Roberts and Lord :: Eponymous

Wie op tijd en stond een stevige portie electronic silliness kan verteren, kan altijd wel ergens terecht. Zotten genoeg in deze wereld en dat geldt vanzelfsprekend ook voor de muziekwereld. Neem nu het prettig gestoorde duo Roberts & Lord, dat met hun eerste wapenfeit Eponymous vermoedelijk niet wereldberoemd zal worden, maar zich in elk geval wel stevig geamuseerd heeft.

De tijd dat een muzikale samenwerking ook echt samen werken in de studio inhield, ligt sinds het exploderen van de mogelijkheden van het internet al een tijdje achter ons. Wie tegenwoordig een muzikale partner in crime zoekt, kan dat gewoon doen door Youtube af te schuimen of wat vage facebookkennissen te contacteren. Een zangpartij laten inzingen door een artiest die aan de andere kant van de aardkloot woont? Een paar klikken en het is geregeld. Zo geschiedde ook voor de intercontinentale samenwerking tussen Simon Lord (ex-Simian) en Rafter Roberts. Startpunt was het intussen niet meer zo hippe MySpace, waar Lord al klikkend bij een video van Roberts terechtkwam. En zoals dat dan in deze tijden weleens durft te gebeuren, leidde die virtuele ontmoeting tot een tastbaar schijfje met twaalf songs erop.

Duikt meteen de vraag op: is Eponymous een goede plaat? Driewerf helaas, daar moeten we u een beetje teleurstellen. Het duo brengt een onverwachte mix van distorted electromuziek en poppy vocals, die in het beste geval aanstekelijk is (“Wild Berries”, “Windmill”), maar in het slechtste geval ronduit irritant (“Bottom Of The Bottle”, “Purple Doves”). De snoeiharde olievaten-beats, snerpende synths en bliepjes van Rafter Roberts zijn soms een regelrechte aanval op het trommelvlies, maar passen meestal wonderwel samen met het zachte stemtimbre en de vaak bijna onnozele teksten van Simon Lord.

Zoals de kluchtige titel Eponymous al aangeeft, nemen de twee zichzelf niet te ernstig. Met refreinen als “Wave your hands like a windmill” richten Roberts & Lord zich dus niet direct op de tekstuele meerwaardezoeker. Gelukkig heeft Roberts in “Windmill” zijn rauwe industriële beats goed gedoseerd en valt er zelfs wat te dansen. Helaas willen Roberts & Lord regelmatig te veel in een en hetzelfde nummer proppen en dan gaan ze zwaar onderuit. Het resultaat is nerveuze, onsamenhangende herrie, zoals in “Bottom Of The Bottle”, waar er iets te kwistig omgesprongen is met de lagen bliepjes en beats zodat het resultaat eerder een instant headache dan een instant hit is. De overdosis “oooeehs” op “Oblique” is dan weer te veel van het goede op een heel andere manier en “We Rise, We Fall” klinkt zowaar melig — niet meteen een eigenschap die vaak met dit soort electronica geassocieerd wordt.

Het uitgangspunt van Eponymous is best interessant en biedt zeker mogelijkheden, maar de heren Roberts en Lord moeten dringend leren doseren. Of het aan de transatlantische internetsamenwerking ligt, valt moeilijk te zeggen, maar deze plaat mist coherentie en evenwicht. Een wereldplaat is Eponymous dus niet geworden, al is er af en toe best wel wat leuks te horen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien − 12 =