Absynthe Minded :: ”Alsjeblief, laat ons terug gaan naar nul social distancing”

“Natuurlijk hopen we dat we onszelf zo herlanceren”. Bert Ostyn is er de man niet naar om te liegen, maar er is meer reden voor Saved Along The Way – The Best Of Absynthe Minded dan het nakende einde van de lockdown. Dat het ongeveer twintig jaar geleden is, dat hij mensen rond zich vond om die liedjes die hij op cd-r’s brandde ook live in te kleuren, bijvoorbeeld, en Absynthe Minded een band werd. James, een terugblik!

Bert Ostyn: “Zo is het echt begonnen: cd-r’s onder de naam ‘Absynthe Minded’ waarop ik mijn liedjes brandde en die ik vervolgens aan vrienden en kennissen uitdeelde of zelfs verkocht. Zo ontmoette ik (violist, mvs) Renaud Ghilbert, die erg enthousiast was over wat ik deed. Hij kende vervolgens Sergej Van Bouwel, die kon bassen, ik vond met Jan Duthoy een pianist en plots waren we een band. Renaud kon zelfs een manager te strikken, want hij verdiende al geld als professionele muzikant; hij wist hoe de muziekbusiness werkte. Ik keek erg naar hem op. Met ons vieren hebben we onze eerste optredens gegeven.”

“Dat is waar het voor mij allemaal echt is begonnen. Toen kon je in Gent nog zes dagen op een rij in een ander café spelen. Nu bestaat dat circuit niet meer, is alles veel strakker georganiseerd, terwijl het daar is dat ik alles heb geleerd. Door het te doen, kreeg ik in de vingers wat echt zingen was, hoe je een concert gaf. En heel snel voelden we dat mensen apprecieerden wat we deden. We konden hen opzwepen, vrolijk maken, doen dansen, …”

“We bestonden nog maar net, maar we mochten al mee als voorprogramma van The Real Ones door Noorwegen. We belandden met hun producer in een studio in Oslo en namen er “Pretty Horny Flow” op. Dat was de eerste aangename studio-ervaring die we hadden. Alles was spannend en nieuw; een avontuur. Ik heb heel goeie herinneringen aan die tijd, dus dat nummer moest absoluut ook op deze best of.”

“Een volgende mijlpaal was hoe Tom Barman zich in MaoMagazine outte als fan. (lacht) Dat hadden we te danken aan een legendarisch optreden in De Kaaiman in Antwerpen. Die avond had ik voor het eerst het gevoel dat er iets aan het gebeuren was. Tommy was daar, heel wat mensen uit zijn entourage, iemand van EMI die ons wilde tekenen, …. Er was een buzz. Plots kwam de ene stap na de andere. We hebben toen Acquired Taste opgenomen en ondertussen deden we in 2004 ook nog mee aan Humo’s Rock Rally. Daar hadden we trouwens over getwijfeld, aangezien dat debuut op uitkomen stond, maar onze manager vond het goed voor de aandacht. Ik denk dat dat klopt, maar natuurlijk waren we niet meer zo’n beginnelingen als The Van Jets, die zouden winnen, maar nog nauwelijks live-ervaring hadden. Wij wel, en ik vermoed dat je dat wel aan ons zag op het podium stonden – we waren destijds vrij arrogant. Maar dat we niet wonnen, hebben we nooit erg vonden. Achteraf gezien maakt het ook niet uit; Madensuyu en Milow stonden ook in die finale zonder te winnen en maakten het ook.”

New Day, onze tweede plaat, was er nauwelijks een jaar na de eerste. Dat heb ik toen echt zo gewild. Van zodra Acquired Taste was opgenomen, wilde ik vooral doorgaan: zestien nummers, waaronder “My Heroics, Part One”. Niet dat dat een evidente single was. Later kreeg dat dan de status van ‘beste single van het decennium’ en wat nog meer, maar eerst wilde men het niet draaien. Heel traag steeg het nummer echter in De Afrekening, werd het her en der opgepikt. En plots, na een lange aanloop, was het een hit en waren we van een groep met een prettige live-reputatie naar een met liedjes op de radio. Dat versterkte elkaar.”

