij het lezen
van die samenvatting? Nee, ik ook niet, maar dat is dan ook
helemaal niet het punt van ‘Underworld’. De plot wordt in feite
nauwelijks verder uitgewerkt dan het basisgegeven van de oorlog, en
van personageontwikkeling is al helemààl geen sprake – dit zijn
schepsels die al meer dan tweeduizend jaar meegaan. Zie je die al
belangrijke veranderingen in hun persoonlijkheid meemaken op de
paar dagen die deze film beslaat?

Nee, natuurlijk niet. Waar het om draait is sfeer en actie, iets
waar ‘Underworld’ rijkelijk van voorzien is. Vanzelfsprekend speelt
de hele film zich ‘s nachts af, en dat dan nog uitsluitend in
onheilspellende, duistere decors of op donkere straten waar het
altijd, maar dan ook altijd, regent en onweert. De personages zelf
zijn opgetrokken uit zwarte kledij – je vraagt je af waar ze die
dingen in vredesnaam kopen, en waarom Selene geen ontzagwekkend
gekraak voortbrengt bij elke beweging, vacuümverpakt in leer als ze
is. En hun gezichten, zoals het hoort lijkbleek en voorzien van
contactlenzen met enorme pupillen, staan steeds somber – een oorlog
uitvechten is geen pretje, ook al ben je dan onsterfelijk. De hele
vormgeving van ‘Underworld’ is de natte droom van elke Goth-freak
die ooit z’n vingernagels rebels zwart lakte of ernstig overwoog om
in een doodskist te gaan slapen in plaats van een bed.

Dat was de sfeer, maar ook de actie is ruimschoots voorzien: een
vroege scène wordt rechtstreeks overgenomen van ‘The Matrix’, en
later is het niet moeilijk om de hommages aan ‘Blade’ te spotten,
maar dat neemt niet weg dat er hier en daar een zeer effectieve
gevechtscène in elkaar wordt geknutseld. Neem bijvoorbeeld een
scène waarin Selene vast zit in een doodlopende gang. Bij gebrek
aan betere alternatieven, begint ze in een cirkel rond haar voeten
te schieten, tot de vloer wegzakt en ze veilig een verdieping lager
belandt. Dat is baarlijke nonsens, maar het wérkt.

Het is trouwens in deze scènes dat het gevoel voor humor van
‘Underworld’ naar boven komt. Het geweld is er soms zó ver over,
dat het moeilijk wordt om te geloven dat dit allemaal ernstig
bedoeld was, laat de acteurs dan nog zo’n pokerface opzetten.
Wanneer een weerwolf de kogels die hij in z’n lijf heeft gekregen
letterlijk uitzweet, is dat tegelijk een goor zicht om te zien, én
ongelooflijk grappig omdat het zo over de top is. Hetzelfde geldt
voor een nevenplot, waarin een al 300 jaar slapende vampier opnieuw
tot leven wordt gewekt, en er bij z’n ontwaken uitziet zoals ik me
de mummie van Mick Jagger zou voorstellen over een paar duizend
jaar. Dit is een ironische actiefilm die, in tegenstelling tot
andere pogingen tot ironie van het voorbije jaar, zoals ‘Charlie’s Angels’, niet de behoefte voelt
om ons z’n spottende attitude in het gezicht te kwakken. Wie
‘Underworld’ ernstig wil nemen, kan dat rustig doen, maar wie al
die Gothic-toestanden maar belachelijke nonsens vindt (zoals ik),
vindt hier meer dan genoeg om z’n mening te staven en er eens goed
om te lachen. Ik ben zeker dat er mensen zullen zijn die denken dat
ik het helemaal verkeerd begrepen heb, maar volgens mij speelt de
film echt op die twee niveau’s.

Dat alles neemt niet weg dat ‘Underworld’ vrolijk z’n laars lapt
aan elke vorm van degelijke verhaalsstructuur en – wat erger is –
dat de film naar het einde toe soms in herhaling valt. Het einde
wordt veel te lang uitgerokken, met het ene duel na het andere, tot
de aandacht begint te verslappen. Wat jammer is, want tot dan toe
was één van de voordelen van de film juist dat hij zo strak
gemonteerd was.

‘Underworld’ is onversneden crap, die nergens op slaat. Maar
gelàchen, jongens. Gelàchen!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × vijf =