The Darjeeling Limited




91 min. / VS
/ 2007

De films van Wes Anderson zijn altijd al een beetje een reis
naar het onbekende, surrealistische en absurde geweest, maar voor
zijn nieuwste, ‘The Darjeeling Limited’, trekt de quirk
der quirkers pas écht op reis en is de eindbestemming nog
kleurrijker dan alle voorgaande uitstapjes samen. Anderson heeft
zijn customised Louis Vuitton-koffers gepakt voor een
meditatief treinreisje dwars doorheen India en vindt in het land
van de meest pikante gerechten, fluwelenroze gewaden en hippe
sitardeuntjes zijn meest volwassen prent tot op heden. Niet dat
groupies van de coolste nerd in alternatief filmland bang moeten
zijn; ‘The Darjeeling Limited’, een zoetzuur gekruide tragikomedie
over de spirituele reis van drie disfunctionele broertjes, is weer
vintage Anderson. Opbeurende tristesse, een hypergestileerd design
om in te verdwalen, droogkomische gniffelmomenten en een
compilatiesoundtrack (The Kinks zorgen voor een vroeg
kippenvelmoment) om bij weg te zweven. En toch zit er onder die
verleidelijk hippe verpakking ook een zacht ontroerend relaas
verborgen over een trio afbrokkelende bloedverwanten die met botsen
en builen elkaar leren waarderen voor wat ze echt zijn: familie.
Met een hoek af.

Eén jaar na de dood van hun vader worden de depri broertjes
Whitman voor het eerst herenigd op The Darjeeling Limited, een
ietwat boemelende maar prachtig ingerichte trein die door het
kleurrijke en excentrieke landschap van India tuft. Francis (Owen
Wilson) is de oudste van de kliek en de enthousiaste leider van de
spirituele tocht. Hij heeft net een motorongeluk en een
bijna-doodervaring achter de rug die de gezwachtelde kop en
wandelstok verklaren. Zijn broer Peter (Adrien Brody) staat op het
punt vader te worden en ziet de reis eerder als een laatste
vluchtpoging dan als de broederlijke hereniging die Francis voor
ogen heeft. Jack (Jason Schwartzman), de jongste broer, is een
schrijver met writer’s block en liefdesverdriet, die hoopt op wat
herbronning, verstrooiing en inspiratie. De samenkomst van de drie
eigenzinnige karakters zorgt voor meer botsingen dan zalvingen en
er zal meer nodig zijn dan de gelamineerde dagindelingfiches van
Francis om de harmonie te herstellen. Een ontsnapte gifslang, een
gestolen schoen, een spuitbus pepperspray en een aantrekkelijk
stewardessje. De jongens zullen The Darjeeling Limited niet snel
vergeten. En omgekeerd.

Voor de eerste keer in zijn carrière heeft Wes Anderson moeten
loslaten. Waar zijn vorige curieuze curiosa onder controle werden
gehouden door beperkte locaties die als een volledig op zichzelf
staand universum disfunctioneerden (de kostschool van Max Fischer,
het herenhuis van de Tenenbaums en de schuit van Steve Zissou),
heeft hij zich voor zijn spirituele railroad movie ‘The Darjeeling
Limited’ moeten overgeven aan de chaos van het hectische India. Al
een geluk dat hij in zijn verrukkelijk gedecoreerde Darjeelingtrein
kon wegvluchten, de vooruitpuffende microcosmos waarin de drie
protagonisten op metaforische wijze hun complexen uitzweten. En zo
lijkt ‘The Darjeeling Limited’ wel een ambitieus experiment waar
Andersons symmetrisch verantwoorde wereldje (visueel is het weer
smullen) wordt losgelaten in een stukje van de echte, van het
westen gedistantieerde wereld. Een cultuurclash met magische,
grappige, bevreemdende maar uiteindelijk ook herkenbare botsingen.
Yup, Wes scoort ook op verplaatsing.

