Vampire Weekend :: Contra

De mannen van Vampire Weekend wisten de voorbije twee jaar een hoop zieltjes te winnen met hun aanstekelijke etnopop. Op hun tweede album doen ze echter zo eigengereid hun zin dat een hoop van die fans er fronsend naar zullen luisteren.

Vampire Weekend is de band you’d love to hate. Een groep rijkeluiszoontjes die elkaar op een Ivy League-universiteit leerden kennen. Een van de groepsleden componeert ook wel eens wat filmmuziek en ze laten zich in hun springerige pop graag beïnvloeden door etnische ritmes. Zolang dat immens catchy popplaten als Vampire Weekend oplevert, klagen we echter niet.

Op hun nieuwe plaat Contra horen we heel wat minder catchy geluiden, wat ons enthousiasme al snel deed verwelken. De catchy sound van het debuut is zeker nog aanwezig: op “Horchata”, “Holiday” en eerste single “Cousins” bijvoorbeeld, maar toch ontbreekt de pittigheid van een “A-Punk” of het ongegeneerde loos gaan van een “Walcott”. Bovendien lijkt er soms zo hard over de songs nagedacht, dat ze kil zijn gaan klinken.

Dat ligt vooral aan een overdadig gebruik van samples, synthesizers en andere geluiden uit een doosje. Waar heel wat artiesten erin slagen elektronica warmte te geven, botst het op Contra meermaals met de songs. Er klinkt altijd wel een beat te hard door en elke tempowisseling lijkt wel door een nieuw percussie-instrument ingezet te worden. Tot overmaat van ramp wordt Koenigs stem op “California English” (bewust) alle kanten uit vervormd. Aan moed en goede ideeën geen gebrek op Contra, maar een beetje beheersing ware goed geweest want te veel elektronica staat Vampire Weekend niet.

“White Sky” is bijvoorbeeld een geweldige song, die danig de nek wordt omgewrongen door een irritant droge drumcomputer, die bovendien ook “Taxi Cab” nog even mag komen dwarsbomen. “Giving Up The Gun” komt bijna volledig uit de laptop en “Diplomat’s Son” samplet zowaar M.I.A.. Leuk dat er grenzen verlegd worden, maar dat soort scherpe elektronica vloekt met de zoetgevooisde etnopop die de groep niet helemaal overboord kan gooien. Ze proberen wel wat waanzin in hun slim gecomponeerde songs te sluizen, maar het staat hen gewoon niet.

Soms vallen de stukjes wel mooi in elkaar. Zo barst “Run” van de bizarre geluiden, maar wordt alles mooi samengehouden door een fantastische zanglijn van Koenig met “It struck me that the two of us could run” als geweldig non-refrein. Het is een toegankelijke versie van de muziek waar Dirty Projectors en Animal Collective ons vorig jaar op trakteerden. “I Think U R A Contra” is dan weer een verknipte versie van een Disney-ballad en mogelijk de beste track.

Er is duidelijk hard gewerkt aan Contra, maar het album mist de ziel van Grizzly Bear’s Veckatimest, het wil-iemand-me-dit-eindelijk-eens-uitleggen van Animal Collective en vooral de leute van hun eigen debuutalbum. Het is geen slecht album, maar het mist de smoel die Vampire Weekend’s debuut wel had. Het zou ons dan ook ten zeerste verbazen als Contra alsnog even hard onder de huid zal kruipen als Vampire Weekend.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 1 =