Jack Garratt :: Phase

Kent u Little Boots nog? Winnares van de BBC Sound of 2009, hetzelfde jaar waarin Mumford And Sons op de vierde plaats eindigde nota bene. Schrik niet als we u die vraag over vijf jaar ook over deze Jack Garratt stellen, en u dan ook het antwoord schuldig moet blijven.

Little Boots werd destijds gezien als de prima inter pares van de synthpop die destijds opgang maakte, maar belandde uiteindelijk tussen schip en wal. Te hoekig voor de popliefhebber, te glad voor de muziekliefhebber. Tussen schip en wal gaapt de anonimiteit in Muziekland. Hetzelfde lot zou ook Jack Garratt wel eens beschoren kunnen zijn – wel zonde van de hipsterlook met modieus petje en baard die verraadt dat anonimiteit voor Garratt is als een kruis of knoflook voor vampiers. Het motregent dit voorjaar debuten die weemoedige, melodieuze warmte aan kille elektronica koppelen (zie ook Lapsley, Rosie Lowe), allen even schatplichtig aan James Blake en ergens verscholen in een dark room ook FKA twigs. Met dien verstande dat Blake en FKA met een eigen smoel een duurzame diepgang bereikten met hun platen, iets wat Garratt op het gros van zijn debuut niet lukt.

Ergens is die BBC-eretitel ook een vergiftigd geschenk. Het is meer dan een schouderklop een stevig gewicht van hooggespannen verwachtingen op de schouders, met een bijna gegarandeerd “Is het dat maar?” als de rode draad in de reacties op dat debuut. Dan waren acts als Years And Years en Sam Smith de vorige jaren veiligere keuzes: al even geheid hitparadevoer. Dat is Garratt niet, wat voor hem pleit. Alleen vertoont Phase hierdoor heel wat bochten: toch het grote publiek niet té hard voor het hoofd stoten waardoor hij de scherpte van pakweg godfather Blake ontbeert. Anderzijds de randjes niet te hard afvlakken, waardoor er niet écht “hits” op de plaat staan. Dat is dan weer een probleem.

Nochtans begint Phase veelbelovend, met een klavertje vier van songs die een debuut lijken te verraden dat los op het poppodium zou staan eind dit jaar. Opener “Coalesce (Synesthesia pt. II)” vindt het juiste evenwicht tussen sfeer, sound en song en legt de troeven van Garratt (blend van elektronica, dubstep, EDM, melodie en goeie zangstem) op tafel. “Breathe Life” is een perfecte oefening om vanuit dat evenwicht een al even perfecte single te maken. “Far Cry” is bochtenwerk voor gevorderden maar altijd ten dienste van de song, met aan het einde een korte climax die in een festivaltent in uw buurt komende zomer shirts en topjes door de lucht doen zwieren. En dé song van de plaat, “Weathered”, is een juweeltje, waarin je Garratt vier minuten lang echt gelooft, met een dijk van een opbouw. Een nummer ook waarin de sound van Garratt echt meerwaarde biedt. Akoestisch zou Ed Sheeran hier gesuikerde popcorn van draaien.

Maar dan is het, op de een of andere manier, gedaan met de pret. Terug te brengen tot één gevoel: Garratt ráákt gewoon niet. “Worry” en “Chemical” overstijgen het brandmerk “leuk” niet, “The Love You’re Given” en “I Know All What I Do” ontberen spanning, diepgang, die sonore weerhaken die de “Sound van het jaar” kwansuis in het rond zou moeten strooien om songs uit de instant vergeetput te houden. Door dat gebrek aan visie klinkt het allemaal al gauw wat te doordacht. Of wat te denken van de te opzichtig krakende pianokruk en Garratts diepe, emotionele zucht tijdens het naakte “My House Is Your Home”, waarbij je je niet van de indruk kunt ontdoen dat dat uit de koker van een marketingboy in een overleg rond een of andere glazen designtafel komt. Authenticiteit wordt niet bedacht.

Ach, geen slechte plaat hoor, Phase. Maar er zat hoorbaar meer in. Precies ook de eindconclusie van wie hem vorig jaar in Werchter zag – en dat waren er niet veel. Misschien iets voor over een jaar of twee, wanneer de druk van de schouders is. Voor nu heeft Garratt dan misschien wel de sound van 2016, de songs grotendeels niet, helaas.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien + acht =