The Brave One




119 min. /
USA/ 2007

Regisseur/schrijver Neil Jordan is een man van vele gezichten.
Hij maakt even graag big business uitstapjes als meer
persoonlijke low-budget arthousepareltjes. ‘Interview With The
Vampire’ mogen we dan wel bewaren in ons doosje met opschrift
‘jeugdsentiment’, maar met ‘The Brave One’ bewijst Jordan toch nog
maar eens dat we hem al bij al liever het wilde poesje in Cillian
Murphey zien dresseren (‘Breakfast on Pluto’),
dan als een schoothondje achter Madame Hollywood Jodie
Foster aan te hollen. De 45-jarige Foster, met een IQ dat niemand
durft te meten, beweerde al langer met de Ier te willen
samenwerken, maar veel ‘Neil Jordan-vibes’ vallen er niet te
bespeuren in deze cold served revenge dish: zijn visuele
creativiteit wordt volledig verbrijzeld onder een ongeloofwaardig
scenario van Roderick en Bruce Taylor die hiellikkend de
gaapverwekkende standaardnormen én platgetreden paden van Hollywood
opvolgen. Geen instapklare emotionele trip, geen Jordan. ‘The Brave
One’ is vooral een Jodie Foster-film geworden. Foster, die trouwens
producer van dienst is (dat zegt genoeg en het zou me niet verbazen
als ze de dialogen ook een intelligentie-injectie heeft gegeven)
laat weer klasse zien als actrice, maar dat kan niet over de film
gezegd worden…

Jodie kruipt in de huid van Erica Bain, een radiopresentatrice
in New York, die de sleutels tot geluk in handen heeft: een knus
appartement, een hond en een knappe verloofde, David (Saïd uit
‘Lost’). Haar perfecte wereld smelt als een bolletje ijs voor de
zon tijdens een wandeling in Central Park: het verliefde koppel
wordt aangevallen door enkele gewetensloze bendeleden. Haar vriend
wordt doodgeschopt en zij wordt levenloos achtergelaten. Na drie
weken in een coma wordt ze wakker in een nachtmerrie: ze blijft
alleen achter en een verlammende angst houdt haar hart bezet. Dat
gevoel maakt al snel plaats voor iets anders. De politie vindt niet
snel genoeg aanwijzingen naar de daders en uit pure wanhoop neemt
Erica haar lot in eigen handen. Ze koopt een wapen, leert schieten
en doolt ‘s nachts door de straten op zoek naar de daders. Erica
ontpopt zich als wraakengel, een supervrouw die het kwaad van de
wereld eerst in de ogen kijkt om het vervolgens in koelen bloede
uit de weg te ruimen. Is ze een heldin of gewoon knettergek? Is dit
wel de beste manier om gerechtigheid te laten geschieden? Haar
anonieme daden worden met gemengde gevoelens onthaald door haar
luisteraars, maar ze houden iedereen in de greep, ook de
politierechercheur Mercer (Terrence Howard). Hij leert de twee
Erica’s apart kennen: de begripvolle en intrigerende
radiopresentatrice én ‘die andere persoon’, de mysterieuze
moordmachine die ze ‘s nachts wordt, wiens misdaden hij moet
onderzoeken. Beetje bij beetje slaagt Mercer erin om die twee
Maagdenburgse halve bollen als één geheel te zien…

De andere politiemannen in zijn korps overwegen geen seconde dat
de ‘killer’ wel eens een vrouw zou kunnen zijn. Spider- en
supermannen die ‘s nachts de stad zuiveren van gespuis en die hun
traumatisch ei kwijt geraken via frigokoud geweld, dat slikken we
als zoete koek …. maar een vrouw? Die verwerken een groot verlies
toch stikkend en soppend in hun eigen tranen? Dat zorgt ervoor dat
het uitgangspunt van ‘The Brave One’ best nog een originele teint
heeft. Hoe is het met haar zover kunnen komen? Wat drijft een vrouw
tot zulke gruwelijke daden? Hoe kan ze leven met dat bloed aan haar
handen? Maar op die vragen krijgen we geen antwoord.

