DJ Shadow

Vooruit, Gent, 25 mei 2011

Een vermoorde schimmenleider. Een overstromende grootmacht. Een
asspuwende vulkaan en een wegbrandende heide. Het zijn grimmige
tijden, scheerde door onze gedachten wanneer we een half uur voor
aanvang van DJ
Shadow
s doortocht in de linkse vooruit, daar in dat rechtse
Vlaanderen, ‘left’ en ‘right’ op zijn in de vakpers felbesproken
‘Shadowsphere’ zagen opduiken. Een gigantische bol voor een nog
reusachtiger scherm waarop de videokunstenaar – want dat is hij
minstens evenveel als plaatjesdraaier – zijn projecties kon
botvieren. En toch smaakte het initieel wat raar. De visueel
verbluffende ‘five turntables and a microphone’ tour de
force
die hij enkele jaren geleden met Cut Chemist te berde
bracht, was vandaag ingeruild voor een onzichtbare Shadow. Opperde
iemand naast ons daar dat hij misschien wel gewoon met een Leffe de
op twee na laatste episode van Thuis aan het bekijken was, zijn
iPod ingeplugd? Wat er ook van zij, het deed deugd om na een –
overigens sterk want afwisselend en niet zelden uit meesterwerk
‘Endtroducing’ plukkend – half uur een korte inkijk te krijgen in
de arts en crafts van de meester-dj. Shadow stond
als kwam hij net van een baseballmatchje onder vrienden in de
geopende bol te putten uit eigen werk. Ook hier een aanpassing aan
eerder opgelegde conventies. Geen mashups of
samples uit klassiekers, andermans werk of onbekende
parels, enkel een amalgaam aan oud, nieuw, voorheen onuitgebracht
en nog uit te brengen werk.

Na een uur en het ons inziens wat voortijdige einde van de set, was
de conclusie evenwel dat Shadows werk al veel beter had geklonken.
Hoewel het ‘Endtroducing’ half uurtje ons enthousiasme richting
zenit joeg, moesten we concluderen dat daarbuiten eentonigheid
heerste, en dat de pieken zich slechts amechtig en met veel goede
wil van onzentwege uit de vlakke brij omhoog kronkelden. Het nieuwe
‘I Gotta Run’ stak er met zijn onderkoelde beat en naar Liam Lynch
neigend stemmetje nog het meest bovenuit, maar een eureka slaakten
we op dat moment al lang niet meer.

Ook de graphics hadden zich onderhand een wat verveeld
screensaverbeeld aangemeten. Hoewel de mogelijkheden van een bol
voor een scherm schier oneindig zijn – het moet van Jean-Marie
Dedecker geleden zijn dat we nog iets zo snel van middelpunt van
het universum naar pokdalige golfbal zagen evolueren, lag de bol
ook gewoon vaak in de weg van de weidse landschappen of
metropoolbeelden waarin de grootstadtriphop van Shadow gedijde.
Slechts een enkele keer gaf ze de telescopische meerwaarde die ze
in dat eerste halfuur beloofde, maar dan waren de cartoons,
onderwaterbeelden en close-ups ook wel schijnbaar recht uit een
film van Roy
Andersson
geplukt zo mooi. Kraftwerk met kettingzagen naast een
zich langzaam verwijderende Death Star, een verborgen ode aan
rapper Q-Tip en figuurtjes uit het DOS-tijdperk vormden op dat
moment even een perfecte aaneenschakeling.

En wat was er van de muziek? Die bleef een vrij emotieloze brij,
hoe hard Shadow ook propageerde dat de tonen die hij bracht haat,
racisme, oorlog en Nicolas Sarkozy uit de wereld konden helpen, tot
hij de bisnummers aankondigde als iets volledig nieuws. En plots
waren de drums wel raak, de bassen wel snedig en de beats wel
origineel en stomend. Een Judy Garlans-stemmetje dat overgaat in de
ijle beats die Radiohead wel eens als b-kantje perst tot de vuilste
triphop aan deze kant van het woord ‘opwindend’, twintig minuten
lang maakte Shadow de best mogelijke reclame voor het dra te
verschijnen ‘The Less You Know, The Better’. Benieuwd? Benieuwd!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

15 + elf =