Harde les

“Van 2004 tot 2006 stopte het niet. En toen tekenden we bij Universal, namen There Is Nothing op en was het gedaan. Slechte albumtitel, misschien. (lachje) We voelden ons nog klaar voor meer, hadden een te gekke lichtshow klaar, wilden een volle zomer spelen, maar de singles draaiden niet. Dat was een harde les. “Je hebt het niet onder controle”, leerden we. Een jaar later ontsloeg Universal de man die ons had getekend en zaten we zonder platencontract. We zijn toen in alle vrijheid en met eigen geld naar Parijs getrokken om er op te nemen met Jean Lamoot, een geweldige producer en componist. Absynthe Minded, de plaat die daar uit kwam, was vooral bedoeld als zelfbevestiging; dat we toch goed bezig waren. Door “Envoi” werd het ons grootste succes ooit, maar ook singles als “Moodswing Baby” en “Papillon” deden het goed. Het jaar nadien tekenden we bij Universal Frankrijk en hebben we heel veel opgetreden, zowel hier als in het buitenland. Ongelofelijk hoe één nummer het tij toen heeft gekeerd.”

“Plots wonnen we MIA’s. Dat was raar. In die jaren was Absynthe Minded voor ons een levensstijl: op avontuur gaan, busje in, optreden, cameraderie, … Onze focus lag op goeie optredens geven, nieuwe mensen leren kennen, feesten en dan weer inspiratie opdoen en nog een album maken. Die dynamiek moest voor ons nooit stoppen. Over de MIA’s dachten we weinig na. Pas achteraf heb ik beseft wat voor een belangrijk moment dat is geweest; in primetime gelauwerd worden, en dan niet zomaar een beetje, maar ‘beste album’, ‘hit van het jaar’, ‘beste band’, … Nu zie ik hoe chic dat was, maar toen? We hebben daar gewoon goed gefeest. We hadden genoeg vrienden op de guestlist mogen zetten.” (grinnikt)

“Daarna? Daarna… Onze buitenlandse ambitie werd alleen maar groter en het was de bedoeling om van Frankrijk ons tweede thuisland te maken. We zaten bij AZ Records, een heel onconventioneel sublabel van Universal Frankrijk dat werd geleid door de flamboyante Valéry Zeitoun, een echte old school muziekbusinesspief. Men werkte daar heel hard voor ons. Er werd ongelofelijk veel promo voor ons gevoerd, we mochten heel veel optreden en dus begonnen we aan ons vijfde album: As It Ever Was. Ik vind nog altijd dat die plaat heel goed klinkt. “Space” en “End Of The Line” zijn nog steeds favorieten van me. We namen op in een heel dure studio in Parijs en met Adam Samuels hadden we ook een goeie producer gevonden; ‘t was een ambitieuze plaat. We filmden zelfs een videoclip in São Paulo, ook al met heel bekwame mensen. We zaten op een trein die ergens toe moest leiden.”

“En toen is het ons een tweede keer overkomen. De plaat kwam uit en ongeveer tegelijk werd Zeitoun door Universal op staande voet ontslagen. “Space” werd nog een beetje gedraaid, we werkten een stevige tour af – acht landen in twee weken – en toen was het gedaan. Alle steun viel weg en er werd geen promo meer gevoerd voor de lange Franse tour die was geboekt. Zalen die we drie jaar eerder uitverkochten, waren plots maar half gevuld. Het was de tour te veel, het begin van het einde. Toen zijn heel wat persoonlijke conflicten opengebarsten die al jarenlang sluimerden. We zijn toen gestopt, ik heb een soloplaat gemaakt en bij de interviews daarrond ben ik eerlijk geweest: er zou niet direct een nieuwe Absynthe Minded-langspeler zijn.”

Hoofd en hart

“Die cameraderie? Na elf zeer intense jaren was die geërodeerd en dan zijn daar nog wat dingen bovenop gekomen waar ik minder graag over praat – omdat ze heel weinig met muziek te maken hebben. Een breuk met ons management, bijvoorbeeld, waarvan de afloop pas onlangs voor de rechter is afgesloten. Natuurlijk kwam die kameraadschap dus onder druk. Er is een periode moeten overgaan van totale radiostilte. Die soloplaat, No South Of The South Pole, was een manier voor mij om vooruit te gaan toen de groep geen optie meer was. Ik heb het toen wel moeilijk gehad. Uiteindelijk ben ik toch weer met Sergej in gesprek gegaan over nieuwe nummers, beslisten we de boel opnieuw op te pikken met drie nieuwe muzikanten. Jungle Eyes, dat daar uit is gekomen, was een album dat heel erg om de muziek draaide; er was geen verhaal, het ging niet om imago; daar ben ik best trots op.”

“Daarom staan er op Saved Along The Way drie nummers van op die plaat. “The Execution” moest er op, want dat was de eerste single waarmee we na dat hiaat terug waren gekomen. “Beam” werkt live goed en is best populair, dus mochten we ook niet negeren, … Ach, de selectie is wat het is. Er staat op deze verzamelaar ook niets van op There Is Nothing. Het is een tracklist die hoofd en hart probeert te verenigen; een echte best of. En het is ook gewoon zo dat we met die laatste platen meer airplay hebben gehad dan voordien. Geen enkel nummer van op Acquired Taste is echt een hit geweest, maar “I Am A Fan” moést er op, want niets vat beter het DNA samen van die eerste bezetting.”

“Er is al een best of van Absynthe Minded; Fill Me Up, uit 2010. Dat er nu weer één komt, heeft niet eens zoveel met de coronacrisis te maken; de groep is nu ongeveer twintig jaar geleden opgericht, dat was reden genoeg. Sowieso hadden we het gevoel dat we met de nieuwe bezetting – met Laurens (Dierickx) op piano en Isolde (Lasoen) op drums – wat aan het terugkeren waren naar de basis, het akoestische jazzy geluid van de beginjaren. Zoals altijd reageer je op wat je op je laatste plaat deed en blijkbaar sloeg de pendel na de psychedelische seventies-achtige vibe van Riddle Of The Sphinx blijkbaar die richting op. Het was een goed moment om nog eens terug te blikken en ik ben ook blij dat met de nieuwe single “Saved Along The Way” ook de nieuwe bezetting zijn handtekening op deze verzamelaar heeft kunnen zetten.”

“Natuurlijk hopen we met deze best of onze eigen relance op gang te kunnen trekken. Want ik voel en weet wel dat het momentum voor Riddle Of The Sphinx, dat nog geen jaar uit is, voorbij is, maar we zijn wel klaar om opnieuw de baan op te gaan. We zijn van plan vanaf december opnieuw te spelen en als er in de zomer nog iets uit de bus valt, dan zien we het wel. Vorig jaar hebben we enkel in het Rivierenhof kunnen optreden en daar kijk ik met gemengde gevoelens op terug. We hebben daar al zo vaak gestaan en dat is normaal vollen bak. Nu voelde het zo klinisch dat ik het bijna geen concert vond. We hadden daar zo hard naar toe geleefd, gerepeteerd en dat was het dan: met al die afstand, die bubbels, … Het was een ervaring, meer niet. Voor Laurens was het een van de eerste optredens met ons, en hij vond het zeer moeilijk. We hebben met hart en ziel gespeeld, maar alsjeblief, laat ons terug gaan naar nul social distancing.”

Polonaisenummer

“Heb je het gevoel dat Absynthe Minded sinds onze pauze meer voelt als Bert Ostyn met band? Ik heb nochtans áltijd gezegd dat ik in een band wil spelen. Ik wil geen frontman zijn. Maar dat wil niet zeggen dat ik niet altijd veel verantwoordelijkheid op mij heb genomen, ook in de samenwerking met die toenmalige manager. Nu ook; ik heb Jan, Jakob (Nachtergaele, voormalig drummer, mvs) en Renaud een mailtje gestuurd over deze best of, zodat ze van mij hoorden dat die er aan kwam, en Jan heeft me een heel tof bericht teruggestuurd dat hij Liefde voor muziek aan het volgen was en er wat nostalgisch door werd, en ook Jacob heeft gereageerd.”

Liefde voor muziek; da’s ook zoiets wat ik vijftien jaar geleden absoluut niet cool genoeg had gevonden, maar daar gaat het mij nu niet meer op. Eigenlijk vind ik het wel tof dat ik in deze rare periode een gigantische verbreding heb gerealiseerd. (grijnst) Ik had me nooit kunnen voorstellen hoe Willy Sommers van “Beam” een polonaisenummer zou maken, ik viel van mijn stoel. Maar het is hem gegund, ik hoop dat hij er een dikke hit mee scoort.”

“En ja, er zijn daar toch wel (proeft het woord) vriendschappen gegroeid. Dat ik op “Sporen” meezing van Tourist LeMc z’n nieuwe plaat is daar een gevolg van. Johannes is eerder introvert, hij overdenkt heel hard wat hij zegt, maar daar hou ik wel van. En ik blijf een muzikant, ik wil spelen. Toen hij me vroeg om iets te proberen, deed ik dat dus graag. Mooi beeld hé, dat ‘stukske papier’. Toen ik dat hoorde, wist ik meteen wat het moest worden. Zo gaat het vaak, ook als ik in het Engels schrijf. Als ik een goeie eerste zin vind, dan weet ik dat het goed komt. En dat ‘scheur een stukje van mijn ziel’, was zo’n zinnetje.”

“Ik blijf altijd schrijven, ook nu, in deze periode. In het begin van de lockdown had ik het moeilijk om nog iets gemaakt te krijgen, maar dat is veranderd. Onder andere door het besef dat ik het al bij al niet zo slecht heb. Je wapent jezelf op die manier, want op het einde van dag wil je toch het gevoel hebben dat je iets hebt gedaan. En dat kan ik wel; de knop omdraaien en iets maken. Of het iets voorstelt, zie ik nadien wel. Maar qua teksten is het nu niet gemakkelijk. Vroeger schreef ik veel op de trein, als ik onderweg was, of ik ging op café en kwam met anekdotes thuis. Dat ontbreekt nu; een mens maakt weinig mee.”

Terug naar de kern

“Uiteindelijk blijft het altijd neerkomen op de droom van de veertienjarige die ik ooit was en die besloot voor de muziek te gaan. En als het niet voor Absynthe Minded is, dan maak ik wel iets voor een film of werk ik samen met een andere artiest. Dat doe ik namelijk graag. Maar eerst en vooral de band. Onlangs waren we nog eens samen voor een fotoshoot en ik voelde hoe veel goesting we hadden om er opnieuw in te vliegen. Ik heb echt zin in de toekomst. Zelfs al moet ik nog geduld hebben, ik kan niet wachten tot we weer mogen. Want ik ben zeker dat, als we dit overleven, alles dubbel en dik terugkomt. Mensen gaan opnieuw concerten willen. Desnoods in kleinere omstandigheden, want wij kunnen altijd terug naar de kern van wat het ooit was: de jazz en het akoestische. Ik wil sowieso heel graag nog eens de theaters in, met een echte buffetpiano op het podium en ga zo maar door; de pure kern van wat Absynthe Minded is omarmen. Het is onze sterkte dat wij in vele omstandigheden gedijen, ook als het minder groot is, en ik vind het wel mooi om nu een overzicht te hebben en te beseffen dat er ook een toekomst is voor Absynthe Minded – zelfs in deze moeilijke periode.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien + 10 =