Erica doet alleen haar mond open voor gruwelijk belachelijke
oneliners als “Ik ben de laatste superkut die je ooit zal zien” en
haar zogezegde morele strijd komt nergens tot uiting. We moeten het
doen met haar lichtjes irritante radiogefilosofeer en het enige dat
ze over haar ommekeer blijft herhalen, is dat ze ‘een andere
persoon’ is geworden. De suggestie van een complex netwerk aan
twijfels en schuldgevoelens in haar hoofd is overdreven, ze is
gewoon een killerbunny in een actiefilm. Het is verdraaid
moeilijk om achter het in your face geweld en het magere
‘pak de stouteriken’-verhaaltje meer te zoeken dan dat.
Psychologisch gezien is deze film dan ook even diepgaand als een
poel waarin zelfs de eendjes rustig met hun pedalen de grond kunnen
raken.

Ook elk greintje geloofwaardig ontbreekt. Na haar ontwaken uit
de coma, zit Erica tien minuten later al op haar eerste slachtoffer
te vuren. Haar angst om haar flat te verlaten is blijkbaar foetsjie
en ze schiet bijna meteen als een volleerde huurmoordenaar alle
kogels raak in hoofd en borst. Haar (eerste) moorden zijn niet met
voorbedachte rade, maar zijn veel te hard in scène gezet: het kind
lijkt toevallig altijd op het verkeerde moment op de verkeerde
plaats te zijn. New York wordt afgeschilderd als een
levensgevaarlijke stad, waar elke Latino een drugsdealer is, elke
nigger (met bling bling kettingen omhangen) een dief en ze
hebben het allemaal op Erica gemunt. Dat is opgeteld inderdaad
gelijk aan zero “street credibility”. Om die stereotypering tegen
te werken, kiezen ze voor haar als vriendje een degelijke
‘gekleurde’ jongen uit (een dokter nog wel!). Het
leentje-buur-spelen bij ‘Taxi Driver’ komt hier nogal geforceerd
over: Erica Bain is géén tweede Travis Bickle, haar wraakplan is
nog niet half zo intrigerend en de omschakeling van post-Vietnam
naar het post-9/11 tijdperk is wel heel copy/paste afgehandeld,
zonder er rekening mee te houden dat de tijden toch misschien al
wat veranderd zijn.

Mocht dit puur een entertainende actiethriller zijn, dan konden
we dit gemakkelijk door de vingers zien, maar ‘The Brave One’ wil
duidelijk méér zijn. De film wil ook nog een boodschap meegeven. De
vraag is alleen: welke precies? Voor maatschappijkritiek blijven de
bedoelingen te vaag, voor een menselijke psychologische case
study
is het allemaal te afgevlakt tot blam blam én
als actiethriller is het geheel dan weer te slaapverwekkend
voorspelbaar. ‘The Brave One’ weet nergens te scoren, behalve dan
op acteerprestaties en beeldvoering. Jodie Foster doet haar
uiterste best: ze is beklijvend, serieus en intens. Ze zuigt de
film volledig naar zich toe, er is nauwelijks ruimte voor een
tegenspeler. Alleen Terrence Howard biedt aardig weerwerk. Zijn
poging om een vermakelijk personage (de goede flik die zijn
twijfels heeft over het gerechtelijke systeem) neer te zetten, gaat
echter verloren in een context die volledig scheef getrokken zit.
Hun ontmoeting (“hé, ik heb u in de coma zien liggen”) is compleet
bij de haren gesleurd, om nog maar te zwijgen van het belachelijke
einde, dat even absurd is als een zwarte vrouw met tanorexia.

Zelfs de meer dan genietbare beeldvoering en montage (de
scheefgetrokken camera die Erica’s angst verpersoonlijkt, de
gemengde montage van haar ziekenhuisopname met een vrijpartij met
David en vooral de close-up stills van Jodies gezicht vlak nadat ze
haar vuurwapen heeft leeggeschoten), kunnen daar niets aan
veranderen. Conclusie: ‘The Brave One’ wil vanalles zijn, maar kan
er niets van waarmaken. Een ondermaatse actiethriller over wraak,
die naar niet veel smaakt. Neil Jordan, dat is toch de regisseur
van ‘The Crying Game’? Nee, aan ‘The Brave One’ zullen we hem
verder niet meer linken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes + een =