Poppy :: I Disagree

Ze post filmpjes waarin ze met een basilicumplant praat of waarin ze 666 keer “I’m Poppy” zegt op 10 minuten tijd. Ze heeft gebroken met haar muzikale partner omdat hij haar steeds afdreigde met zelfmoord plegen. En ze klinkt als een kruising tussen een Billie Eilish van de Zeeman en (Baby)metal. En oh ja: met haar gitzwarte bubblegumpop trekt Poppy binnenkort op tournee met Gojira en Deftones.

Wees gerust: nee, wij snappen het ook niet.

En toch moeten we hier een Mening over kunnen vormen. Misschien moeten we ons er goedkoop van af maken en even wachten tot na haar concert van 18 maart in de Botanique. Maar eerlijk: She wouldn’t care. Na China, Rusland, Trump en de trollen, “MP” of niet, die in naam van het Vlaemsche Volk twitteren en tetteren, is er niemand die zo ijverig fake news het internet (haar “huis”) in blaast als Poppy, of alles wat over haar verschijnt als fake news afdoet (“Hoe oud ik ben? Geen enkele datum op mijn Wikipediapagina klopt. Kan me niet schelen.”).

I Disagree is de derde plaat van het (zucht) genderneutrale en (zucht) “alles behalve menselijke” alter ego Poppy, gecreëerd door Moriah Pereira. Haar eerste plaat, Poppy.Computer, was meer een lunapark vol irritante kleuterpop dan een plaat vol songs. Op haar tweede plaat begon haar zoektocht naar een eigen identiteit vorm te krijgen, met meer stekelige nummers en hooks die van “catchy” en “irritant” zusjes in het synoniemenwoordenboek maakten. Daarbij kreeg ze hulp van Diplo, Kate Nash (toch iemand die dus kan bevestigen dat Nash nog leeft) en Grimes (met wie ze later kletterende ambras kreeg).

Opvallen deed ze meer met filmpjes op YouTube dan met haar muziek. Kernwoord daar: vervreemding. Hallo, Billie? Niet echt. Poppy was Eilish enkele jaren voor en kan bezwaarlijk een grote invloed op Eilish genoemd worden: aan eigenheid en een Visie die alles in haar universum met elkaar verbindt bij die laatste tenminste geen gebrek. Bij Poppy wel, in die zin dat haar platenfirma die filmpjes liever niet zag verschijnen omdat ze voor een te flou imago zouden vormen bij de popmuziek die ze Poppy zagen maken. De vervreemding zat ‘m erin dat we haar bijvoorbeeld minutenlang een suikerspin zagen eten, waarbij haar smakgeluiden duidelijk niet synchroon liepen met het beeld. Of waarin ze, wegkijkend van de camera en tegen een unheimliche achtergrondmuziek, oneliners debiteert als “My telephone defines me. When it’s dead, so am I.”

Bevreemdend dus, een rijkere emotie dan de onverschilligheid die haar platen opriepen. Tot nu. Want haar zoektocht naar een eigen muzikale identiteit loop verder langs het bergpad van de metal. Daar is haar vermeende relatie met Ghostemane, die rap op een haast niet te harden manier mixt met death en black metal-invloeden (waarom toch?), wellicht niet vreemd aan. Maar een metalplaat pur sang is I Disagree allerminst.

Dat toont het curieuze openingsnummer “Concrete” (“Bury me six feet deep / Bury me in concrete / Turn me into a street”) al aan, waarin ze op een minuut van nu metal-riffs, naar bubblegum pop, over baby metal naar Australische soap-pop en Japanse K-pop dendert. Horen is geloven. Willen horen is nog iets anders. Maar het intrigeert, zeggen we dan. “I Disagree” herbergt ook een verloren Korn-riff van twintig jaar geleden, maar sust al snel met een razend melodieus refrein. “Bloodmoney” klinkt alsof (horresco referens) Skrillex metal riffs door z’n blender heeft gehaald. In “Anything Like Me” klinkt Poppy écht als een Billie Eilish die op Graspop staat. Een fantastisch popnummer dat wringt, wrijft en ontregelt met de juiste distortion. Maar ook hier komt ze halverwege weer even sussen en zalven, al is dat maar van korte duur.

Dit een metalplaat noemen is dan ook de waarheid (en het genre) geweld aandoen. “Fill The Crown” is meer tinnen rock, “Bite Your Own Teeth” weet zich als song geen blijf met een (goeie) metalriff, en de tweede helft van de plaat is niet meer dan perfectionering van het geluid van haar tweede album. “Nothing I Need” is een b-kantje van Robyn, “Sit/Stay” wil K-pop een rafelig randje geven, “Sick Of The Sun” is droompop en “Don’t Go Outside” eindigt nog met een heavy metal-solo die meer pastische dan meerwaarde is.

Het grootste metalaspect is het enorme venijn dat vooral in de eerste helft van de plaat zit. Poppy schreeuwt en snauwt als een demon child dat haar demonen wil uitspuwen. Tragisch dan ook dat dat venijn vooral gericht is op de even labiele als onbetrouwbare Titanic Sinclair, die een deel van deze plaat nog mee schreef voor zij zijn gedweep met zelfmoord om haar onder druk te zetten beu werd. We verzinnen dit helaas niet. Dat is het ‘m ook met I Disagree: met ook de geest van Marilyn Manson, een goede vriend van haar, die rondwaart op deze plaat, kun je je niet van de indruk ontdoen dat dit album in elkaar is gebricoleerd door een hoop dubieuze figuren met wel wat ideeën, maar zonder visie, met wel wat talent maar zonder (zelf)kritiek.

Dat uitstékende bands als Gojira en Deftones haar mee op tour nemen, is dan ook op het eerste gezicht van de pot gerukt. Al kan ze op 18 maart in de Botanique natuurlijk ook knalhard het tegendeel bewijzen. U zult ons er zien staan, intrigerend als Poppy is. Maar intrigerend is vaak hetzelfde als “speciaal”: een beleefde omschrijving wanneer u bij vrienden de voorgezette schotel echt niet lust, maar dan toch met lange tanden opeet. Wat we écht van Poppy moeten vinden, vragen we wel aan onze basilicum.

Poppy speelt dus op 18 maart ten dans en ten headbang dan maar in de Orangerie van de Botanique.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 + vijftien =