Shaun het Schaap maakte voor het eerst zijn opwachting in A Close Shave, een van de bejubelde en succesvolle Aardman stop-motion producties rond de figuren Wallace en Gromit. Al snel kreeg hij een eigen serie en twee films op zijn naam en met het op Halloween gerichte The Beast of Mossy Bottom, krijgt de sympathieke viervoeter nu een nieuw avontuur toebemeten.
De formule is niet veranderd: er wordt nog steeds gewerkt met āclaymationā, een variant op stopmotion waarbij figuren vervaardigd uit klei apart gefotografeerd worden en (nu met behulp van ook een aantal digitale technieken) beeld per beeld tot leven worden gebracht. Ook de dierlijke personages brengen ditmaal iets of iemand ā zij het ongewild – tot leven, wanneer het feest van Halloween in het water dreigt te vallen. Omdat de boer de pompoenen die de schapen met veel liefde gekweekt hebben, per ongeluk om zeep helpt, grijpt Shaun in. Het gevolg van zijn experimenten is echter een (althans voor de omwonenden) geheimzinnig monster dat opduikt in de bossen rondom het dorp en de boerderij.
De rest van de film is een steeds verder uit de hand lopende paniek, gecombineerd met verwoede pogingen van de boerderijbewoners om alles weer in orde te brengen. Het verloop zit vol verwijzingen naar bekende voorbeelden ā Jurassic Parc, Psycho en vele andere ā maar het leuke is dat die referenties nooit de kern van een scĆØne vormen en er vertrouwd wordt op de rest van de humor om het geheel te dragen. Het moment waarop Shaun zijn wetenschappelijke formule voor het eerst gebruikt, is uiteraard ƩƩn lange ode aan Frankenstein, maar eigenlijk hoef je dat niet eens te weten om geamuseerd te zijn door de vele inventieve terzijdes die alles kleuren. Er zitten zoveel leuke invallen verwerkt in de gebeurtenissen, dat het ook nooit nodig wordt te grijpen naar overdreven bombast om de dingen geestig te houden. Er valt best wel wat uitdijende chaos te rapen in The Beast of Mossy Bottom, maar anders dan bij de opgefokte frenetieke puinhopen die in animatie zo in zwang zijn dezer dagen ā kuch, Minions, kuch ā wordt alles mooi opgebouwd, is er tijd voor details, en verzuipen de (dierlijke) personages niet in de overdaad aan lawaai en beweging.
De stemmencast die naar goede gewoonte enkel geluiden voortbrengt, wordt andermaal verzorgd door een team aan vertrouwde namen dat hier samen met co-regisseurs Steve Cox en Matthew Walker, de reputatie en de naam van de Aardman studioās absoluut in ere weet te houden.



