Au Revoir Simone :: Bird Of Music

In een maatschappij die op haar laatste benen loopt, kan men verschillende manieren zoeken om ermee om te gaan. Cynisme is er één van, vaak gekoppeld aan een observerende afstandelijkheid. En natuurlijk is er ook escapisme, het wegvluchten in een andere en betere, lieflijkere of nostalgische wereld.

In het huidige muzieklandschap strijden die verschillende zienswijzen al een tijdje om de heerschappij, en afhankelijk van het subgenre wordt doorgaans een van beide als dominant ervaren. Dat er nog een andere weg is, wordt haast niet opgemerkt, tenzij dan door Au Revoir Simone. Het New Yorkse meisjestrio zou nochtans gemakkelijk in de cynische New Yorkse reflex kunnen trappen, of net heerlijk nostalgisch wegdromen bij de analoge keyboards die ze bespelen.

Het officieuze debuut Verses Of Comfort, Assurance And Salvation (dat veeleer als een e.p. wordt beschouwd) ging niet ongemerkt voorbij. De retrofuturistische electropop van het debuut riep herinneringen op aan Kraftwerk, Add N to (X) en Apparat Organ Quartet, zonder het steriele Duitse, cynische Britse of rockende IJslandse element mee over te nemen. In plaats daarvan kwam een Frans chanson met een discotouch, die het universum fluoroze kleurde en het hele dagen lolly’s en snoepgoed liet regenen. Dan toch escapisme? Niet echt, want net als in Roald Dahls verhaal over de chocoladefabriek zit er een donker randje aan zoveel fraais.

Op Bird Of Music weten de dames duidelijk beter waar ze heen willen met hun muziek. Waar een aantal songs op het eerste album nog te veel als vingeroefeningen en tests klonken, zijn deze "kinderziektes" op het tweede album niet langer aanwezig en krijgen de "popsongs met een randje" een volwaardigere invulling. Zo geven de drums in "A Violent Yet Flammable World" onmiddellijk het juiste ritme aan, opdat de keyboards er overheen kunnen zweven en de zang zich er al dan niet meerstemmig doorheen weet te weven.

In "I Couldn’t Sleep" wordt met de hulp van keyboards de sfeer van onder andere Anne Clarks "Our Darkness" opgeroepen, maar het nummer moet het zonder de maatschappijkritische invalshoek stellen, zodat de vergelijking licht uitvalt. Het dromerige "Stars" leeft op dankzij een heldere zang die het woord ’vrolijkheid’ met hoofdletters uitschreeuwt. Het is even wennen, maar al snel volgt een goedkeurend meeknikken. Daar speelt het heerlijke "Fallen Snow" overigens ook een rol in. Keyboards en drums vormen een mooi geheel waarboven een bitterzoet "We both know it’s going to be another long winter" klinkt.

"The Lucky One" klinkt opvallend en dus ook dubbelzinnig vrolijk. "So let the sun shine, let it come to show us that tomorrow is eventual", klinkt het opnieuw meerstemmig boven een spaarzame muzikale invulling. En toch lijkt er onderhuids iets te broeien. Vreemd genoeg klinkt "Sad Song" helemaal niet zo droevig: de opgefokte drums en donker ingevulde keyboards klinken zelfs berustender dan men zou verwachten. In "Night Majestic" evoceren de keyboards een cheerleadertune die suikerzoet glimlacht en ongewild aanzet tot onverwachte heupbewegingen en handgeklap.

In "Lark" mag het opnieuw wat introspectiever en rustiger, net zoals in het slepende "The Way To There" dat zacht fluistert dat het een groot geheim en zware last met zich meedraagt. In scherp contrast daarmee staat "Dark Halls" dat (alweer) in weerwil van zijn titel verrassend vrolijk klinkt dankzij een heldere drum en meehuppelende keyboards: vintage eigthiespop.

Op Bird Of Music weet Au Revoir Simone netjes te balanceren tussen optimisme en duisternis. De songs klinken nog steeds opvallend vrolijk maar in de fijne kantlijnen zijn de donkere lijntjes al beter te ontwaren. Het vraagt weliswaar even tijd maar wie zich de moeite getroost om door de zoete appel te bijten en verder te kijken dan de kauwgombomen en chocoladerivieren, zal ook de grootstedelijke paranoia en postmoderne leegte in een aantal songs kunnen terugvinden. Het hoeft niet altijd op een zilveren dienblad aangereikt te worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 − 1 =