Tanakh :: Saunders Hollow

Producer Jesse Poe startte Tanakh in 2000 op als een los collectief van muzikanten (vaak niet van de minsten) met zichzelf als spilfiguur. Hoewel de groep zich nooit tot één specifiek genre wilde beperken, blijken toch alle nummers en platen doorspekt te zijn met folkmuziek en americana.

Toch schuwt Poe uitstapjes naar deze of gene zijde niet, waardoor elk album meer dan zomaar een rootsplaat is. Eerder voegde de groep al met succes Indische invloeden toe aan het debuut Villa Claustrophobia, en op Dieu Deuil waren ze niet bang om de psychedelica van de jaren zeventig in hun muziek op te nemen. Daarna was het de beurt aan het avant-gardistische dubbelalbum Ardent Fevers, waarna op Tanakh teruggegrepen werd naar de stijl van het tweede album. Op Saunders Hollow, dat overigens in dezelfde periode werd geschreven als Ardent Fevers, is vooral de americana dominant.

Op "Ladybird" roept de warme stem van Michele Poulos herinneringen op aan een indian summer en de daarbij horende lange wandelingen, hand in hand met de geliefde. Het hele nummer plooit zich naar de stem van Poulos en laat ondanks een rijk instrumentarium (percussie, strijkers, gitaren) vooral de stilte voor zich spreken. Met "Marcel Proust" wordt die stilte ingeruild voor een lap countryrock waarbij Poulos een duet aangaat met Poe, zodat de link met Sinatra/Hazlewood overduidelijk is.

In "Where Our Gardens Grow" wordt teruggegrepen naar een minimale invulling, maar dit klaaglied geeft nergens het idee dat het goed zal komen. Poulos wordt vocaal ondersteund door Isobel Campbell, en trekt de op countryleest geschoeide song volledig naar zich toe. Ook "Saunders Hollow" past het schoentje, maar deze instrumentale track wil eerder een lange en stoffige reis verzinnebeelden dan een kleinmenselijke tragedie.

Dat Poulos op "Longer Than Sorrow" opnieuw boven een uitgebeend nummer mag schitteren, is van bij de eerste tonen duidelijk. Maar de americana-kaart wordt ditmaal niet uitgespeeld; meer dan een minimalistische vorm van rock met enige countryinvloeden valt hier niet te rapen. Het verstilde "Down" vormt daarna het duistere tweelingbroertje van "Ladybird", een laatste reis om de openstaande rekeningen te vereffenen, waarna het doek mag vallen en de herfst ingeruild wordt voor een lange en koude winter.

"Kept" wil echter wel van kilte weten, en combineert jazzy pianoloops met het betere fingerpicking. Na een aanloop die wel een eeuwigheid lijkt te duren, vliegen de saloondeuren open en mogen alle muzikanten zich ten volle uitleven, saxofoon en orgel op kop. De kater die in "Illusions Of Seperation" behoort te volgen, kraakt en piept zich een uitweg richting experimentele noise, maar laat het nummer na drie minuten dan toch tot bedaren komen. Een dromerige countryballade doet de luisteraar uitgeleide en laat hem een laatste blik werpen op het bevreemdende wereldje van Tanakh.

Saunders Hollow is een verrassend coherent album geworden dat sterk op country en americana leunt maar er tezelfdertijd niet voor terugdeinst de grenzen van het genre af te tasten. Opvallend genoeg laat Poe ditmaal de hoofdrol aan Poulos en cijfert hij zichzelf haast helemaal weg. Als geheel is dit zeker niet de beste plaat van de groep, maar het album heeft nog steeds voldoende fraais in huis om niet zomaar aan de kant geschoven te worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf + 6 =