Arcade Fire :: The Suburbs

Merge / Sonovox, 2010.

Eerlijk, welke goedbedoelende ziel met een hart voor melodie kan
weerstaan aan de lokroep van Arcade Fire? De
Canadese formatie rond Win Butler en Régine Chassagne is sinds hun
baanbrekende debuut ‘Funeral‘steeds een
band van superlatieven geweest. ‘Funeral’ overtrof alle
verwachtingen en groeide uit tot misschien wel de belangrijkste
rockplaat van het voorbije decennium. Opvolger ‘Neon Bible‘ (2007)
was niet alleen een instant commercieel succes, het was een
geweldig album dat niet de impact van zijn voorganger had, maar een
donkerder Arcade Fire toonde.

Arcade Fire is ook altijd de band van het publiek geweest. Van het
grote, theatrale gebaar. Van massa-adoratie. Zonder te moeten
inboeten aan authenticiteit of geloofwaardigheid. Zonder te
schrijven met het oog op commercieel succes. Dat hebben ze voor op
bands als The
National
en hun landgenoten van Broken Social Scene,
beiden eerder voer voor liefhebbers.

En daar zal anno 2010 niets aan veranderen, want ‘The Suburbs’ is
opnieuw een overweldigende ervaring die liefst 16 songs wordt
volgehouden. Een ervaring die je al van bij de eerste luisterbeurt
vastgrijpt en intenser wordt naarmate de plaat zich meermaals
meester van je heeft gemaakt. Het is een conceptalbum rond de
voorstad geworden, geïnspireerd door de jeugd van Win en
” schreeuwt de frontman het uit in ‘The Month
of May’. De arrangementen zijn wat bescheidener dan voorheen, maar
de songs staan er. Het is een album waarop nostalgie gepaard gaat
met schaamte maar ook met aanvaarding: “If I could have it back
/ All the time we wasted / I’d only waste it again
“. Zo sluit
het album af in ‘The Suburbs (continued)’ in een perfecte
cirkelbeweging.

Want met ‘The Suburbs’ opent Arcade Fire hun derde full album. Het
nummer schokt ietwat gelaten vooruit in een mix van melancholie en
nostalgie. Het is de perfecte introductie tot het verhaal van de
volledige plaat, die pas echt uit de startblokken schiet met het
geweldige ‘Ready to Start’. Met een zinderende drive ontvouwt de
song zich in een dubbele climaxbeweging. Het is met de nodige
kracht dat Butler aan de wereld schreeuwt klaar te zijn om het
leven met beide handen vast te nemen. De aanvaarding is een
feit.

Wat volgt is een reflectie over het leven van vandaag in ‘Modern
Man’, een song die door zijn onnatuurlijke ritme wat tijd vergt, al
nemen enkele heerlijke wendingen je wel onmiddellijk mee. Sneller
overtuigend is het daarop volgende ‘Rococo’, over de modern
kids downtown
, die dure woorden gebruiken waarvan ze de inhoud
niet volledig snappen. De hele song is een streling voor het oor,
met een geweldige intro, zanglijn en opbouw. Vooral de climax pal
in het midden van de song is een van de krachtigste stukjes muziek
die we dit jaar zullen horen. En het niveau blijft huizenhoog, want
‘Empty Room’ is één verdomd aanstekelijke sweep vooruit en
lijkt elke seconde van positieve energie open te barsten.

‘City With No Children’ is het eerste, kleine scheurtje in het
firmament en ook het sierlijke ‘Half Light I’ weet zich niet genoeg
vast te grijpen, maar ‘Half Light II (No Celebration)’ is wel
helemaal raak. De song krijgt vaak anthem-proporties, al is het
geen vrolijke anthem, en zwelt fantastisch aan, zoals enkel Arcade
Fire dat kan. ‘Suburban War’ is een ingetogen, contemplatief nummer
over een verloren gegane jeugd – “All my old friends / They
don’t know me now
“, met enkele schitterende tempowissels.
‘Month of May’ is dan weer een uit het niets opspringende, sterke
garagesong, die stilistisch dan wel niet volledig in het plaatje
past maar anderzijds de diversiteit van dit album vergroot. Een
beetje zoals Yo
La Tengo
ook graag met snedige garage verrast.

‘Wasted Hours’ is degelijk maar wellicht het minst overtuigende dat
de Canadezen ons voorschotelen. ‘Deep Blue’ is verre van de meest
opvallende song maar is erg charmant. ‘We Used to Wait’ drijft
voort op een staccato pianoritme en heeft met onder meer “Now
our lives are changing fast / Hope that something pure can
last
” enkele van de mooiste momenten van dit album. ‘Sprawl I
(Flatland)’ is het erg ingetogen eerste deel van een tweeluik rond
‘the sprawl’ – fans van stadsarchitectuur weten waarover het gaat –
dat tot een hoogtepunt komt in ‘Sprawl II (Mountains Beyond
Mountains)’. Het is de tweede song met Régine aan het roer en lijkt
elektronica-gedreven alsof Fever Ray, die over
verstedelijking zingt. Lovely.

Na twee overweldigende albums is Arcade Fire erin geslaagd een
derde keer bijzonder krachtig uit te halen. ‘The Suburbs’ is een
juweeltje dat geen minuut verveelt en de status van Arcade Fire
bevestigt als meest tot de verbeelding sprekende rockband van hun
generatie. Hulde!

http://www.arcadefire.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 − 11 =