Antimc :: It’s Free But It’s Not Cheap

Op 16 november 2006 stierf een van de belangrijkste en invloedrijkste economen van de voorbije eeuw: Milton Friedman. Friedman was een rabiate voorvechter van de vrijemarkteconomie en monetarist. Ronald Reagan, Margaret Thatcher en Augusto Pinochet behoorden tot zijn bekendste volgelingen. Hun motto had "It’s Free But It’s Not Cheap" kunnen zijn.

Toch wil Matthew Alsberg, beter bekend als Antimc, geen doorwrocht traktaat rond de voor- en nadelen van een te ver doorgedreven vrije markt voorschotelen, maar gewoon zijn liefde voor hiphop en muziek tout court uiten. Hoewel It’s Free But It’s Not Cheap het debuut van Antimc is, werkte hij in het verleden al mee aan Free Kamal van Radioinactive en was hij lid van Boom Bips livegroep.

Met dergelijke referenties op zak mag het niet verwonderen dat ook Antimc debuteert met een mix van hiphop, electro en een vleugje rock, en is het al evenmin verbazingwekkend te noemen dat verschillende undergroundhelden en nobele onbekenden producer Antimc een handje -of beter: mondje- komen toesteken. In de juiste kringen vertoeven helpt wel degelijk.

Maar uiteraard zijn het in de eerste plaats de instrumentale nummers die moeten bewijzen wat Antimc in zijn mars heeft. Opener "Ten Days"; maakt onmiddellijk duidelijk wat de dominante stijlen van het album zullen zijn: electro en hiphop. "What Are We Afraid Of?" voegt daar weinig aan toe, net als "Single Life". In deze instrumentale tracks is het vakmanschap wel duidelijk te horen maar jammer genoeg vallen de nummers zonder vocale ondersteuning gewoon te licht uit om echt te boeien.

De twee bekendste gasten op het album zijn Busdriver en Fog. De eerste mag op "Bellies Full Of Rain" zijn ondertussen bekende frenetieke rapstijl meten met een zwaar op zweverige electro steunende track. De opgejaagde ritmes die Busdriver op zijn eigen platen hanteert, worden dan ook achterwege gelaten voor een meer laidback track die wonderwel past bij de rhymes van de man. "Nogoodnick" met Fog start als een eerder doorsnee singer-songwritertrack met een vreemde kersttoets (belletjes) die percussiegewijs steeds verder ontspoort, maar tegelijk doorsnee en vreemd blijft klinken.

Met "True Believer" wordt gerefereerd aan old schooltracks met een heldere drumsound en soepele bassample. De geest van Pete Rock dwaalt door het hele nummer. "Or May I Just Dream (My Life Away)" incorporeert de psychedelische Madchestersound met behulp van Clue To Kalo. Het nummer is samen met "Nogoodnick" het enige echte buitenbeentje op een plaat die te veel binnen de lijntjes blijft kleuren.

De relatief onbekende Cadence Weapon mag op het spacy "Canadian Dream" het beste van zichzelf geven. De jonge mc roept soms herinneringen op aan een bezadigde Busdriver en mist nog te veel een eigen geluid om echt te beklijven, maar elk talent moet de tijd krijgen om te rijpen. Het opgefokte "Cesspool City" krijgt de steun van Saafir, het nummer haalt zowaar het beste in de mc naar boven en overstijgt moeiteloos de nummers van Saafirs Good Game: The Transition. Antimc kiest opnieuw voor een spacier toets, die handig de clichés van het genre ontwijkt zonder avant-gardistisch te klinken.

Wie aandachtig naar It’s Free But It’s Not Cheap luistert, hoort al snel wat er aan de plaat schort en beseft meteen waarom ze niet voldoende beklijft. Antimc past namelijk te vaak hetzelfde trucje toe om een album lang de aandacht vast te houden. Zijn debuut draagt de kiemen van een belofte in zich maar mikt nog te veel op middelmaat. De impact van een Milton Friedman zal hij op deze manier dus niet bereiken, maar het is maar de vraag of dat ooit zijn doel was.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

15 − veertien =