Customs :: The Market

Dat Customs nooit de grote revolutie in de rockmuziek zal pionieren, wisten we al. Ook hun vorige plaat Harlequins Of Love was niet bepaald een baken van verlichting, al had het viertal met “The Matador”, “Shut Up, Narcissus”, “Harlequins”, “Rex” en “Justine” toch al bewezen een catchy radiodeuntje in elkaar te kunnen boksen. En nu staan ze er weer, met – tja – een misbaksel van een plaat.

We hebben er heel lang ons hoofd over gebroken, want van zo veel slechte smaak getuigden Kristof Uittebroek en kompanen nu toch ook weer niet. Nog maar eens The Market opleggen dan, en na afloop opnieuw vaststellen dat je je aan ieder nummer steendood hebt geërgerd. Tot het opeens daagde: dat moet een grap zijn – een grap die onbedoeld iets te ondoorzichtig bleek. Nog eens opnieuw luisteren, en dan hoor je het – alsof de Leuvense band tussen de lijnen door schreeuwt: “Luister nog eens goed naar Harlequins Of Love. Vind je dat slecht? Dit is echt slecht.”

Dan begrijpt een mens opeens waar Customs die absurde muzikale keuzes haalde. Het begin van opener “Love To The Lens” alleen al: veel meer camp kan je moeilijk krijgen. Een mierzoete cocktail van foute Pet-Shop-Boys-electropop en gay glamrock. En die lyrics: ”come on baby / time to start romance” of het ergerlijke, herhaalde ”come on now, click it / click it now”. Daarmee zal Uittebroek niet gauw een vrouw versieren. Het is het verhaal waar je als luisteraar in mee moet gaan: Customs zet zichzelf te zeiken, puur om een punt te bewijzen. Dat kan toch niet anders?

Hole In The Market haalt de mosterd bij Electric Six – die gitaren! – en grossiert in het soort vervelend brave poprock waar Bent Van Looy een patent op heeft. Het platgeproduceerde, vlakke “Are You With Me” wil eveneens zo weinig mogelijk mensen tegen de schenen schoppen. In “Love, You Don’t Scare Me Any More” lonken de Leuvenaars even naar Kings Of Leon – nog zo’n band die niemand nog serieus neemt. In het zielloze parlando van “Dear Ann (Worthless On The Market)” ergert een mens zich dood aan dat Belgisch-Engels accent dat Uittebroek opeens opdist. Het is duidelijk: Customs heeft z’n stinkende best gedaan om rock zonder smoel te maken, en is daar met verve in geslaagd. Ik bedoel: dat moet toch hun tactiek zijn?

Jaja, dat moet wel. Dat hoor je in hun teksten. Customs gaat het met momenten zelfs niet zo heel erg ver zoeken. In “Gimme Entertainment” gaat het van “give me some excitement” – dat is onomwonden toegeven dat je bagger aan het schrijven bent. Of deze: ”in just a matter of days / I’ll be a collection of drops / worthless on the market” (in “Dear Ann”) – legt overigens nipt de duimen voor “take a little journey to the center of the mind / ‘cause that is where the meaning of your words was left behind” in “Sea Of Chablis”. Uittebroek tegen zichzelf: “Kristof, jongen, waar ben je in godsnaam mee bezig?”Jaha, ze leggen het er gewoon vingerdik op. Draak van een titel overigens, “Sea Of Chablis”.

Ook elders denk je “dat kunnen ze niet menen”. Van de uitgemolken wassen-man-metafoor in “Dear Ann” tot het voortdurende rijmen-om-te-rijmen (”Is that a dagger in the corner of my eyes? / Is there a closet where you keep all of those lies?”): zum kotsen. Of de momenten dat Uittebroek zelfs de moeite niet meer wil doen om te rijmen: “When night turned into day, it gave away / A terrible display of my betrayal”.

Wel jammer voor Customs: wij vinden Harlequins Of Love nog altijd een sof, en The Market is een grap waar de punchline wel héél erg goed verstopt zit. Toch?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =