Reijseger Fraanje Sylla :: We Were There

Dit trio ging z’n langverwachte derde album normaal voorstellen op 12 maart 2020, maar u weet wat er toen gebeurde. Wat later dan maar. We Were There laat ondanks de vijf jaar sinds Count till Zen geen grote verschuivingen horen, al heeft die vaststelling ongetwijfeld te maken met de zo herkenbare sound van het trio, dat een heel eigen hoekje afgebakend heeft.

“We don’t pronounce genres anymore”, zegt cellist Ernst Reijseger in een promofilmpje voor We Were There, en die uitspraak houdt wel steek. Je plakt er gemakshalve labels op als kamermuziek (door de instrumentatie), jazz (door de vrijheid) en Afrikaanse invloeden (door de aanwezigheid van Sylla), maar het trio heeft intussen een heel eigen taal ontwikkeld waarvan het mooiste aspect ongetwijfeld de gelijkwaardige inbreng van de drie leden is. Stokjes worden voortdurend doorgegeven, verantwoordelijkheden gedeeld. In deze band is niemand vervangbaar. De groepssynergie (stukken belangrijker dan het stilistische kader waar ze in thuishoren) is daarvoor te uniek. 

En het gevolg van meer dan een decennium samen spelen met opvallend weinig nood aan repetities, want een idee, een melodie of een flard volstaat vaak al om er een coherent stuk muziek van te maken. Het aanbrengen van composities is ongeveer gelijkwaardig verdeeld en bepaalt voor een stuk mee wie leidt, of nee: wie zorgt voor houvast. Dat kan met een herhaald motief zijn, een paar simpele akkoorden of een aanhoudend ritme. De rest van de puzzelstukken volgt vanzelf. Je kan geen beter voorbeeld van die aanpak vinden dan de bedwelmende opener “Boulmamine”. Een ontwaken met rinkelende percussie, iele strijkstokvegen en dwarrelende pianonoten. Een melodie op mbira van een haast kinderlijke eenvoud. Een slaaplied zoals enkel dit trio het kan spelen, onbevangen en vrij, een elegante muzikale dans.

Sylla’s “Xeeg” maakt de blues vervolgens directer dan ooit tevoren, met vooral een vrije rol voor Reijseger, die een vrijgeleide krijgt om te doen wat hij wil, franjes en accenten voorziet, kleurt met een 48-delige set zonder patserig gedoe. Beweeg je verder naar de buik van het album, dan neemt de bedachtzaamheid het over. Fraanje’s “51” is een en al woordeloze, filmische melancholie, zijn “Bodensee” een brok impressionistische dromerij. En als Reijsegers “Landscape Of The Soul” goed is voor een stukje ‘klassieke’ RFS-trance, dan lijkt het wel alsof het zwierige “Charlotte” een optelsom wil maken van het voorgaande. “Albatross”, een stuk dat de pianist ook al aanbracht bij Mats Eilertsen, beschikt over een gepaste titel. Het vliegen, de onbekommerde vrijheid, spat er vanaf.

Maar het doet ook deugd dat Sylla’s “Koluté” de ingetogenheid even opzij zet en de speelsheid terug binnen brengt in het album, ook al gebeurt dat dan erg sober. Mooie bonus is dat het trio nog een gevarieerde finale in de aanbieding heeft, met drie stukken van Reijseger die elk een andere gedaante, of een andere tint, van de band laten horen.  Regisseur Werner Herzog, die de muzikanten al herhaaldelijk inschakelde voor soundtracks, schreef “What has been strange becomes familiar. And what has been familiar acquires the glow of mystery”, en nergens is dat meer van toepassing dan op de intense klaagzang “Biruta”. “Raykwela”, een stuk dat zelfs dateert van voor het eerste album, zal bekend klinken voor wie de band ooit live aan het werk zag. Het is een oorwurm die met een ongeveinsd optimisme durft dartelen. Onweerstaanbaar. En bovendien een mooi contrast met het ongrijpbare slotakkoord “Were You There”, dat de stemkleur van Sylla’s stem ten volle uitspeelt.

Wie hen al zag, wist het al, en het wordt ook nog eens gesuggereerd door de hoesafbeelding. Dit trio is een hechte eenheid, een orgaan met een luid bonkend hart, dat kan teren op een empathie die voorbij bladmuziek gaat. Sommige bands werken er jaren aan om het te bereiken, anderen krijgen het nooit te pakken. Bij Reijseger, Fraanje en Sylla is het hun grootste, meest waardevolle troef, en dat levert, alweer, een pracht van een plaat op.

Het trio speelt 16.09 in kunstencentrum nona (Mechelen), met Kabas als voorprogramma. Er zijn nog enkele tickets beschikbaar.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − drie =