Treffender dan The Phoenix-tour kan het nauwelijks genoemd worden. The Scabs zijn inderdaad, na het jammerlijke overlijden van gitarist Willy Willy in 2019, als een machtige feniks uit hun as verrezen. In een bloedheet, uitverkocht cultureel centrum, speelden Guy Swinnen en de zijnen een dot van een try-outconcert dat net niet afklokte op een forse twee uur.
Less is more? Welnee, soms schieten uitdrukkingen er, als een blinde scherpschutter, ook stevig naast. Om maar te zeggen dat, al van in het prille begin, het plaatje volledig klopte: er stonden maar liefst zeven mensen op het podium. Uiteraard was het uitkijken naar Fabio Canini, de nieuwe gitarist die in de loodzware schoenen van Willy Willy moest stappen, maar diens gitaarspel was feilloos, bijvoorbeeld in openingssong “She’s Jivin”. Trokken verder, als een stofzuiger in overdrive, de aandacht: achtergrondzangeressen The Scabettes, die een mooie muzikale strik legden rond deze verschroeiende liveversie.
Ook toetsenist Patrick Cuyvers deed, onder meer met zijn rhodes-orgel, een stevige duit in het goedgevulde zakje van The Scabs anno 2026. Na het intense “Why”, hier veel steviger neergepoot dan de wat fletse studioversie, speelde laatstgenoemde, samen met Canini, mee de pannen van het dak in het dampende, op herkenningsapplaus onthaalde “I Need You”, compleet met langgerekte outro. Verdere wolkbreuken van songs? Na een nummer uit de plaat Sunset over Wasteland, met alweer een glansrol voor The Scabettes, kondigde Swinnen triomfantelijk aan dat het publiek gerust mocht meezingen met de jeugd op het podium, waarna het heerlijke “Don’t You Know” losbarstte.
Maar The Scabs hebben natuurlijk ook songs die niet zo scherp als een ruwe diamant zijn. En dus kondigde Swinnen later in de set, inmiddels met een folkgitaar rond zijn nek, “Crystal Eyes” aan. Of, in zijn woorden “het mooiste liedje dat The Scabs ooit gemaakt hebben.” Wellicht had hij een punt: ook live brak de slow behoorlijk wat potten bij het ganse publiek. Die lome slidegitaar! Die loepzuivere melodie! Dat magnifieke totaalgeluid! Ook zo mooi als een  zonovergoten lenteochtend: een duet tussen Swinnen en Naomi, één van de twee Scabettes en dochter van oorspronkelijk bassist Fons Sijmons, waarbij vooral haar krachtige stembereik opviel. Swinnen ruilde zijn folk- inmiddels in voor een semi-akoestische gitaar en kondigde zijn toetsenist met de nodige humor aan als “Emerson, Lake and Patrick Cuyvers”, waarna die op zijn orgel in het stampvoetende “Time” een moordend accurate partij speelde.
De zaal bereikte ondertussen zo zoetjesaan letterlijk en figuurlijk het kookpunt, maar de band dacht er nog geen seconde aan om vaart te minderen in deze hogesnelheidstrein van een concert. En dus knalde enkele songs later “Crime Wave” fris en fruitig uit de boxen. Nog zo’n klepper, massaal meegezongen door het publiek: überhit “Hard Times”. Tijdens “Nothing On My Radio” ontspon zich een mooi gitaarduel tussen Swinnen en Canini, op het einde nog extra ondersteund door een metershoge baslijn. Knap! Wat volgde: de obligate voorstelling van de band, waarna Swinnen en co, nog steeds met een torenhoge energie, “Robbin’ the Liquor Store” inzette; het laatste nummer uit de reguliere set.
In de bis nog het uiterst snedige “Matchbox Car”, de eerste hit van de band uit het verre 1983, en dan was het echt afgelopen. Die ene bis illustreerde heel mooi hoe de band geëvolueerd is: van snoeiharde punk in de beginjaren naar de betere rock. Dit try-outconcert had het allemaal: een setlist tjokvol afwisseling tussen bekend en minder bekend materiaal, een band die de energie had van een stel zestienjarige snaken op Red Bull en een mooi, vol totaalgeluid. Wel opletten dat u bij deze kersverse tour geen appelflauwte krijgt van zoveel moois én loeihards tezamen.



