The Horros :: Primary Colours

XL, 2009

Eerlijk gezegd hadden we niet zo veel vertrouwen in The Horrors,
toen we hen drie jaar geleden voor het eerst zagen prijken op de
frontpagina van de NME. De vijf uitgemergelde vogelverschrikkers
riepen bij ons veeleer het schrikbeeld op van weer zo’n plat
emobandje, dat afgelikte, platgeproducete pop maakte dat mijlenver
stond van het ongetwijfeld stoere imago dat ze zich wilden
aanmeten.

Nadat we hun single ‘Jack the Ripper’ een paar keer op de radio
hadden gehoord, bleek het wat die platte pop betrof nog wel mee te
vallen. Het nummer (een cover van de excentrieke, manisch
depressieve Brit Screaming Lord Sutch) was volgens ons ook meteen
de beste track van debuutplaat ‘Strange House’. Die plaat was
nochtans lang niet zo slecht als sommige mensen (die meer verstand
hebben van muziek dan wij) beweerden, maar zoals er nooit rook is
zonder vuur was de kritiek die het vijftal over zich heen kreeg
niet helemaal onterecht.

Op de eersteling primeerde vorm op inhoud: The Horrors maakten iets
dat klonk als een gekruide mix van psychobilly en 60’s
garage punk, maar wanneer dat bovenste laagje werd weggekrabd
bleken daar weinig echte songs onder te zitten. Intussen zijn we
twee jaar verder en blijkt de band plots hot te zijn.
Nadat de eerste plaat door experts naar de vuilnismand werd
verwezen, wordt opvolger ‘Primary Colours’ vandaag overladen met
nagenoeg uitsluitend lovende kritieken. Terecht, want de tweede
plaat ís een sprong voorwaarts na het eendimensionale debuut.

Wanneer we de twee cd’s met elkaar vergelijken, stellen we vast dat
dezelfde vijf muzikanten (bassist en toetsenman verwisselden wel
van instrument) plots beklijvende songs kunnen schrijven) en dat
zij met Portishead-brein Geoff Barrow een producer hebben gevonden
die waakte over de inkleuring én de structuur van de nieuwe
nummers. Deze plaat kreunt bijgevolg niet onder een overdosis
overstuurde bassen en gitaren of dolle Farfisa-orgeltjes, die de
tracks op ‘Strange House’ wel eens dichtplamuurden en herschiepen
tot een smakeloze brij.

Baanbrekend of vernieuwend zijn The Horrors (nog) niet geworden,
maar de genres en stijlen waar ze uit putten voor deze plaat passen
hen duidelijk beter dan die van op de eerste. Het kwintet speelt
zelfs nog meer leentjebuur dan op het debuut, want er zit
shoegaze in (de fuzzgitaren), postpunk en new wave (de
baslijnen, de uitwaaierende gitaren, zanger Faris Rotter die klinkt
als een missing link tussen Mark Burgess van The Chameleons en
Richard Butler van Psychedelic Furs), krautrock (de metronomische,
repetitieve drums van Neu! en Can), hier en daar een snuif
spacerock (de ijle synths) en één keer zelfs de duistere
glam van de vroege Suede.

Wat van meet af opvalt, is dat de plaat erg goed klinkt. De
productie geeft dan ook voldoende ademruimte aan de afzonderlijke
instrumenten. Door te kiezen voor subtiliteit krijgen de songs meer
reliëf dan wanneer men had geopteerd voor een luide in your
face sound
met op elkaar gestapelde lagen gitaar en drums. Het
voornaamste is echter dat er achter de effecten en de klankkleuren
deze keer wel deugdelijke songs schuilgaan, die in de meeste
gevallen ook zonder die opsmuk moeiteloos overeind zouden zijn
gebleven.

De combinatie geslaagde sound/goede songs is dan ook de grote troef
van deze plaat. Sommige songs – zoals de titeltrack, van nature een
up-tempo, catchy popsong – zijn in se sterk genoeg om het
zonder veel extra inkleding te doen, bij de kwalitatief mindere
tracks (zoals het langdradige ‘I Only Think of You’) slagen de
arrangementen erin – deels toch – de meubelen te redden.

Ondanks de variatie en de subtiliteit is ‘Primary Colours’ een
plaat die zich het best als één geheel laat beluisteren en
beoordelen. Er staat niet één nummer op dat helemaal uit de toon
valt of van begin tot einde ondermaats is. Zelfs de mindere
momenten in bepaalde nummers vormen essentiële puzzelstukken van
een groter, sfeervol geheel. Het is dan ook moeilijk om er
favoriete tracks uit te lichten.

Het zou niet echt rechtvaardig zijn om voor een derde plaat een
even grote sprong voorwaarts te verwachten van The Horrors. Dat
neemt echter niet weg dat we na deze ‘Primary Colours’ meer dan
ooit benieuwd zijn naar waar deze groep zal staan binnen een jaar
of vijf. Voor het zover is willen we hen echter eerst live aan het
werk gezien hebben. Dat kan volgend weekend al op Rock Herk en in
Dour, maar toch lijken de twee data in het najaar (Halloween en
Allerheiligen) ons geschikter om hun donkere songs te
savoureren.

The Horrors spelen op 17 juli op Rock Herk (Herk-de-Stad) en op
18 juli op Dour. Op 31 oktober spelen ze in Brussel (Botanique), op
1 november in Gent (Minnemeers).

www.thehorrors.co.uk
www.myspace.com/thehorrors

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

6 + 7 =