Björk :: Volta

De dochter mocht naar de kleuterklas, en dus kon ook Björk opnieuw buitenkomen. Weg is het knusse karakter van voorgangers Vespertine en Medúlla, op Volta worden ramen en deuren opengegooid. Voor het eerst lijkt het plaatje echter niet helemaal te kloppen.

Een nieuwe Björk, een nieuwe gastenlijst: nagaan bij wie er deze keer werd aangeklopt voor een sessie in de studio is meestal genoeg om te weten hoe de moeder van alle elfjes nu weer zal klinken. Tekenden deze keer present voor een handje hulp: Timbaland, Konoko N°1, Antony, drummers Brian Chippendale (van Lightning Bolt) en Chris Corsano, koraspeler Toumani Diabate en oude getrouwe Mark Bell van LFO. Tel er nog een elfkoppige blazerssectie bij en het wordt duidelijk dat het er hier een stuk meer uptempo aan zal toegaan dan de laatste paar keer dat we nieuws uit IJsland kregen.

Een samenwerking tussen Björk en superproducer Timbaland heeft een hoog "waw"-gehalte, "Earth Intruders" en "Innocence" ontgoochelen niet. Vooral het eerste is een heerlijke single die stampt en davert en het beste van Post in herinnering brengt. Timbaland weet zijn stempel duidelijk te drukken — het is toeters en bellenmuziek à la "Get Ur Freak On" —, maar van zodra dat Björk haar klep opentrekt is het onmiskenbaar haar song. Meer van hetzelfde is te horen op "Innocence", dat Björk voor het eerst in jaren opnieuw in aanraking brengt met planeet Pop.

De beats en programming van Bell — sinds Homogenic mag hij elke keer terugkomen — is dan weer onmiskenbaar aanwezig in "Wanderlust", waar de hoofdrol is weggelegd voor de blazers. Minder direct dan "Earth Intruders" ontpopt het zich tot een wel erg vroeg hoogtepunt. Ook in "The Dull Flame Of Desire" — de tekst is een gedicht uit de film Stalker van Tarkovsky — mogen de trompetten en gedempte hoorns zich naar het voorplan wurmen, maar het is Antony die hier de glansrol krijgt als mannelijke tegenpool. Nog een hoogtepuntje? Het zal met zijn zeven minuten epische schoonheid nog niet zijn.

Daarna is het langzamerhand uit met de pret. "Innocence" maakt het sterke openingskwartet vol, waarna Volta vier nummers lang hoogstens "interessant" wordt, de pretentieuze term die hipsters wel eens durven bezigen om vooral niet te moeten toegeven dat Björk hier de song of zelfs maar enige zin voor melodie is vergeten. "I See Who You Are" en "Vertebrae By Vertebrea" zwalpen maar een eind weg over aan- en aftikkende geluidjes. "Hope" begint veelbelovend met een ontdubbelde zang en de zachtjes ratelende kora van Diabate maar gaat vervolgens nergens meer heen. De tenenkrullende tekst "What’s the lesser of 2 evils/If a suicide bomber made to look pregnant/Manages to kill her target or not?" maakt het er niet beter op: Björk is op de tweede helft van Volta zwaar de weg kwijt.

Helemaal op het einde gloort er enige beterschap over de heuvel. "Declare Independence" is een razende stamper die bijwijlen ontaardt in ziedende noise dat een randje Atari Teenage Riot in zich verbergt. Tekstueel blijft het treurnis met simplistische zinnen als "Declare indepencence/Don’t let them do that to you/…/Damn colonists/Ignore their patronizing". In elk geval zal het nummer live ongetwijfeld een plezier zijn om te horen passeren en een echo vormen van het nieuwe materiaal dat Björk vier jaar geleden op Werchter presenteerde (waarna ze zich in een cocon opsloot en haar vorige ingetogen platen maakte). Uitwuiven gebeurt met de spaarzame clavecimbelklanken van "My Juvenile" waarin Antony nog een laatste paar woordjes mee komt zingen. Desondanks is het geen hoogvlieger: Volta knettert zachtjes naar haar einde als een vuurtje langs een te vochtige lont.

Neen, Volta is geen sterke Björk-plaat. Ondanks opnieuw een uitgelezen schare gasten, pakt de mayonaise slechts zelden. Al te vaak verzinkt de IJslandse in gefriemel zonder doel of richting. Voor het eerst lijkt het veel te vaak alsof er enkel ideeën waren, maar niet de blikseminslag die ze ook tot leven wekte. Een lichte ontgoocheling.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − 4 =