The Pax Cecilia :: Blessed Are The Bonds

Gehypte nieuwe groepjes zijn ergerlijk. Gestuwd door een megalomane promotiemachine of blogosfeer rammen ze op de onbewuste luisteraar in als een vloedgolf op een Indonesisch eiland, om daarna weer in het niets te verdwijnen. Een groepje dat bewust aan een eigen weg timmert en zijn muziek verspreidt als waren het de rimpels van een in het water gevallen keitje; het is niet alleen mooier, de impact blijft je ook langer bij.

Wat The Pax Cecilia presteert op Blessed Are The Bonds is op zijn zachtst gezegd fenomenaal. Klonk de band twee jaar geleden nog als een puisterig screamo-groepje, dan tonen de leden zich nu als rijpe songsmeden die pure emotie uitstorten in lange, epische kolossen van nummers. De groep bundelt op zijn (officieus) tweede plaat grootse epiek en de agressie van een roedel jonge wolven zonder gemaakt over te komen. The Pax Cecilia maakt muziek recht uit het hart, en dat maakt de plaat ook zo een beproeving om te doorstaan. Want we moeten eerlijk zijn; sinds hij in onze bus viel (overigens volledig gratis) heeft de plaat hoop en al vijftien keer opgestaan. Maar als hij opstond, zetten we er ons voor neer en luisterden we. Het is de enige manier waarop Blessed Are The Bonds tot je kan doordringen, en die manier van luisteren werpt zijn vruchten af.

Zo zal de introverte opener "The Tragedy" aanvankelijk aandoen als een saai pianostuk, maar wie het nummer de tijd geeft om open te bloeien hoort hoe de groep vakkundig de onderhuidse spanning opbouwt en maar net kan beteugelen. Het pianospel wordt steeds agressiever, de strijkers drijven de pathos nog een beetje op, en net als je verwacht dat de groep ontploft komt hij tot rede en laat hij het nummer rustig uitsterven. De spanning is ook te snijden in het onbehaaglijke requiem "The Tomb Song", waarin opnieuw een piano de opbouw van het nummer stuwt. Langzaam maar zeker schakelt de groep een versnelling hoger tot het nummer je in een meeslepend einde sleurt, mannenkoor en strijkersorkest inclusief.

Waren op het gladde oppervlak tijdens het openingsduo enkel wat rimpelingen te zien, dan wordt het water wel heel troebel tijdens het volgende hoofdstuk. De laatste violen zijn nog niet verdwenen, of daar komt een golf van feedback, eerst een half minuutje op de achtergrond en dan plots recht in je gezicht. Tijdens "The Progress" komt alle ingehouden woede eindelijk tot uitbarsting. En laten we duidelijk wezen: dit is een mastodont van een nummer. Dreigend en anthemisch, maar vooral bloedeerlijk. Longen worden uit het lijf geschreeuwd terwijl de groep een episch gevecht levert op leven en dood, waarna het nummer stilletjes uitbolt en de luisteraar een moment gegund wordt om op adem te komen. Maar nog meer agressie volgt op "The Machine", dat de shocktherapie van het nummer ervoor compleet maakt; haast rechttoe rechtaan metal waarin de ware aard van het beest dat The Pax Cecilia is weer tevoorschijn komt. Het nummer leidt tot een orgastische ontploffing, iets dat na zo’n opbouw haast onontkoombaar lijkt en is.

En daarna? Stilte. "The Wasteland". Feedback die door de boxen komt gewaaid als een kille decemberwind, een huilende stem in de verte en enkele sombere pianonootjes. Het is een angstaanjagend nummer in alle somberheid en verlatenheid, maar o zo verslavend. Bovendien is het ook het perfecte interludium voor het laatste hoofdstuk in het verhaal. Met "The Water Song" wordt er weer vanuit niets een emotionele tornado gecreëerd; broos en dreigend, tot cimbaalgekletter de strijd met de demonen inluidt en de groep tot tweemaal toe heel even in overdrive gaat. Ook "The Tree" en afsluiter "The Hymn" bouwen voort op dat patroon: het trucje is ondertussen gekend, maar dat maakt die nummers niet minder slecht. Zo doet het aan vroege Mogwai herinnerende "The Tree" uitstekend zijn best om de luisteraar stilletjes bij de keel te grijpen om hem dan, crescendo na crescendo, zo onopvallend mogelijk te wurgen, terwijl het akoestische "The Hymn" de wonden likt en de gevallenen in de strijd herdenkt en bezingt. Geen gitaargeweld, maar één akoestische gitaar en ingehouden gezang.

Het valt te betwijfelen of The Pax Cecilia veel misbaar zal creëren met deze plaat, maar dat is ook niet nodig. Want wat de groep vooral bewijst, is dat men geen aan Tsjechische literatuur verhangen kunststudent moet zijn om te weten wat schoonheid is. Doe uzelf en deze groep een plezier: bestel Blessed Are The Bonds, doneer een kleine som, luister en dompel uzelf onder in de brok wanhoop, woede en pracht die deze plaat is. U zal het u niet beklagen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 − 6 =