The Garden :: Haha

The Garden, een van de hipste garageband van het moment, brengt zijn nieuwste uit op Epitaph, het grote punklabel dat bekendheid verwierf met bands als The Offspring en Millencolin, en recenter de metalcore van Bring Me The Horizon. Een gedurfde carrièrewending is dat. Maar worden ook wij er beter van?

The Garden, het geesteskind van de Californische tweelingbroers Fletcher en Wyatt Shears, is vier jaar oud. Na een jaar werd de groep al opgepikt door Burger Records, een hip label dat grossiert in kig klinkende garagerockbands die refereren naar de sixties. In die stortvloed aan bands die Burger en sublabel Gnar Tapes lanceren, sprong The Garden meteen in het oog: hier geen melodieuze garagerock met jengelende gitaartjes en sixtiesmelodieën, maar donkere protopunk met bas en drum. Geen slackers met een gescheurde, vettige T-shirt over het bierbuikje, maar knappe, androgyne en modebewuste jongens, die zowel in de mannen- als vrouwenafdeling shoppen.

Snel volgde de eerste volwaardige lp, The Life and Times of a Paperclip. Het werd een degelijk punkplaatje, maar zonder songs met hooks of ander je ne sais quoi waardoor je ze steeds opnieuw wil beluisteren. Maar dat was ook niet per se de bedoeling, verduidelijken de broers regelmatig. The Garden staat voor Vada Vada, een kunststroming die gaat voor “grenzeloze vrije creatieve expressie, wars van voorgaande idealen, genres of conventies.” De band is zo een artistiek vehikel voor muziek, maar ook performance, mode en grafische kunst; dada voor de 21e-eeuwse, postmoderne mens.

Haha kon en moest misschien de plaat van de grote doorbraak worden, maar zal wellicht eerder herinnerd worden als een overgangsplaat. “Jester’s Game”, “All Smiles Over Here :)” – de smiley hoort er bij – en “Vexation” konden de vorige plaat net niet gehaald hebben. Degelijke tracks, maar het wordt pas boeiend wanneer The Garden andere paden inslaat. En dat gebeurt ook.

”Crystal Clear” loopt heen en weer tussen new wave en de raprock van Faith No More. “This Could Build Us A Home” is tegelijk EDM, disco en synthpop, zij het nooit op hetzelfde moment. “Cloak” is gemene en duistere drum ‘n bass waarin lusteloze, nietszeggende zinsneden beantwoord worden met al even nietszeggende overstuurde slogans. “Egg” doet Haha openbloeien op een wolk van pianopop, en moet zowat het enige nummer zijn op de plaat dat in de buurt komt van een single.

Als de pastiches en kruisbestuivingen van The Garden niet geïnspireerd zijn, dan zijn ze banaal. En dat is helaas ook af en toe het geval op Haha. Absoluut dieptepunt is “We Be Grindin’”, dat een parodie op gangsterrap kon zijn, maar vooral een parodie van The Garden is. Het saaie “Everything Has A Face” tekent dan weer voor de meest tenenkrullende zinssnede met “Put your hands up, if you only got a face”.

Niettemin, The Garden zet een flinke stap vooruit met Haha. Als de broers dat nog eens doen, volgt er wellicht een echt goeie plaat. Zo niet kan The Garden in de vergeetput verbroederen met heel wat andere bands van Epitaph.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × twee =