The Tallest Man On Earth :: There’s No Leaving Now

Twee jaar na de doorbreekplaat (The Wild Hunt) ziet de wereld er niet meer hetzelfde uit als toen. Kristian Matsson kan niet nog eens verrassen met de rauwe energie van bijvoorbeeld “The King Of Spain” en probeert dat dan ook niet meer. There’s No Leaving Now wordt daardoor een plaat die qua arrangementen rijker is, meer gedoseerd, en misschien ook wel toegankelijker.

Op de EP Sometimes The Blues Is Just A Passing Bird, het laatste wapenfeit van The Tallest Man On Earth, viel al op dat het nummer “The Dreamer” afweek van het pure akoestische singer-songwritergeluid dat we tot dan toe van de Zweed gewoon waren. Nog altijd solo, maar wel elektrisch. Een idee dat verder is gerijpt achter de schermen, want hoewel Matssons herkenbare stem ons ervan verzekert dat we wel degelijk naar het juiste album aan het luisteren zijn, klinkt “To Just Grow Away” helemaal anders dan we tot nu toe gewoon waren. Rijker, als een volledige band eigenlijk, met drums en orgeltje inbegrepen.

Het vooruitgeschoven nummer “1904” is in die zin de voorbode van de intentieverklaring die het openingsnummer is. Matsson zingt minder terughoudend en laat zijn eindklanken vrij vliegen terwijl de slagakkoorden vlot uit de klankkast van zijn gitaar vliegen. Maar ook hier: een tweede laagje eroverheen van elektrische gitaar, dat op subtiele wijze het nummer uitdiept. Hetzelfde concept wordt gebruikt in “Bright Lanterns”, maar dan met lapsteel. Het zorgt prompt voor een van de mooiste momenten op dit album.

Tekstueel staat The Tallest Man On Earth nog altijd synoniem voor overvloedige metaforen en talloze verwijzingen naar de natuur, zoals in datzelfde “Bright Lanterns”: “Damn you always treat me like a mountain, stranger / though I have never seen your shadows or fading lights / I’m just a rock that you’ll be picking up through all your ages / always believing there’s a canyon for every blind / it’s only what these kids will haul around.” Een ander hoogtepunt is “Revelation Blues”, waarbij de ritmesectie op de achtergrond blijft maar wel als een constante geldt tussen de wisselende accenten — we menen zelfs even een klarinet te horen.

Maar hét hoogtepunt van There’s No Leaving Now is misschien wel het titelnummer. Met alleen een piano als houvast zingt Matsson zich een weg over ieders ruggengraat binnen luisterbereik. “To see through a field of sigh and all the danger finally goes away / still you’re trying / there’s no leaving now.” Een dijk van een rechtzetting voor “Kids On The Run”, het pianonummer op The Wild Hunt dat we toen nog als schoonheidsfoutje beschouwden. Wie dan weer liever de vintage Matsson hoort, waarbij hij zich meer op zijn gitaarspel concentreert en het tempo de hoogte in mag, komt aan zijn trekken met nummers als “Leading Me Now” en “Wind And Walls”.

En zo is There’s No Leaving Now geen tweede The Wild Hunt geworden. Dat moest ook niet, integendeel. Matsson is eerlijk genoeg tegenover zichzelf om nieuwe elementen in zijn muziek toe te laten wanneer hij zijn vertrouwde bospad af en toe eens verlaat om te zien waar hij uitkomt. There’s No Leaving Now is minder rauw en verrast niet zoals The Wild Hunt dat deed ten tijde van zijn doorbraak, maar is muzikaal rijker, volwassener en daardoor zeker niet slechter.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

acht + 6 =