Allen Toussaint :: American Tunes

Op 10 november 2015 overleed Allen Toussaint aan de gevolgen van een hartaanval vlak na een optreden in Madrid, drie dagen voor hij zou optreden in de Antwerpse Roma. In de voorgaande maand was hij nog met een aantal muzikanten de studio ingedoken. Die resultaten worden nu, samen met een eerdere opnamesessie, uitgebracht als een eerbetoon aan dit icoon.

Orkaan Katrina zaaide in augustus 2005 dood en vernieling in New Orleans en omstreken. Deze natuurramp werd een breuklijn in het leven van Allen Toussaint, een van de essentiële figuren uit de muziekscene van The Big Easy. Vlak na de ramp duurde het een paar dagen vooraleer er een teken van leven van hem kwam. Omdat zijn huis volledig vernield was, werd hij verplicht om enige tijd in ballingschap in New York te gaan wonen. Voor 2005 was een optreden van Toussaint buiten New Orleans een zeldzaamheid – enkel in 1958 en 1974 was hij al eens buiten de Crescent City op tournee geweest – maar daarna ging hij regelmatig de hort op en werkte hij samen met andere muzikanten. Zo stond hij in ons land op het toenmalige Blue Note Festival met Elvis Costello en op Jazz Middelheim met Marc Ribot.

Voor dit album werd weer een beroep gedaan op producer Joe Henry, de man die eerder ook al die taak op zich nam voor The River in Reverse – de samenwerking met Costello – en The Bright Mississippi, het album uit 2009 waarop American Tunes het logische vervolg is. Het album werd in twee sessies opgenomen. In 2013 werden een aantal nummers solo door Toussaint opgenomen in zijn eigen studio in New Orleans en in oktober 2015 – amper een maand voor zijn plots overlijden – werden een aantal nummers opgenomen met een wat uitgebreidere bezetting waaronder muzikanten als Rhiannon Giddens, Bill Frisell en Greg Leisz.

Het album mag dan wel American Tunes heten, het is eerst en vooral de geest van New Orleans die in de muziek en het artwork – knappe foto’s van een desolate stad – huist. Zo zet Toussaint een aantal songs van die andere plaatselijke legende Professor Longhair meesterlijk naar zijn hand. Zijn deze nummers bij Professor Longhair een feestelijke potpourri van invloeden die er vooral op gericht zijn de luisteraar aan het bewegen te brengen, dan herleidt Toussaint deze nummers tot de essentie. “Mardi Gras In New Orleans” en “Hey Little Girl” worden zo guitige miniatuurtjes, die een beeld scheppen van een getekende stad die stilaan haar joie de vivre terug vindt. Want wie Toussaint ooit live aan het werk zag, hoorde niet alleen een getalenteerd muzikant maar zag ook een guitige kwajongen.

Slechts twee songs zijn van de hand van Toussaint zelf, waaronder een herwerking van zijn signature song “Southern Nights”. De oorsprong van de andere nummers is even divers als verrassend. Van de 19e eeuwse Romantische componist Louis Moreau Gottschalk over de swing van Fats Waller via jazzpianist Bill Evans tot bij Paul Simon. Uit dit alles weet Toussaint een meesterlijk geheel te vormen ergens tussen soul, R&B en jazz in, maar vooral muziek met een eigen smoel. De ene keer bespeelt hij de piano ingetogen, de andere keer dartel of op een wandeldrafje. Mede dankzij de uitstekende productie – of had u iets anders verwacht van Joe Henry?- krijgen we een album waar er niet alleen aandacht is voor de details, maar vooral ook waar de muziek ademt en een organische eenheid vormt.

American Tunes mag dan wel grotendeels instrumentaal zijn, een paar keer wordt er ook gezongen. Rhiannon Giddens, bekend van Carolina Chocolate Drops en een uitstekend solo-album vorig jaar, mag een vocale bijdrage leveren op twee nummers van Duke Ellington. Klinkt “Rocky In My Bed” nog als iets dat opgenomen werd in een rokerige jazzclub, dan refereert “Come Sunday” eerder aan Edith Piaf. Enkel op slotnummer “American Tune” van Paul Simon zingt Toussaint zelf. Je moet al een behoorlijk ijskonijn zijn om bij de slotzinnen van dat nummer (“And I’m trying to get some rest / That’s all I’m trying to get, some rest”) geen krop in de keel te krijgen.

Allen Toussaint mag bij het grote publiek dan misschien wel niet dezelfde naam en faam genieten als andere reuzen uit de Amerikaanse muziekgeschiedenis, deze uitstekende zwanezang bewijst nogmaals dat met zijn overlijden een volstrekt unieke muzikale persoonlijkheid is heengegaan. New Orleans zal nooit meer hetzelfde zijn zonder hem.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − 14 =