Fleet Foxes :: Sun Giant (EP)

Mannen met baarden: in het dagelijkse leven voelen we er ons niet per se tot aangetrokken, maar in onze platenkast hokken ze tegenwoordig opvallend vaak samen. Na The Cave Singers en Bon Iver komt Fleet Foxes, vijf mannen uit Seattle die dit jaar ongetwijfeld ons eindejaarslijstje zullen bevolken.

Eerlijk gezegd: slechts twee van de vijf groepsleden dragen een baard, maar er zijn snorren en lange haren… Maakt u nu spontane associaties met kampvuren, akoestische gitaren en teenslippers, dan bent u eigenlijk niet zo ver van de realiteit. Alleen gaat het bij Fleet Foxes over gigantische vuren zonder enig spoor van een uniform, over opflakkerende harten, over desolate landschappen.

Fleet Foxes circuleert al een tijdje op diverse muziekblogs en maakte tijdens de laatste editie van SXSW furore. Zo geraakte de groep zelfs tot de hypegevoelige oortjes van Eppo Janssen, aldaar aanwezig. Het vijftal uit Seattle brengt voorlopig enkel een ep uit, terwijl het vooral “White Winter Hymnal” uit het te verschijnen debuut is dat hen bekend maakte. Het eponieme debuut verschijnt in augustus. Ondertussen houden ze ons zoet met deze vijf nummers tellende Sun Giant.

Grootse vocale harmonieën en een onbeschaamd ouderwetse orkestratie lijkt het credo van deze groep. Opener “Sun Giant” en zijn a capella-intro van 1’27” is een richtingaanwijzer. De bijna pastorale sfeer wordt gevolgd door enkele lichte gitaartokkels en geneurie. Hun nummers zijn geen gewone songs, ze klinken als heuse hymnen met de complexiteit van een klassieke partituur: bruggen, toonaardenwissels en ritmeverschuivingen worden allemaal in de duur van een gemiddelde rocksong gepropt. “Drops In The River” is daar een verbluffend voorbeeld van. Van een rustige a capella bouwen ze via een Crosby, Stills, Nash & Young-behandeling van akoestische gitaren en begeleidende percussie op naar een bombastische finale met dulcimers en koto’s (Japans snaarinstrument).

Die combinatie van meerstemmigheid en complexe orkestratie echoën Crosby, Stills & Nash (& Young), of de uitdrukkelijke rock en pop van Fleetwood Mac, zodat we, rekening houdend met die invloeden, ook denken aan recentere voorbeelden als Midlake en Band Of Horses. Fleet Foxes klinkt heerlijk tijdloos, of misschien net het tegenovergestelde: de tijdgeest van de jaren ’60 en de vroege jaren ’70 zit hier zo ingebakken dat we ons in de platencollectie van onze ouders wanen. De ouderwetse drumpatronen en eeuwige harmonieën van de groep werken zich op dat vlak naar een hoogtepunt in “Mykonos”, met alweer die ontelbare bruggetjes en ritme-en toonaardenwissels. “Brother you don’t need to turn me away/I was waiting down at the ancient gate” klinkt het daar in perfecte meerstemmigheid die je doet verlangen naar oude lp’s van The Mamas & The Papas.

Muzikaal is dit zo rijk en emotioneel dat het ons niet veel uitmaakt wat ze op tekstueel vlak uitkramen. Er wordt rijkelijk met adjectieven en metaforen gestrooid, natuurbeschrijvingen en lyrische opeenvolgingen van woorden. Maar er is natuurlijk de liefde: “There is no time / For hesitation now / You come or go / Or go” (“Innocent Son”).

Het moge duidelijk zijn dat we Fleet Foxes met meer dan open armen ontvangen. Deze ep is de perfecte trailer voor de langspeelplaat. Ingehouden adem en vingers gekruist voor een optreden op Pukkelpop?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 + 7 =