Carrie


‘Carrie’ was een belangrijke film voor al wie erbij betrokken
was. Het was al de tiende regie van Brian DePalma, maar de eerste
film waarvoor hij echte erkenning kreeg, en zijn daarop volgende
carrière zou er wel eens helemaal anders uit hebben kunnen zien
indien de zalen waren leeggebleven. Het boek was de debuutroman van
Stephen King, en het was deze verfilming die zijn ster deed rijzen.
Het was pas na het verschijnen van de film dat het boek een
paperback-beststeller werd, en de rest is, zoals men zegt,
geschiedenis. Verder lanceerde Carrie de carrières van acteurs
Sissy Spacek, John Travolta en Amy Irving. Ja, ‘Carrie’ was een
belangrijke film.

Het was ook een film die, historisch gezien, geplaatst kan
worden in een periode waarin intellect en exploitatie elkaar niet
noodzakelijk hoefden uit te sluiten; het Nieuwe Hollywood was in
volle bloei, films als ‘Taxi Driver’ lokten volle zalen en voor het
eerst leek het grote publiek geïnteresseerd in intelligente cinema
– de kloof tussen het art house-publiek en de doorsnee cinemaganger
werd steeds kleiner. Wat overigens niet wil zeggen dat die nieuwe
Hollywood-films niet appeleerden aan de lagere instincten van de
mens – sommige van de beste voorbeelden zijn hierin doodgewoon
schaamteloos. Denk maar aan de gruwel en het geweld in bijvoorbeeld
‘The Exorcist’, ‘Jaws’ of, iets later in het decennium, ‘Apocalypse Now’. Stuk voor stuk
schitterende, intelligente films die, net als ‘Carrie’, niet te
beroerd waren om hun publiek emotioneel uit te wringen.

‘Carrie’ werd gemaakt in 1976, nu dus 25 jaar geleden. Tijd om
de video nog eens op te zetten, dacht ik zo, en het resultaat is
een hernieuwde kennismaking met wat enkel omschreven kan worden als
een klassieker. Dit is een horrorfilm, een ode aan de ouderwetse
griezelfilm en bovenal een verhandeling over seks en de relatie
tussen seks en religie.

Seks staat hier centraal wanaf de eerste scène: we krijgen een
lang tracking shot te zien dat tergend langzaam over het naakte
lichaam van Carrie (Spacek) glijdt, terwijl ze onder de douche
staat. Vervolgens krijgen we de bekende menstruatiescène. Op haar
zestiende krijgt Carrie haar eerste menstruatie en ze denkt dat ze
doodbloedt. De andere meisjes vinden blijkbaar een uitlaatklep voor
hun eigen ongemak met hun seksualiteit door Carrie te bekogelen met
tampons en maandverband. En dat zijn de eerste vijf minuten van de
film. Vervolgens krijgen we Carrie’s moeder te zien, een vrouw die
zichzelf blijkbaar beschouwd als een maagd die tegen haar wil werd
bezoedeld en nu met Carrie zit opgescheept als een constante
herinnering aan haar val uit de gratie van Christus; een Christus
en een God waarover ze spreekt met een soort vervoering die
trouwens enkel seksueel genoemd kan worden. Laat ons zeggen dat het
al snel duidelijk wordt dat Carrie geen lekkere, warme knuffels
uitwisselt met haar moeder voor een gezellig knisperende open
haard. Carrie’s moeder, gespeeld door een diabolisch geïnspireerde
Piper Laurie, sluit het meisje op in een kast, waar een
afschuwelijke, straffende Jezus vanop zijn kruis op haar
neerkijkt.

Seks loert vanuit alle hoeken naar de personages in Carrie; de
twee slechteriken, een meisje van de school van Carrie, Chris en
haar suffe vriendje, Billy Nolan, gespeeld door Travolta, worden
geïntroduceerd tijdens een agressief-seksuele scène in een auto.
Een ander meisje dat Carrie kent (Amy Irving), voelt zich blijkbaar
schuldig over wat er gebeurde tijdens het douche-incident en vraagt
haar vriendje, een sportfanaat die zo blond is dat je je afvraagt
of hij misschien flost, om Carrie mee uit te nemen naar het
schoolbal. De jongen gehoorzaamt, zoals het jongens betaamt, en
voor het eerst lijkt Carrie iets te ervaren dat op sociale
aanvaarding en seksuele belofte lijkt. Het loopt natuurlijk anders
af – Chris stort een emmer varkensbloed over Carrie uit, wat alweer
een seksuele referentie is, die niet alleen teruggrijpt naar de
openingsscène, maar daarmee ook lijkt te insinueren dat Carrie geen
recht heeft op seksuele volwassenheid of verlangens. Al die
frustraties, zolang opgekropt, vinden een afschuwelijke uitlaatklep
in de telekinetische krachten die tot dan toe zachtjes in haar
lagen te sluimeren.

De film behandelt dat thema, in connectie gebracht met God,
Jezus en dood, op een intelligente en doorgaans ook smaakvolle
manier. De acteurs zijn stuk voor stuk perfect gekozen, hoewel hun
personages doorgaans weinig meer zijn dan constructies die ten alle
tijden ter beschikking staan van de plot. Alle stereotypen van het
leven in een middelbare school zijn vertegenwoordigd, maar het
talent van de – overwegend jonge – acteurs maakt er echt iets meer
van.

Ik kan mij voorstellen dat DePalma zich rot heeft geamuseerd
tijdens het maken van deze film – buiten de gelegenheid zijn grote
voorbeeld Hitchcock na te bootsen, kreeg hij hier ook de kans om de
ouderwetse technieken van b-films uit de jaren vijftig liefdevol te
recreëren. Het split-screen procédé, de versnelde weergave van de
jongens die smokings passen, het theatrale gebruik van bombastische
muziek en de manier waarop de camera op bepaalde sleutelmomenten
maar niet kan ophouden met draaien… Het hoort allemaal thuis in
een andere wereld, die hier wordt herschapen door iemand die ervan
houdt.

De film verschilt maar op twee plaatsen duidelijk van het boek,
beiden aan het einde van het verhaal: eerst is er de
vernielingstocht die Carrie in het boek aanricht tijdens haar weg
naar huis na het schoolbal. Gebouwen worden opgeblazen, auto’s
crashen enzovoort. In de film werd die scène weggelaten, gewoon
omdat het budget het niet toeliet. Meer overwogen is wellicht de
keuze om de dood van Carrie’s moeder te veranderen. In het boek
liet Carrie haar hart zo snel kloppen dat het uiteindelijk gewoon
barste. Natuurlijk is dat moeilijk in beeld te brengen voor een
film, maar ook lijkt haar dood in de filmversie mij veel
toepasselijker – met allerhande messen gekruisigd in een
deuropening, gaat ze haar Jezus achterna.

Stephen King werd naar verluidt nogal gepest op school; ik denk
niet dat iemand die ‘Carrie’ ook gelezen heeft daaraan zal
twijfelen. Je voelt dat dit boek uit woede is geboren, uit de
frustratie van een vernederd kind. De film dempt de woede wat, om
plaats te maken voor een meer consequente intellectuele benadering
en een diabolisch gevoel voor humor. Mooi zo.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − twee =