Alex Ward :: Glass Shelves And Floor + Projected/Entities/Removal

Praten over het begrijpen van muziek is ongeveer hetzelfde als met een 2PK over een drassige wei rijden: het duurt niet lang voor je onherroepelijk vastzit. Alex Ward bewijst met twee recente albums bovendien de zinloosheid van zulke onderneming. Ondanks een sterk theoretisch raamwerk laten zijn platen zich namelijk vlotjes beluisteren als een stomende pot ensemblemuziek.

Het “niet begrijpen” wordt vaak als een drempel opgeworpen wanneer het gaat over muziek die zich niet bedient van conventionele vormen en structuren. Alsof men een muziektheoreticus zou moeten zijn om bepaalde muziek te kunnen appreciëren. Uiteraard vereisen sommige genres wat meer inspanning dan louter passieve consumptie, maar net dat spreekt veel mensen aan. Ward, een Engelse klarinettist en gitarist, komt de luisteraar van twee van zijn recente albums tegemoet door in enkele paragrafen duiding te geven over de manier waarop zijn muziek is opgebouwd. Hij voegt er wel aan toe dat deze informatie niet essentieel is om zijn werk te beluisteren – het is louter voor zij die erin geïnteresseerd zijn.

De in 1974 geboren Ward zette als dertienjarige al zijn eerste stappen binnen de geïmproviseerde muziek, toen hij enkele keren met Derek Bailey optrad en vervolgens deelnam aan diens Company Week-improvisatiefestival. Enkele jaren later, als muziekstudent in Oxford, kwam hij in contact met musici als Pat Thomas en Peter McPhail en raakte hij er betrokken in de bruisende improv-scene. Ondertussen is Ward een alom gerespecteerd figuur en woont hij in Londen, waar hij naast enkele working bands (hij speelt o.a. al 25 jaar in duo met Steve Noble) ook een eigen label runt, Copepod. Daarop verschenen dit jaar zowel Glass Shelves And Floor als Projected/Entities/Removal, twee albums die om verschillende redenen aan elkaar kunnen worden gelinkt.

Ward profileert zich met dit tweeluik voor een groot stuk als componist. Zo staat in “Glass Shelves And Floor” (waarvan de luisteraar zowel een studio- als een live-opname voor de kiezen krijgt) een concept centraal dat compositie en improvisatie tot een stevige bal samenkneedt. Er is sprake van uitgewerkt theoretisch fundament, maar tegelijk is er ook ruimte voor input van de uitvoerende musici in de vorm van improvisatie. De basis van het gecomponeerde materiaal (en nu gaan we even heel kort door de bocht) is een reeks van 12 tonen, verspreid over enkele octaven, die op alle mogelijke manieren getransformeerd worden. Deze bepalen tevens de spelregels voor het improviseren. De stukken “Projected”, “Entities” en “Removal” van de tweede release, borduren daar grotendeels op voort.

De theorie is ongetwijfeld interessant voor wie er zich in kan verdiepen, maar er gebeurt in deze muziek zo verschrikkelijk veel dat dat uiteindelijk niet meer dan een detail is. Zo kan men op Glass Shelves And Floor de progressie van de compositie duidelijk horen en dat aan constant tempo. Visueel zou men het kunnen voorstellen als een trein met allemaal verschillend gekleurde wagons die gestaag aan een overweg voorbij trekt.

De uitvoering is voor rekening van een groep bekende Britse improvisatoren: Hannah Marshall (cello), Rachel Musson (tenorsax), Olie Brice (contrabas), Tom Jackson (klarinetten) en uiteraard Ward zelf op klarinet, die af en toe elektrisch wordt versterkt. Zij zijn te horen in alle mogelijke constellaties en zorgen daarbij voor de meest diverse geluidstexturen, met het elektrische lawaai van Ward en de combinatie van contrabas en cello als meest bijzondere toetsen. Tijdens de improvisaties – van solo’s tot interacties tussen het hele ensemble – wordt een eindeloze reeks mogelijkheden benut, waarbij de soms brutale bewegingen (zoals een extreem vibrato) van Jacksons basklarinet er regelmatig bovenuit steken.

Dezelfde groep is te horen op Projected/Entities/Removal, maar deze keer in twee verschillende trio’s en als sextet. Drummer Steve Noble vervoegt bovendien het ensemble en dat heeft meteen impact want vanaf de openingsseconden van “Projected” rollen de gejaagde ritmes en accenten onophoudelijk uit de speakers. Samen met Ward en Musson, zorgt Noble voor het meest heftige en vrijpostige stuk van de hele reeks, eentje vol stuwende drumroffels en opgefokte blazers. “Entities” vormt vervolgens een sterk contrast. Brice, Marshall en Jackson kiezen voor een meer berekende aanpak met schokkerige bewegingen en vertragingen of uitvergrotingen van het gespeelde materiaal.

Uitsmijter is het in de Londense Vortex club opgenomen “Removal” (afkomstig van hetzelfde concert als de live-versie van “Glass Shelves And Floor”), dat met zijn 44 minuten de hoofdbrok vormt van deze plaat. Hier wordt door het gehele sextet voornamelijk vrij geïmproviseerd op basis van visuele aanwijzingen van Ward, waarbij de kracht van het collectief ten volle wordt benut. Het is een bijna symbolische bundeling van al het voorgaande en een orgelpunt in meer dan twee en een half uur fantastische muziek.

Ward heeft nog meer plannen met dit ensemble. Een volgende release zal zich concentreren op composities voor het complete sextet, maar in de toekomst zal de groep ook opnieuw in afgeslankte versies aan de slag gaan. Binnenkort ongetwijfeld voor te proeven op Wards bandcamp-pagina.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 1 =