Star Wars: The Rise of Skywalker

Was Star Wars in 1977 (toen nog niet gekend als Star Wars – Episode IV: A New Hope) een rebels B-filmpje dat probeerde om de energie en avontuurlijke pit van reeksen uit de jaren vijftig en prenten uit de jaren dertig van de vorige eeuw, nieuw leven in te blazen, dan is The Rise of Skywalker anno 2019 precies het omgekeerde: een logge, fantasieloze mastodont van een film die zich wentelt in nostalgie naar het eigen verleden – en dan hebben we het niet over de archiefbeelden van wijlen Carrie Fischer – en geen greintje charme of creativiteit meer bezit. De negendelige Star Wars – saga (de spin-offs niet meegerekend uiteraard) komt daarmee tot een eind en dat is verdomd tijd ook: het enige gevoel dat je bekruipt bij het bekijken van dit sluitstuk is dat het dringend nodig was dat iemand de zieltogende reeks uit haar lijden verloste.

Het verhaal – voor wie het nog een jota interesseert – pikt de draad op na The Last Jedi, al moet u vooral niet te veel causaliteit verwachten. Bij de start wordt alles immers over een andere boeg gegooid en blijkt keizer Palpatine, de donkere ‘Sith Lord’ uit de originele en prequel trilogie (nog altijd de ondertussen 75-jarige Ian McDiarmid) ergens in een uithoek van het heelal nog in leven te zijn en heeft hij een nieuwe vloot klaar om de rebellie (weer maar eens) voorgoed de kop in te drukken. Die onthulling vult het eerste stuk van twintig gehaaste minuten waarin de film, die met een speelduur van bijna twee en een half uur nochtans tijd genoeg heeft, op een drafje alles erdoor jaagt wat de kijker per se moet weten, daarbij nauwelijks scènes de kans gevend om zich volledig te ontrollen.

Anno 1983, toen films nog vertoond werden op verschillende spoelen, maakte voormalig Knack-recensent Patrick Duynslaegher over Return of the Jedi de opmerking dat de openingsactie dermate chaotisch was dat het publiek bij de première dacht dat de spoelen in de verkeerde volgorde afgedraaid werden. Die chaos is echter een zegen in vergelijking met het rommeltje dat hier gepresenteerd wordt – het gehop van de ene planeet naar de andere en steeds maar weer andere plotmechaniekjes die dat moeten gaande houden, is ronduit erbarmelijk.

Return of the Jedi is trouwens meer dan prominent aanwezig, Maakte J.J. Abrams (die naast de regie ook meeschreef aan het script) van deel zeven – The Force Awakens – een doorslagje van A New Hope, dan herkauwt de nieuwste telg – wat dacht u – vlot allerlei elementen uit Return of the Jedi, de afsluiter van de trilogie die liep tussen 1977 en 1983. Ondanks allerlei dingen die erbij gesleurd worden, is dit in wezen een prent die drijft op dezelfde structuur, tot en met een finale strijd die zich helemaal spiegelt aan dat origineel. Het is dan ook onmogelijk om in deze Rise of Skywalker ook maar een gram originaliteit te vinden en wanneer we in het middendeel de ene potsierlijke onthulling na de andere krijgen, is de enige nog passende reactie een schampere lach. Star Wars mag dan misschien ooit met een allegaartje van Dante, Joseph Campbell, wereldmythologieën en elementen uit de wereldcinema, een eigen universum geschapen hebben dat de nodige beklijving bezat … meer dan 40 jaar later is het allemaal verworden tot pure zelfparodie.

Wat nog erger is, is dat ook het laatste restje indrukwekkend spektakel verdwenen is. Bezat de finale van The Last Jedi nog enige visuele inspiratie, dan valt er nu geen enkel moment van indrukwekkende cinema meer te bespeuren. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat op Irvin Kershner in The Empire Strikes Back na, de delen nooit een cineast aan het roer hadden die echt sterke beeldregie afleverde, maar Rise of Skywalker is pure, holle en lege bombast zonder nog een greintje visuele panache. Wanneer de overladen finale strijd zich ontrolt, daagt het langzamerhand dat dit inderdaad een pure Disney-franchise geworden is en er weinig verschil is tussen de lawaaierige onzin die pakweg Avengers: Endgame moest afsluiten en het laatste half uur van deze rampzalige SF-miskleun: dezelfde onpersoonlijke stijl, dezelfde ‘overkill’ en hetzelfde totale gebrek aan filmische finesse. Neen, ‘the force is not strong with this one’ en dit grafschrift voor de reeks is alles behalve fraai.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 − drie =