The Gaslamp Killer :: Breakthrough

De krullenbol William Bensussen is als alternatieve hiphop-DJ in de Californische undergound scene in geen tijd uitgegroeid tot een begrip. Na enkele E.P.’s is de tijd nu rijp om te testen of zijn waanzin ook in langspeelformaat verteerbaar blijft.

Er mag al eens gestoeft worden: Bensussen is al langer dan vandaag een intrigerend figuur. Zijn collages laten op ingenieuze wijze vroeger en nu clashen, overschrijden fluks de genregrenzen en balanceren vaak succesvol op de slappe koord tussen kitsch en cult. Op Breakthrough houdt hij deze strategie vol. Met zijn rijkelijke gelaagde opbouw blijven nummers als “Holy Mt Washington” boeien, ook al zijn ze in se niet meer dan lange interludes. Subtiele tempowissels en continue toevoeging of wegname van impulsen houden de luisteraar attent bij de les. Al moet Bensussen daar buiten de club bij wijlen nog zijn evenwicht in vinden. “Impulse” — het best te beschrijven als een botsautorit doorheen een lunapark — mixt zoveel verschillende aandachtstrekkers dat je aan het eind duizelig achterblijft.

Er mag al eens sfeer geschapen worden en daarbij hoeft niet uit één vaatje getapt te worden. Op drie nummers tijd kan Bensussen je verschillende trips laten beleven. Bij de aftrap van de industrial hiphop-track “Critic” waan je je deel van een drugsdeal in een verlaten fabriek. Twee minuten later voert het pornografisch funky “Dead Vets” je terug naar de goedkope blaxploitation van de jaren zestig. Nog een flashforward en op de tonen van “Flange Face” beleef je je eigen GTA-achtervolginsscène. Dergelijke afwisseling garandeert alvast dat je je doorheen het zeventien tracks lange parcours niet zal vervelen.

Er mag ook al eens gelachen worden. De Killer is namelijk niet bang van een foute sample. Je ondergaat een old school taallesje over het desbetreffende lemma in “Fuck” en je krijgt een ouderlijke preek van “Mother”. Amusant is het zeker en vast; het zijn stuk voor stuk bijdrages aan de totaalsfeer van de plaat, maar ook niet meer dan een extra rariteit in het kabinet. Ondanks de entertainmentwaarde beginnen er aldus toch zere plekken te dagen.

Er mag al eens gezongen worden, maar dat betekent niet het meer wordt dan een stijlfiguur. De krakerige stem van het korrelige soulnummer ‘Veins’ leidt je langs een mooie toegangspoort de wondere wereld van Breakthrough binnen, maar is een magerder beestje ontdaan van het harnas van de plaat. “Apparitions” is in hetzelfde bedje ziek — de wankele zanglijn is een doeltreffend effect, maar niet meer dan dat.

Er mocht dus ook wat meer waar muzikaal genot zijn, want nu biedt Breakthrough niets meer dan een eclectisch patchwork van stijlen en samples die perfect in elkaar klikken tot een totaalervaring, maar waarvan de eeuwigheidswaarde in twijfel te trekken valt eens het verrassingseffect verdwenen is. In het laatste kwart van de plaat maakt Bensussen dit nog deels goed. De laatste tracks zijn stuk voor stuk voltreffers met een eigen karakter. Een gezapige roadtrip door de Indiase jungle (“Nissim”), een laatste snee sublieme hiphop-electro (“Seven Years Of Bad Luck For Fun”) en dan richting de geniale uitsmijter. Logge drones, futuristische synths en vioolsamples: “In The Dark…” is een meesterlijk underground anthem.

Er mag nog meer uit de Gaslamp Killer-stal komen, maar in het vervolg het liefst iets meer volwaardigere stukken. Breakthrough is een sterke staalkaart, zou een overtuigende DJ-set of een sfeervolle soundtrack vormen, maar gaat als album te vaak ten onder aan de overdaad aan gimmicks.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × 3 =