Wave Machines :: Pollen

Het woord Pollen betekent in het Engels net hetzelfde als in het Nederlands: stuifmeel dat het plantaardig equivalent is van sperma (dank u Wikipedia). Toegepast op Wave Machines: een golf rondzwevende deeltjes, subtiel, maar met grootse effecten. Effect op de natuur: het openbloeien van schoonheid. Effect op de mens: niet bij iedereen, maar bij wie er gevoelig voor is, werkt Pollenop de rode ogen. Het laat je niet met rust, het kriebelt, het is adembenemend en je kan er niet van slapen.

Wave Machines zanger Tim Bruzon liep een gitarist en bevriende bassist tegen het lijf in Liverpool (ze spelen alle drie ook keyboards). Hun drummer, een Noor die ze hoorden spelen op café, wisten ze af te snoepen van een andere band. Aangezien onberispelijke mannelijke samenzang in het Liverpoolse kraantjeswater zit, het een natuurwet is dat goede drummers in high demand zijn en drummer Vidar Normheim nog altijd bij hen is, kunnen we veilig de conclusie trekken dat Wave Machines op het juiste spoor zit. Pollen is dan ook een prachtplaat geworden en hun vorige (debuut)album Wave If You Are Really There was alleen al (maar lang niet alleen) de moeite omwille van “Keep the Lights On”.

Wave Machines was in 2010 al goed en is alleen maar beter geworden. Pollen balanceert organische tegenover mechanische geluiden, en de weegschaal wordt in elk nummer anders afgesteld. “I Hold Loneliness” is objectief gezien pure elektronica: voorgeprogrammeerde drumgeluiden, veel bliepjes en een erg sexy ritme, met een baslijn als van een videospelletje. Een beetje zoals een relaxte, jaren ’80 versie van Friendly Fires. Toch heb je achteraf het gevoel alsof je naar iets hebt geluisterd dat akoestisch is. Dat is zeldzaam en de productie van dit album (in handen van Lexxx, die onder andere ook Goldfrapp produceerde, al klonk dat weer heel anders) durven we dan ook adembenemend juist te noemen.

De eerste helft van het album bevat melancholisch gezongen nummers waar de temperatuur toch van stijgt. “Ill Fit” lijkt wel een lapdancesong. Het heeft de winnende combinatie van synthesizers die ruisen als kerkorgels, falsettosamenzang en organische drums met een groovy, sexy ritme. “Counting Birds” moet het hebben van een ultradoffe drum and base bas, verknipte doffe violen, en meerdere tegenmelodieën in belletjes en synthezisers. Het resultaat is meetbaar: Pollen verzoent winterse voorzichtigheid met lentebranie. Wave Machines heeft ons eigenlijk al overstag.

Na een aantal songs haalt Wave Machines veel meer dat koude, melancholische en mechanische uit de jaren ’80 naar boven. Zoals het bloedmooie “Walk Before I Run”, dat op hemelse synthesizers rolt. Het is een bloedstollende slow geworden, die voortstuwt als iets van The Cars. De eerste twee weken van dit jaar stond Tim Bruzon’s loepzuivere falsetto al op repeat en dat kunnen we iedereen van harte aanraden: “If your heart is screaming, it’s not my concern. If it begs for meaning, I will twist and turn. When it cries for answers, then I will play dumb. Cause I never learned to walk before I run.”

Een pushende drumroffel en een gitaar die bespeeld wordt als een drammerige mandoline geven “Blood Will Roll” dan weer een iets ruiger imago, dat toch weer verzacht wordt door de falsettosamenzang. Geen spoor van elektronica op dit nummer? Toch wel, maar de synthesizers klinken weer zo organisch dat het niet opvalt. De drive zit compleet juist. De tekst ook, het zelfvertrouwen druipt er vanaf: “I can make water wetter. I am a smile on a straight face. I will help you live forever. I can laugh and break the weather.” Hetzelfde geldt voor “Gale” dat zich met “Don’t be cruel, I carry every word that you say. Don’t be cruel, for I am in complete disarray” in ons onderbewustzijn heeft genesteld. Dit is ook het nummer waarop de synthesizers het meeste als een kerkorgel klinken en waarop Tim Bruzons falsetto op meesterlijke wijze hoogtij uitschreeuwt.

Pollen is een plaat die rust uitstraalt zonder effectief rustig te zijn. “Home” heeft ook die aantrekkelijke mix van afstandelijke melancholie en een mechanische stuwing; het zou zo naast Chromatics op de soundtrack van Drive kunnen. “Pollen” is minder ambivalent, het begint met een akoestische gitaar en klinkt zo weids en ambient als iets van Sigur Rós. Ze kozen terecht voor echte blazers voor dit uitstapje in de organische wereld en dat hoor je. Er staat genoeg variatie op dit album om ons een tijdje zoet te houden.

Wave Machines zingt steeds loepzuiver, en ze spelen erg strak, maar toch subtiel. Alle nummers beklijven. De productie is adembenemend. De enige opmerking is dat de volgorde van de nummers niet helemaal perfect aanvoelt. Maar dat is echt met een vergrootglas naar door de lucht zwevende deeltjes staren. Wave Machines leverde met Pollen een album af dat gewaagd is aan Balthazars Rats. Het jaar 2013 begint uitstekend.

Wave Machines speelt op 7 mei op Les Nuits Botanique in de Botanique in Brussel.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

tien + 2 =