Tomàn :: Where Wolves Wear Wolf Wear

Een conceptalbum dat veertig minuten duurt en in essentie één lange track is (toegegeven, hij is opgedeeld in zeven songs)? Een plaat die daarenboven alleen maar zin maakt, wanneer men ook het bijhorende “stripverhaal” volgt? De jongens van Tomàn lijken wel definitief de pedalen verloren te hebben op deze derde plaat.

Een eerste beluistering lijkt dat nog meer te onderstrepen. De postrock en indietronica die op de voorbije twee platen in meer of mindere mate aanwezig was, is weliswaar verlaten maar de vreemde mix van stijlen die ervoor in de plaats gekomen is, vormt geen meerwaarde. Althans niet bij een eerste luisterbeurt. Want wie bereid is de plaat een tweede, derde en…keer te beluisteren, raakt steeds meer gefascineerd door de wereld die de band gecreëerd heeft.

Wat aanvankelijk klinkt als een ongeïnspireerde opvolging van melodietjes en klanken maakt zichzelf kenbaar als een knap opgebouwde constructie die ingenieus in elkaar klikt. Na een paar beluisteringen is het ergens zelfs jammer om te beseffen dat de band vooralsnog geopteerd heeft voor aparte songs als toegeving richting de luisteraar, want Where Wolves Wear Wolf Wear heeft alleen maar zin wanneer het geheel chronologisch gevolgd wordt.

Het is dan ook onzin om de tracks apart te bespreken, zonder het grotere geheel betekenen ze immers niets, hoe leuk ze ook klinken. Neem nu het tweede nummer waarvan het enkele minuten duurt eer de song zich tot een rockpareltje met de nodige weerhaken ontpopt. Wanneer het echter samen met de vorige en volgende track geconsumeerd wordt, dan klopt elke seconde als een bus en is er geen gevoel van overbodigheid of nodeloze tijd rekken.

Maar hoe de plaat dan bespreken? Door het verhaal hier al weg te geven? En wat zou dat verhaal dan moeten zijn? Tomàn heeft een duidelijke visie maar laat het aan de luisteraar over om aan de hand van de muziek, tekst en tekeningen het hele verhaal zelf te reconstrueren. En daarvoor is de band bereid om ver te gaan. Onderaan de tekeningen staat immers steeds waar in welk nummer het verhaal zich bevindt zodat de luisteraar te allen tijde een gids bij de hand heeft.

Die tekeningen vormen op zich ook al een lust voor het oog, zelfs al is groepslid Lode geen geoefend of geschoold tekenaar. De naïviteit waarmee hij het verhaal (dat hij mee geschreven heeft) vorm weet te geven, draagt in belangrijke mate bij tot de totaalervaring van Where Wolves Wear Wolf Wear. Bovendien weet hij op een speelse wijze in de achtergrond belangrijke details te verbergen waardoor zelfs de titel duidelijk wordt voor wie er oog voor heeft.

Twee platen lang grossierde Tomàn in postrock en indietronica waarbij steevast de verzuchting ontglipte dat de band zich nog niet volledig van zijn invloeden had weten los te ketenen. De plaat die hij in zich had, kwam wel om de hoek gluren maar toonde zich niet in volle glorie. Paradoxaal genoeg slaagt Tomàn er nu wel in met een plaat waarop hij finaal breekt met postrock en aanverwanten. Iets wat hem in de eerste plaats op de kaart zette.

Where Wolves Wear Wolf Wear is een totaalervaring, de nummers apart betekenen niets, alleen wanneer ze na elkaar beluisterd worden, maken ze hun doel kenbaar. Op zichzelf zijn ze niet meer dan losse ideeën zonder begin of einde. Het is een plaat die niemand had zien aankomen, en dat maakt de impact des te groter. Tomàn heeft zichzelf niet met dit album alleen heruitgevonden maar ook eindelijk de plaat gemaakt waarop iedereen sinds het debuut Catching A Grizzly Bear, Lesson One op zat te wachten. En het enige dat de groep daarvoor hoefde te doen, was de jacht finaal staken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf − drie =