Ought :: Sun Coming Down

Ook postpunk smeed je best witheet. Geen toeval dus dat Ought amper anderhalf jaar na More Than Any Other Day al uitpakt met z’n tweede album. Sun Coming Down biedt dan ook weinig verrassingen, maar de jachtige, dansbare bolbliksems van songs van het viertal slaan nog evenveel gensters als voorheen.

More Than Any Other Day was tegelijk een tirade tegen en een ode aan het hier en het nu. Ought gooide je met een smak in het Sodom en Gomorra van het heden om je er vervolgens weer uit te trekken met retestrakke drumpatronen, dissonante gitaren en de manische voordracht van Tim Beeler (die zich nu blijkbaar Tim Darcy laat noemen). Het kwartet putte zoveel energie uit de hedendaagse miserie dat ze er euforisch van werden. En die roes resulteerde in weerbarstige en vervaarlijke, maar vooral ook aanstekelijke en dansbare postpunk op het scherpst van de snee.

Ook Sun Coming Down voelt aan als een bezwerend feest op een vuilnisbelt. “And I’m no longer afraid to dance tonight/Cause that is all that I have left/Yes! Yes!”, bijt Darcy je toe in “Beautiful Blue Sky”, terwijl gitaren worden gemarteld en drummer Tim Keen er stevig de pees op legt. De wereld is naar de knoppen, dus we kunnen evengoed maar compleet loos gaan alsof het onze laatste uren op deze aardkloot zijn. Dat gevoel overheerst op deze plaat, waardoor de onverdunde urgentie en energie van het debuut ook nu weer uit de speakers spatten. Zo schiet ook “Men For Miles” met een rotvaart uit de startblokken. De ritmesectie houdt het tempo hoog, gitaren en synths gieren en over al die gortdroge jachtigheid declameert Darcy schijnbaar nonchalant: “Excuse me, do you think there’s a chance to bring this whole fucker down?”. Alsof David Byrne even Talking Heads verruild heeft voor Fugazi.

Dat Sun Coming Down zo vitaal en fris klinkt, heeft ook veel te maken met de DIY-aanpak van Ought. Heel veel concerten spelen, een paar weken songs schrijven tijdens de lange winter in Montreal, kort de studio in en klaar is kees. Daardoor voelen hun songs nooit beredeneerd aan, hoewel ze behoorlijk intelligent in elkaar steken. “Sun’s Coming Down” knettert en vonkt om uiteindelijk te eindigen in een uitslaande brand van gitaarnoise en de tempowisselingen van “Celebration” zullen zelfs de grootste houten klaas aanzetten tot spastische moves.

En dan zijn er natuurlijk nog de vocals van Tim Darcy. Volgens sommigen ongetwijfeld eerder een ladderzatte wauwelaar, maar zijn mix van schreeuwerige straatpoëzie en sjamanistisch parlando zit de vinnige, bezwerende songs op deze plaat opnieuw als gegoten. Als een soort bastaardzoon van Michael Gira (Swans) en David Byrne schopt hij je een geweten én brengt hij je in trance met zijn repetitieve, sloganeske, maar altijd indringende teksten.

Akkoord, Sun Coming Down telt misschien geen absolute uitschieters als “Habit” of “The Weather Song”, maar Ought heeft op dat anderhalf jaar gelukkig niks aan gif en geestdrift ingeboet. De band maakt nog steeds muziek op leven en dood, verpakt in postpunk die even nijdig als dansbaar is. Dat ze nog lang kwaad mogen blijven op de wereld!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × 4 =