Vertrekkend vanuit een licht-absurd uitgangspunt (een
geforceerde en gestuurde spirituele tocht) mengt Anderson naar
goede gewoonte humor en drama tot een bitterzoet palet van
lichtvoetige melancholie en nonsensicale tragedie die meer mensen
zal afschrikken dan aantrekken. Net zoals bij zijn vorige
tragikomedies is de plot ondergeschikt aan de personages en een
sluimerende thematiek over alweer een onverwerkt vadercomplex. Ook
de aandacht voor minuscuul kleine details, zowel stilistisch als
inhoudelijk, lijkt soms op een excuus om iets substantieel te
vertellen. En akkoord, soms flirt Anderson net iets te gevaarlijk
met grillige eigenschappen die alleen maar aanwezig zijn omdat ze
er cool uitzien. Zo mag er altijd iemand eens vertellen waarom
Jason Schwartzman de hele tijd op zijn blote voeten rondloopt of
waarom de broers hun veel te warme – maar überhippe – maatpakjes
niet inruilen voor een iets minder okselvijverinducerende
garderobe. Je kan over die nietszeggende details struikelen, maar
die originele spielerei is nu eenmaal eigen aan de kronkels van
Anderson. Veel belangrijker is dat de meeste visuele details en
neurotische karaktertrekjes (de scène waarin ze elkaars medicijnen
vergelijken is hilarisch) wel degelijk iets betekenen en een
functie hebben: ze vertellen namelijk een fragiel en pijnlijk
verhaal dat langzaam maar zeker onder de huid kruipt.

Want hoe aanstekelijk quirky ‘The Darjeeling Limited’
ook mag beginnen (fantastische openingsscène met een leuke cameo
van Bill Murray), halverwege het treinavontuur trekt Anderson
bruusk aan de noodrem en stuwt hij het met droge dialogen (‘the
train is lost’
) en zuinig gedoseerde slapstick (The Marx
Brothers zijn nooit veraf) overgoten reisje naar meer dramatische
en troebele wateren. Vrij letterlijk zelfs. Dat tragere tempo (een
late flashback duurt net iets te lang) en die verschuiving van een
upbeat toontje naar een meer elegisch sfeertje is even
wennen. Anderson heeft zijn personages uitgebreid voorgesteld,
gekke dingen laten doen, maar wil nu ook dat ze één voor één een
plekje in je hart veroveren. Wie de moeite doet om zich open te
stellen voor Andersons symboolzwangere (emotionele baggage, we
get it!
) en in onvermijdelijke slowmotion gedraaide catharsis
zal het zich in ieder geval niet beklagen. Zelden met zo’n
bevredigd gevoel van warme weemoed naar huis getrokken.

Op Adrien Brody na zijn de acteurs geen onbekenden in the
life eccentric with Wes Anderson
. Owen Wilson zat in al zijn
vorige films en levert in ‘The Darjeeling Limited’ één van zijn
beste prestaties, ook al loopt hij de hele tijd rond met een
gemummificeerde kop. Een neurotische controlefreak die zijn
littekens verstopt achter een onuitputtelijk enthousiasme, maar
ondertussen ook moeiteloos de sympathie wint met zijn wanhopige
pogingen om terug close te worden met zijn broers. Een
vertolking die bovendien een akelige naklank krijgt na de
zelfmoordpoging van de nonchalante grapjas. Ook de andere twee zijn
aardig op dreef. Brody, verstopt achter de veel te grote bril van
zijn overleden vader, is misschien wel het meest herkenbare
personage van allemaal en Jason Schwartzman – die doorbrak met
Andersons ‘Rushmore’ – houdt zich
koddig schuil achter een pijnlijke relatiebreuk en een schattig
pornosnorretje. Schwartzmans personage krijgt trouwens wat extra
diepgang in ‘Hotel Chevalier’, een bitter maar sfeervol proloogje
met een glansrol voor de perzikpoep van Natalie Portman.

‘The Darjeeling Limited’ laat voorzichtig een iets rijpere en
meer reflectieve Anderson aan het werk zien, maar het blijft toch
vooral een typisch eigenzinnige uitstap in het bizarre
Andersonuniversum waar de believers likkenbaardend naar
zullen terugkeren en de non-believers nog altijd even
apathisch en onbevredigd aan de deur zullen blijven schuifelen.
Stiekem hoop ik dat Anderson toch eens iets radicaal anders gaat
uitproberen met zijn talent (zijn volgende, de verfilming van Roald
Dahls ‘The Fantastic Mr. Fox’ laten het neusje alvast krullen van
interesse), maar eigenlijk heb ik ook heel hard genoten van deze
zielsverrijkende trip aan de zijde van Anderson en zijn kornuiten.
Mogen ze nog lang en disfunctioneel leven. En moge het poepke van
Natalie Portman nog veel langer door het geheugen wiegen op de
sixtiestonen van van Peter Sarstedt. You talk like Marlene
Dietrich

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig + 2 =