Moonsorrow :: V-Hävitetty

Dat folk/viking en pagan metal de laatste jaren ‘in’ is, hoeft
weinig betoog. Kijk maar naar het succes van vrolijke bendes als
Finntroll en Ensiferum. Die opwaardering is ook niet geheel
onterecht: de formule is de laatste jaren geperfectioneerd en is nu
uitgegroeid tot een volwaardig genre waarbinnen veel variatie te
vinden is. Heidevolk, Malnatt, Korpiklaani, Eluveitie, … allemaal
bands die ogenschijnlijk in dezelfde vijver vissen, maar die elk op
hun eigen manier de vangst op de oever hijsen. Ook de Finnen van
Moonsorrow zijn de laatste jaren een vaste waarde geworden. Met hun
nieuwe plaat, ‘V-Hävitetty’, geven ze, na prima platen als ‘Suden
Uni’ en ‘Oimasia Ja Kunniasta’, blijk van een uitstekende, constane
vormcurve.

Eerst en vooral: dit is geen eenvoudig album. Niet omdat de
productie ondermaats is of omdat alles nogal chaotisch in elkaar is
geflanst, eerder integendeel. Het “probleem” stelt zich in het feit
dat er maar twee nummers op de cd staan, die respectievelijk 30 en
26 minuten onze volle aandacht opeisen. ‘Opener’ ‘Jäästä Syntynyt
Varjojenvirta’ vangt aan met het geluid van brandend hout. Al vrij
snel vallen een rustige gitaarmelodie en zachte synths op de
achtergrond in. Wanneer die twee minuten later worden bijgetreden
door de drums, bereikt de sfeerschepping een hoogtepunt. Pas na een
dikke zes minuten kunnen gitarist en zanger zich niet meer
inhouden. De sound wordt grimmiger, harder en een korte krijs zet
de aanloop naar het stevigere werk. Toch duurt het nog even voor
het spel volledig op de wagen zit, waardoor je als luisteraar naar
een stevige streep gitaar en screamgeweld hunkert. Pas een stuk
verder krijgt het nummer echt een stevige ruggengraat en zijn we
definitief vertrokken voor een twintigtal minuten metalplezier.

Wat meteen opvalt, is dat de zeer catchy synthdeuntjes die op
de vorige cd’s rijkelijk vertegenwoordigd waren, slechts
sporadisch, en dan nog weinig prominent, aanwezig zijn. Maar ook
zonder dat het toetsenwerk een hoofdrol opeist, blijft ‘Jäästä
Syntynyt Varjojenvirta’ actief op vertrouwd Moonsorrow-terrein.
Iets wat in hoge mate te danken is aan het vurige samenspel tussen
de twee gitaristen, hét handelsmerk van de Finnen. Het tweede deel
van de song kent ongeveer dezelfde opbouw, alleen klinkt het
tussenstuk hier heel wat steviger en worden er ons zelfs een paar
blastbeats voor de voeten gegooid. En hoewel het nummer met al die
tempowisselingen en een rijk palet aan variërende riffs voortdurend
in beweging is, klit alles samen tot één knap geheel.

Ook de aanvangsseconden van ‘Tuleen Ajettu Maa’ ruiken naar en
klinken als brandend hout. Het nummer kent min of meer dezelfde
opbouw als zijn voorganger, maar wacht een stuk minder lang om in
alle hevigheid los te barsten. Metal zonder tralala, als het ware,
met lekker in het gehoor liggende riffs en dito zanglijnen, al
zorgt het knappe drumwerk er wel voor dat dit nooit een hapklare
brok wordt. De ongetrainde luisteraar zal halverwege even moeten
slikken als een gortige blackmetal passage hem om de oren suist,
maar door de heroïsche kreten, de fantastische riff en de knallende
blastbeats geeft dat fragment zelfs het groenste blackmetal-blaadje
de indruk dat hij zich in het heetst van de strijd bevindt. Nog
een geluk dat een fijnzinnig flardje accordeon voor wat ademruimte
mag zorgen, waarna het tijd wordt om onze handen voor de laatste
keer te warmen aan dat knisperende kampvuur.

Moonsorrow heeft met hun vijfde langspeler voor een avontuurlijke
reis doorheen Metalpotamië gekozen, waarbij alle uithoeken van het
spectrum van de harde muziek worden verkend. De ruige, harde kanten
zijn natuurlijk prominet aanwezig, maar de plaat excelleert even
gemakkelijk tijdens de rustgevende en melodieuze momenten. Niet
meteen een plaat die je al na één luisterbeurt in haar schatkamers
toelaat, maar niettemin een uiterst lekker nasmeulend album.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 5 =