Fursaxa :: Mycorrhizae Realm

Een mycorrhiza is volgens Wikipedia "een mutualistische symbiose van schimmels en plantenwortels", waarvan de vliegenzwam en het eekhoorntjesbrood de bekendste zijn. Het is een voorbeeld van een interactie in het voordeel van beide "partners", een tot lering verstrekkend voorbeeld uit de natuur en een mooie omschrijving en samenvatting van Fursaxas zevende studioalbum.

Tara Burke, de vrouw achter Fursaxa, heeft de laatste tien jaar voornamelijk alleen gewerkt. Haar band was een eenmansgroep waarmee ze sinds haar debuut Mandrake in 2000 de aandacht trok van eigenzinnige acidfolkliefhebbers. Alle albums nam ze op een eenvoudige viersporenrecorder op, waarbij ze alle instrumenten en zangpartijen voor haar rekening nam. Voor dit album trok ze niet alleen voor de eerste maal de studio in maar koos ze met Greg Weeks, Helena Espvall (beiden Espers) en Mary Lattimore ook voor gastmuzikanten.

Samen met deze wijziging in aanpak lijkt Fursaxa ook voor een minder dwingend geluid te hebben gekozen, een dat niet zwanger van onheil en verderf is, maar net hoopvol klinkt. "Lunaria Exits The Blue Lodge" bijvoorbeeld klinkt alsof het zo weggeplukt is uit een oud Indiaans ritueel waarbij de aanwezige deelnemers trachten in contact te treden met de andere wereld. "Celosia’, onbeheerster van toon, beweegt zich in eenzelfde tussenwereld voort evenals "Well Of Tuhula", een introspectieve reis doorheen de eigen geestwereld.

In de andere songs kiest Fursaxa voor een verwant ingetogen geluid maar opteert ze ook voor andere invalshoeken. Het eerder Keltische "Ode To Goliards" bijvoorbeeld is als een hymne aan de goden waar het dromerige "Charlotte" (met behoedzaam harpgetokkel) veeleer een verloren gewaande ballade voor een hoofse liefde is. "Poplar Moon" koppelt een middeleeuwse manier van zingen aan een repetitieve gitaarlijn, "Unhead Bowed" daarentegen klinkt veel meer folkgericht en kiest resoluut voor een etherisch gezang.

Zes albums lang leek Burke verloren te lopen in haar eigen duistere wereld waarbij folkmuziek in zijn vele vormen vooral de ongekende natuur en de daarmee verbonden destructieve krachten leek te willen bezweren. Op Mycorrhizae Realm valt daar nog weinig van te merken. Het lijkt wel alsof Fursaxa dankzij het samenwerken ontdekt heeft dat de natuur niet alleen steunt op parasitisme of parasitidoïsme maar dat er ook een wederzijds voordeel kan bestaan.

Burke blijft trouw aan haar geluid, alleen heeft ze ditmaal gekozen voor het licht en de dageraad. Ditmaal zijn de rites en spreuken geen angstig prevelen maar net een eren en aanvaarden. Mycorrhizae Realm draagt hoop en ontzag uit, het is veeleer het leven vieren dan mogelijk onheil afzweren, het is de omarming van het bestaan in harmonie en evenwicht met al wat leeft en bestaat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

13 + 15 =