Drenge :: Undertow

Liefhebbers van het stevige gitaar- en drumwerk zullen zich ongetwijfeld ook kunnen uitleven met de tweede plaat van het piepjonge Drenge. Maar wie wat meer diepgang zoekt, zal niet altijd onder de indruk zijn van Undertow.

Japandroids, DZ Deathrays, Bass Drum Of Death en ga zo maar even door. Drenge is niet het eerste garage-, grunge-, en/of bluesduo dat voor een festivalzomer gehyped wordt door magazines als NME en vervolgens een spot krijgt op belangrijke Britse festivals. Royal Blood is daarvan de enige die echt een groot publiek kan aanspreken. Over naar de band zelf: hij komt overgewaaid uit het slaperige Castleton bij Sheffield en de oprichtende broers Eoin (zang en gitaar) en Rory Loveless (drums) resideren tegenwoordig in de grote stad vlak bij hun heimat. Anderhalf jaar geleden debuteerden ze met Drenge, dat vooral draaide rond isolement, verveling en tienerangsten. Niet bepaald thema’s waar we wild van werden, maar gelukkig sprak het jonge muzikale geweld in nummers als “I Want To Break You In Half” ons wel aan.

Drenge is zo’n typisch geval dat in interviews uitlegt hoe te evolueren dankzij het vele touren. Dat ze muzikaal rijper geworden zijn, is inderdaad meteen te horen in het atmosferische “Running Wild”, die wordt geïntroduceerd door een zeer geslaagde duistere intro. Dat allemaal past perfect bij de mysterieuze albumcover — de foto werd genomen in een bos in de buurt van Castleton. Dat Loveless-broers aan melodische gewonnen hebben, is ook (bij momenten) te merken aan het verslavende “Side By Side”.

Maar na het geslaagde “Never Awake” — is dat de zoon van James Hetfield die we horen? —is het pas echt wakker schieten met het op en top garage nummer “We Can Do What We Want”. Een bom van een nummer dat tegelijk een manifesto voor de vrijgevochten jeugd is. Nog sneller en meer opruiend is het Nirvana-achtige “Favourite Son”, dat eveneens het potentieel heeft om lang te blijven hangen, en dat opnieuw dankzij de teksten van Eoin Loveless (“I wanna be hugged and I wanna be kissed/ I don’t wanna be fucked/ I just wanna be his). Bij Drenge weet je dus op voorhand dat je je aan niets bijster origineel moet verwachten, maar wel dat het vonken zal geven.

Toch blijft Drenge een duo met twee gezichten omdat het enerzijds zo’n doorsnee indruk geeft, en daarmee de concurrentie lijkt aan aan te gaan met Royal Blood, en anderzijds meer duistere diepgang vertoont. Maar het bluesy “The Snake” en “The Woods” hebben te weinig body om een massa te beklijven. En de zware blues-riffs in het titelnummer lijken we al gehoord te hebben bij Queens Of The Stone Age. Een oppervlakkige kopie is “Undertow” echter niet, want door de bijdrage van aanwinst en bassist Rob Graham ontbreekt de song niet aan impact. Maar opnieuw: echt indruk maken, doet het niet.

Het duistere en lekker in het gehoor klinkende “Standing In The Cold”, waarin Loveless klinkt als een jongere Iggy Pop, zal de twijfelaar nog net over de streep trekken. Net als de epische afsluister “Have You Forgotten My Name?”, waarin opnieuw atmosferische gitaren de grunge-sound wat meer meeslepend maken. Dat is dan ook Drenge op zijn best. Er bestaan immers al genoeg rechttoe rechtaan garage bands. Als het duo met Undertow maar net geslaagd is, kan het misschien met zijn volgende plaat alle twijfels wegnemen?

Drenge speelt op 24 april in de Botanique en staat deze zomer ook op Dour.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − acht =