Khale :: Sleepworks

Subtiele beats en akoestische gitaren zijn lang geen nieuwigheid meer, maar toch is er af en toe iemand die zich van de doorsnee indiekid weet te onderscheiden. Bijvoorbeeld door simpelweg kwaliteit af te leveren. Kael Smith en zijn en cours de route samengestelde band debuteren sterk met Sleepworks.

Traag werkende artiesten, een mens zou er zich dood aan ergeren. Als bands in de jaren zestig twee langspelers per jaar konden voortbrengen, waarom zou dat nu niet meer lukken? Het is een vraag die het inslapen al eens bemoeilijkt, maar waarom ze niet omkeren? Misschien is de huidige generatie artiesten niet lui en waren de jonge honden van weleer gewoon veel sneller tevreden? Neem Sleepworks, het debuut van Khale. Had de plaat eerder het licht gezien, ze was vast niet half zo goed geweest.

Het zit zo: ruim twee jaar geleden liep ene Kael Smith rond met het idee een plaat op te nemen. De singer-songwriter uit Denver toog begin 2006 aan het werk voor wat een plaat met enkel zang en gitaar moest worden. Gaandeweg kwam Smith echter in contact met de stadsgenoten van Blusom en algauw bevond met multi-instrumentalist Jme White zich de helft van die band bij Smith in de studio. Nadat het duo reeds enkele nummers afgewerkt had, vervoegde ook synthesizerspeler Matt Herron Khale hen, waarmee de band wel heel ver afgedreven was van wat Smith initieel voor ogen had. Maar het eindresultaat dat het trio aflevert, is van een dermate indrukwekkende kwaliteit dat het moeilijk te geloven is dat Smith in z’n eentje een even mooie plaat afgeleverd zou hebben.

Sleepworks is immers een debuut om te koesteren en desgewenst mee onder de lakens te kruipen in een poging om de knusheid van het album fysiek helemaal te ondergaan. Bovendien is Sleepworks een bij uitstek trage plaat, wat maakt dat wanneer het album opstaat, luisteren de enige activiteit is die je kan verrichten. Met een piano die knipoogt naar het doorschijnende album van Sigur Ros zet opener "Garrison" de toon voor het hele album: Khale fluistert zachtjes en dringt zich niet op, maar komt integendeel heel rustig en bezwerend in "The Living Desert" aanzetten met de subtielste en tegelijk zowat mooiste elektronics die we in lange tijd gehoord hebben.

Uitermate fragiel klinken de beats en de kleine stoorzendertjes maken dat het resultaat nog kwetsbaarder klinkt, alsof deze muziek het equivalent is van voorzichtig schuifelen op een pas bevroren vijver. Van dezelfde orde is "Wild To See You", een liefdeslied dat zich qua sfeer aandient als een slowmotion-versie van "Neighborhood # 2 (Laika)" en op zijn eigen, zachtaardige manier duidelijk maakt dat je niet per se orkestraal te werk moet gaan om naar een climax op te bouwen.

Dat bij dat alles de stap van het pure singer-songwriterschap naar een ietwat uitgebreider geluid een zeer goede zaak is, valt te horen in "My Sister’s Curiosity". Het nummer is opgebouwd als eenvoudige gitaar-stem-compositie, maar de elektronica-toets die er nadien aan toegevoegd is, verleent het nummer iets magisch en maakt dat het gezelschap zich verheft boven de doorsnee gitaartokkelaar, wat Khale ook een uitgepuurdere uitstraling bezorgt dan de doorsnee indietronicaband. En dat levert inhoudelijk alleen maar kwaliteit op, met een uitermate mooie plaat boordevol middernachtmuziek als resultaat.

Op 11 juni speelt Khale in L’Escalier in Huy.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier + 17 =