Babymetal :: Babymetal

Hij is inmiddels al een dikke maand of twee oud, maar dat is de tijd die we nodig hadden om gehecht te raken aan de nieuwste worp van Babymetal. Het gedrocht zat in een stevige stuitligging en de bevalling verliep op zijn minst gezegd moeizaam.

Babymetal kan beschreven worden als de Hello Kittie-versie van Kerberos. Deze driekoppige keffer, met dikke rode strik rond de hals, is een huilbaby die alle aandacht naar zich toetrekt en voor ettelijke slapeloze nachten zal zorgen. De muziek werd kawaii metal – letterlijk vertaald “schattige metal” – gedoopt en is werkelijk all over the place. Eigenlijk is Babymetal een experimenteel project van de subdivisie Heavy Music Club van Sakura Gakuin waarbij metal met J-pop en vrijwel elk ander genre gecombineerd wordt. De gimmick is het feit dat de harde kern van de groep, drie schoolmeisjes met een gemiddelde leeftijd van 16 jaar, een verleden hebben als zangeresjes/danseresjes bij deze idolgroep en bij het oprichten van hun huidige bezetting nog nooit met metal in aanraking waren gekomen.

Dat is ondertussen wel rechtgezet. Op Babymetal komt ongeveer elke vorm van metal aan bod en klinkt het gitaarwerk als een absurde mengeling van Ministry, Slayer, Sepultura, Blind Guardian, Limp Bizkit en Amaranthe. Zoals een kat zich door een draadafsluiting van Bekaert wurmt, glijdt de muziek van Babymetal moeiteloos van een furieuze deathmetalriff over in een K3-refreintje waarbij zelfs de jury van het Eurovisie Songfestival zijn bedenkingen zou hebben. Waarna een ultralogge deathcorebreakdown volgt, die op zijn beurt achterna gezeten wordt door een horde jippende shiba inu’s in de vorm van een technobeat die uit de platenbak van DJ Tiësto gevallen komt.

Het duurde even vooraleer we in de gaten hadden dat we met de nageboorte op de arm door de kamer sjokten, vandaar dat hij zo lelijk was, want in Japan is de dreumes al bijna vijf jaar oud en stapt hij net als Godzilla vernietigend in het rond. Het Europese debuut van deze meidengroep verscheen in thuisland Nihon immers al vorig jaar, maar is in feite slechts een verzameling hit-singles die sinds 2010 uitgebracht werden, aangevuld met een handvol nieuwe nummers. En daar wringen de schoentjes onder de knalrode rokjes een beetje. De oudere nummers haal je er zo uit met hun ketelachtige drumsamples en knip-en-plak songstructuren laten horen hoe aanvankelijk vooral het concept belangrijk was.

Het enige waarin dit plaatje van zijn Oosterse tegenhanger verschilt zijn de twee bonus tracks. Het opmerkelijke “Road To Resistance”, voortgevloeid uit een samenwerking met niemand minder dan Herman Li en Sam Totman van het gerenommeerde Dragonforce, een live-versie van internetbreker “Gimme Chocolate!”, opgenomen in de Londense O2 Academy Brixton, vervolledigt. Daarnaast werden de teksten voor ons netjes uitgetypt in rōmaji – de voor Westerlingen leesbare schrijfwijze – in plaats van het traditionele kanji of hiragana. Als buitenlander weet je nog steeds niet waar het over gaat, maar dan kun je de vrolijke, plastieken J-pop-refreintjes ten minste meezingen.

Het bevreemdende aan heel het zaakje is dat het op onverklaarbare manier werkt. Na de States beginnen de muren rond de metalgemeenschap ook op het Europese vasteland af te brokkelen en wint de adorabele drievuldigheid in ijltempo terrrein. Wie zich als fiere metalfan bedreigd voelt door deze tienermeiden loopt hier best in een grote boog omheen, maar moet vooral eens diep in eigen boezem kijken. Van ons krijgen de dames alleszins een klinkende zoen op de blozende kaken. Babymetal is onversneden lol en heeft bij deze de feel good-plaat van het jaar afgeleverd. ”Are you ready mosh? / Kitsune da-o!”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

9 − 8 =