In Memoriam Prince

Seks is dood, want Prince Rogers Nelson is niet meer. Het voelt onwezenlijk als het over het klavier rolt. Voor mensen van mijn generatie waren de grote rockiconen te jong om te sterven, groter dan het leven. Doodgaan, dat was voor meer aardse mensen.

Als meesterdief bracht Prince in 1982 1999 uit. Het zou zijn eerste echte meesterwerk worden, zijn grootste commerciële succes tot dan ook. Maar ook daarvoor had Prince zijn stempel al gedrukt op de popmuziek. “I Wanna Be Your Lover” en “Why You Wanna Treat Me So Bad” waren seks zoals popmuziek nog nooit seks was geweest – Prince was 21 en ook toen nauwelijks 158 cm groot. Wat volgde was Dirty Mind, van de vrijpostige ontucht van de titeltrack tot de benauwende romantiek van “When You Were Mine”, geile erotiek op simpele melodieën. Het was een nooit gezien amalgaam van funk, R&B, new wave en pop, trillende branie met wulpse humor.

En dan moest 1999 nog komen. De goegemeente reageerde zoals de goegemeente dat doet – laat en overdreven, Prince was de kritiek voor met Controversy – want Prince’ meesterwerk bracht inhoudelijk nauwelijks iets nieuws. De grote verandering zat in de eigen stijl die Prince zijn collages had gegeven. Voor de trucjes mocht dan al leentjebuur gespeeld zijn, Prince schreef er de nummers bij. 1999 opent met “1999”, “Little Red Corvette” en “Delirious”. Geen woorden kunnen de grootsheid van Prince’ soul op dat moment bevatten.

Purple Rain bewees in 1984, als soundtrack bij een – laat ons eerlijk zijn, Prince was geen acteur – matige film dat Prince muzikaal alles wat hij aanraakte in goud veranderde. Meer een bandalbum dan een soloproject en het hoogtepunt van zijn Revolution, toont Purple Rain zich als een gelaagd geheel met de gitaar als protagonist. Hoewel het album makkelijk Prince z’n meest poppy werk is, tonen het samengaan van organische gitaarmuziek en progressieve elektronica, culminerend in het basloze “’When Doves Cry”’ toch Prince’ experiment. “Darling Nikki” is zelfs na een lustrum vuilbekkerij gewaagd, “Take Me With U” o zo zwoel.

Prince verloor zichzelf wat in inferieur experiment en raakte het vertrouwen van Warner kwijt, maar bewees met Sign O’ The Times eind jaren 80 eens te meer zijn superieure ambacht. De funk is glad, de soul kronkelt, “Dorothy Parker” is sublieme jazz, “If I Was Your Girlfriend” een snuisterij.

Sign ‘O’ The Times, balancerend tussen evangelie en dwaasheid kan als leidraad door Prince’ poëtica gelden. Ook in de decennia die volgden, van The Artist Formerly Knows As Prince over die buitenaardse “While My Guitar Gently Weeps” solo (zie: youtube) tot later werk als het gitaargedreven Planet Earth, Prince zou zijn adagium altijd weer eer aandoen. Hij wou muziek maken die zo veelzijdig was dat de kwaliteit het zou halen op zijn huidskleur, trok als een van de weinigen van deze generatie van leer tegen de inferieure kwaliteit waarin zijn kunst tegenwoordig beluisterd wordt, en bespeelde elk instrument, van falset over piano tot gitaar op Olympisch niveau. Elk liveconcert was een masterclass in vakmanschap en de verzamelde kunsten, elke afterparty een ongeëvenaard celebreren van het geluk.

Dag zeggen aan Prince is, net zoals dat bij Reed en Bowie het geval was, afscheid nemen van een unicum, een icoon dat wars van compromissen zijn niche oversteeg om de popmuziek te gaan beheersen en sturen. 2016 is een schimmig, grauw, iel rockjaar.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 3 =