Scott Walker :: And Who Shall Go To The Ball? And What Shall Go To The Ball?

Je telt niet meer mee als je geen muziek voor een dansvoorstelling hebt geschreven. Na Radiohead en Sigur Rós enkele jaren terug, waagt nu ook Scott Walker zich aan een dergelijke componistenopdracht. 4AD brengt de plaat uit in een beperkte oplage en belooft ze nooit meer te zullen herpersen. Toch wel zonde, want And Who Shall Go To The Ball is best indrukwekkend.

Een nieuwe Scott Walker? Een jaar na The Drift al? Yep, Walker doorbreekt zijn patroon en laat ons deze keer géén elf jaar wachten. Of toch weer wel, want And Who Shall Go To The Ball? is geenszins de opvolger van dat meesterwerk. Eerder een "tussendoortje", maar dan wel in pure Scott Walker-stijl.

De muziek voor And Who Shall Go To The Ball? kwam er op vraag van het South Bank Centre in Londen. Eenmaal geschreven ging het naar Raphael Banchela die er een choreografie op maakte voor zijn dansgroep Candoco. Het stuk ging in april in première in het Contact Theatre in het Manchester en werd daar uitgevoerd door zowel gehandicapte als niet-gehandicapte dansers.

Intrigerend uitgangspunt? Dan wilt u vast ook nog weten dat Walker de vier stukken van deze mini heeft geschreven met in gedachte vragen als "Hoeveel lichaam heeft een intelligentie nodig om gesocialiseerd te worden in de tijden van almaar ontwikkelende artificiële intelligentie?" Juist: Walker is nog altijd zo avant-garde dat de rest van de avant-garde van ver op zijn rug staat te gapen. De muziek zelf dan maar?

"De muziek", zo stelt de componist, "zit vol hoekige staccato vormen en kanten die weerspiegelen hoe we de wereld rondom in vlakken verdelen als een gevolg van de vorm van ons lichaam". Voilà, hoeven wij ons werk ook niet meer te doen. And Who Shall Go To The Ball? bevat exact dat: scherp draaiende en kerende, botsende, hortende en stotende cello’s boven een omineus zoemen. Geweldig, want het is van Scott Walker.

Echt waar, geweldig: Walker maakt geen pretentieuze onzin, maar eerlijke, bevreemdende muziek die onbekende hoeken van het bewustzijn verkent. Als een Walker-plaat dus begint met de stille ruis van "Part 1", dan verwacht je iets. Zelfs al zingt de man geen noot, de zeldzame cello die de kop opsteekt en langzamerhand eens uithaalt, wekt een intense spanning op. Die krijgt geen ontlading, maar wordt verhevigd in "Part 2" waar percussie het tempo van een dodenmars aanneemt en violen puntig uithalen. De rust keert weer in "Part 3" waarop gaandeweg bijna klassieke violen invallen. Maar dat is buiten de tegendraadse componist gerekend. Aan het begin van "Part 4" barst uiteindelijk de hel los met atonale strijkers, fluiten, sax, en metalen slagwerk dat recht uit het magazijn van Einstürzende Neubatuen komt.

De verrassing is weg — Walker heeft sinds Tilt zijn idioom gevonden — maar deze And Who Shall Go To The Ball? is opnieuw onnavolgbaar. Ook zonder choreografie om te volgen, zelfs zonder die dramatische zang blijft de muziek spannend. Ook op een miniplaat blijkt Walker groots.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 10 =