Zelfs Onze Lieve Heer deed er niet zo lang over om te herrijzen. Na dik tien jaar is The Hickey Underworld terug met Cold Sun, maar het was het wachten waard. Het Antwerpse viertal kiest niet meer zoals vroeger voor de tactiek van de verschroeide aarde, maar album nummer vier is wel nog steeds intens genoeg om gaten te branden in uw tere communiezieltje.
The Hickey Underworld was doodgebloed na Ill uit 2015. Jonas Govaerts was al uit de groep moeten stappen wegens gehoorproblemen en dat laatste album was met behulp van Tim Vanhamel tot een stijlvol uitgerokken doodsreutel geworden. Daarna: stilte, en (niet te vergeten) een pandemie. Het was ironisch genoeg in die tijden van isolement dat de heren elkaar weer terugvonden. Plannen werden gesmeed, Govaerts’ medische toestand liet het weer toe om in een band te spelen en er werd back to formula gegaan: het oorspronkelijke kwartet is hersteld, Niek Meul spart als vanouds als producer, de video’s zijn weer smerig wansmakelijk en het artwork is opnieuw van een anderwereldse psychedeliteit. Die wazige kat is van de hand van Aleksandra Waliszewska, een Poolse artieste die eerder al voor Nick Cave werkte en zich niet in geld, maar verfborstels liet uitbetalen. Dat is zo weird als het klinkt, maar afgelikt is er al genoeg op radio en tv. Nu is het weer tijd voor een streepje trash.
Zo hard uithalen als vroeger doen ze echter niet meer – geen erg, Ronker vervult die rol tegenwoordig met verve – maar The Hickeys klinken nu gestroomlijnder – met meer finesse, messcherp als na uren in de Basic Fit te hebben doorgebracht. Dat is meteen ook de reden waarom er na de twee singles “Wall On The Fly” en “Living On Big Foot” uit 2023 toch weer even een pauze volgde. De eerste rookpluimen waren opgelaten, maar voor een nieuw album moest alles juist zitten. Dat moment is nu gekomen en met een tank vol zelfvertrouwen en een rugzak vol goede songs brengen ze met Cold Sun een plaat even solide als een monoliet die glad geërodeerd als door een “Constant Wave On A Rock”. Het is in deze opgefokte bolide van een song dat de invloed van Younes Faltakhs Arabnormal-project zich het hardst laat horen en de brug tussen THU 1.0 en 2.0 succesvol wordt overgestoken.
Er wordt veel gespeeld met dynamiek: “Cold Sun” demarreert van bij de start om daarna te surplace’n en zich weer machtig op gang te trekken. Verveling was iets van gisteren en we zijn vertrokken voor een dollemansrit, die zonder veiligheidsgordel langs “Capt. Fragile” scheert tot aan een ronduit smerig “Oligargoyle”. Tussenin passeren we nog langs een hoekig “Bloody Muscle Builder in Hell” – van het type een rechtse hoek op uw kaaklijn welteverstaan – de kopstoot van “Euromancer” en zowaar een rustpunt in de vorm van “Keep”. In die laatste komt het duidelijkst naar voren dat The Hickey Underworld tegenwoordig ook in melodieën grossiert, al moet u ze – zoals in het titelnummer – soms diep gaan zoeken onder de noise.
Cold Sun is niet meer The Hickey Underworld van de eerste twee platen. In dat opzicht is dit album vergelijkbaar met Sciencing van Millionaire, dat er ook pas kwam na een lange stilte. Ook die langspeler getuigde plots van een Volwassen Geluid, vroeg om aanpassingstijd, om dan toch te transformeren in een slow burner. Twintig jaar ver in hun carrière bevindt The Hickey Underworld zich niet meer in de steile klim die alle hemelbestormers kenmerkt, maar eerder op een hoogplateau van kwaliteit. Waar ze thuishoren.




