Altijd boeiend wanneer een animatiefilm meer doet dan alleen entertainen. Hola Frida! geeft jonge kijkers een eerste kennismaking met de iconische Mexicaanse kunstenares Frida Kahlo, in een speelse en vooral kleurrijke stijl. Waar de biopic Frida (2002), met Salma Hayek in de hoofdrol, vooral het volwassen publiek aansprak, verschijnt ze nu voor het eerst als animatiefiguur in een film op kindermaat. De Frans-Canadese regisseurs Karine Vézina en André Kadi schetsen het leven van de zesjarige Frida in een fantasierijke en cultureel doordrenkte vertelling voor jonge kijkers vanaf zes jaar. Gebaseerd op het kinderboek Frida, c’est moi van Sophie Faucher en illustrator Cara Carmina, werd deze langspeelfilm in 2024 samengesteld uit een eerder verschenen miniserie van zes afleveringen.
We maken kennis met Frida in het zonnige Coyoacán, Mexico, waar ze haar dagen vult met tekenen, spelen met haar straathondje Chiquita en het verzinnen van fantastische werelden vol Azteekse symboliek. Wanneer ze plots getroffen wordt door polio – een kantelpunt in haar leven – komt haar fantasiewereld noodgedwongen pas écht tot leven. Zo ontmoet ze La Muerte, een symbolische personificatie van de dood, en leert via haar denkbeeldige vriendin hoe ze om kan gaan met haar handicap, verdriet en anders zijn.
De film kiest bewust voor een toegankelijke toon: de tragiek uit Kahlo’s leven wordt niet verbloemd, maar wel zacht verpakt. Muzikale intermezzo’s, originele liedjes van Olivia Ruiz en de aanstekelijke slogan “¡Eh, viva la vida!” zorgen ervoor dat de sfeer hoopvol blijft – ondanks het thema. Het is een slimme zet: Hola Frida! introduceert op een respectvolle manier complexe thema’s als pijn en zelfontdekking aan jonge kijkers zonder hen te overspoelen. Het animatiemedium blijkt een ideaal kanaal om Kahlo’s levendige innerlijke wereld te verbeelden. In deze film is het geen donkere surrealistische droomscène die haar gedachten tot leven brengt, maar kinderlijke verwondering en een flinke dosis girl power.
Visueel zit de film vol warme tinten en een duidelijke liefde voor de Mexicaanse cultuur, van
haar Zapoteekse roots tot subtiele verwijzingen naar haar latere schilderkunst. Toch staan haar kunstwerken zelf niet centraal. Hola Frida! kiest resoluut voor een narratief dat haar kindertijd verkent, een verhaal over veerkracht en vormende ervaringen. Pas op het einde komt het tweede grote incident in haar leven aan bod, als opstap naar haar latere pad. Dit is geen film over de kunstenares Frida, maar over het meisje dat ze ooit was. Die keuze maakt het einde wel opvallend didactisch. Na het luchtige verhaal van kleine Frida voelt de sprong naar haar volwassen persona plots gehaast aan, alsof er nog snel een brok informatie meegegeven moest worden. Begrijpelijk dat men zich focust op haar jeugd, maar ergens is het toch jammer dat haar kunst, hét symbool van haar nalatenschap, zo weinig in beeld gebracht is.
Hola Frida! is bovenal een liefdevol portret van een jong meisje dat uitgroeit tot een vrouw met een stem. Een ideale kennismaking met Frida Kahlo voor jonge kijkers én een reminder voor volwassenen waarom haar verhaal blijft inspireren.



