Ari Aster dankt zijn faam aan twee horrorfilms – Hereditary en Midsommar – maar keerde vervolgens met het absurd-donkere Beau is Afraid terug naar een kortfilm die hij draaide in 2011. Met Eddington gaat hij verder op die ingeslagen weg: dit is een surrealistische mengeling van komedie, maatschappijkritiek en karakterstudie met net zoals in de voorganger alweer een schitterende Joaquin Phoenix in de hoofdrol.
Eddington speelt tijdens de coronacrisis in een klein gelijknamig stadje in New Mexico, alwaar de lokale sheriff (Phoenix) het stevig aan de stok krijgt met de lokale burgemeester (de alomtegenwoordige Pedro Pascal). Terwijl de buitenwereld langzamerhand lijkt zijn intrede te doen in het geïsoleerde Eddington – de pandemie maar ook Black Lives Matter-protesten – takelt de mentale gezondheid van sheriff Joe Cross (tjonge, wat is Phoenix goed) steeds verder af en broeien er duistere dingen onder het schijnbaar vreedzame oppervlak van de lokale gemeenschap.
Dat alles lijkt de aanzet voor een hyperrealistisch drama, ware het niet dat Eddington speelt in een soort licht surrealistisch symbolisch landschap waarin gebeurtenissen een donker grappige en allegorische betekenis krijgen. Geholpen door een bijzonder sterk geluidsdesign en soms bevreemdende fotografie, wordt een wereld geschapen waarvan we nooit helemaal zeker zijn of we die nu moeten lezen als reëel dan wel als enkel bestaande in het hoofd van de getormenteerde protagonist. Er zijn talrijke verwijzingen naar gebeurtenissen uit 2020 – inclusief een cruciale link met het Kyle Rittenhouse-incident, maar evenzeer zit alles ingebed in een rijk veld aan filmische referenties: een beeld dat opgezet is als een hommage aan First Blood en de daaraan gekoppelde Rambo-mythologie, verweeft de persoonlijke frustraties van de sheriff met ideologisch gedachtengoed dat sterk ingebakken zit in de Amerikaanse culturele psyche en dat volgens de these van de film onvermijdelijk tot confrontatie en geweld leidt. Het is die ongezonde verstrengeling van het persoonlijke en het breder maatschappelijk-ideologische die dan ook de kern van de film vormt: de botsingen tussen mensen onderling en de wonden die daardoor nagelaten worden, vinden een vruchtbare voedingsbodem in complotdenken en wij-zij-beeldvorming. In Eddington wordt dat idee gekoppeld aan de donkerste kanten van ‘Americana’ en cultuur.
Zoals bijna onvermijdelijk bij Aster worden de troeven van zijn werk wat tenietgedaan door soms al te nadrukkelijke herhalingen en problemen met het vertelritme. Niettemin is wat overblijft sterk genoeg om twee en een half uur lang te boeien en ons binnen te trekken in een broeierig en ultiem, zelfs griezelig universum waarin we de duistere kanten van mens en maatschappij op vervormde wijze weerspiegeld zien.
Bevat in ieder geval een van de sterkst vertolkte scènes van het jaar: let op het subtiele acteerspel van Joaquin Phoenix en zijn gebruik van gelaatsmimiek wanneer hij op een luidruchtig feestje een veeg om de oren krijgt van de burgemeester.



