Nuccini! :: Matters Of Love And Death

Voor de bebrilde intellectueel die het wil maken in de muziek zijn er twee mogelijkheden, zo wil het cliché: hij verliest zich in de breed uitwaaierende gitaarpartijen van de instrumentale postrock of hij tast de abstracte grenzen van de urbane cultuur af middels avant-hop.

Het zijn twee stijlen die elkaar net zo min zouden ontmoeten als het Westen en het Oosten. De introverte shoegazers van weleer gaven aan de postrockers de fakkel door en toonden hen hoezeer de waanzin van de wereld louter in klanken gevat kon worden wanneer woorden inadequaat werden. Hiphoppers lieten dan weer — als chroniqueurs van het dagelijkse leven — net de taal primeren en toonden de kracht van de pen aan een blanke middenklasse met zwarte ziel, zelfs al werd de kroniek van de dagelijkse strijd om te (over)leven vervangen door een introverte en van de intellectuele reflecties bol staande retoriek die wortelde in een écriture automatique.

Op Matters Of Love And Death van Nuccini! komen beide werelden elkaar dan toch tegemoet. Nuccini! is het soloproject van Corrado Nuccini, die tot op heden vooral (of misschien wel alleen) bekend is als lid van het postrockcombo Giardini di Mirò. Op zijn solodebuut waagt hij zich aan een milde vorm van avant-hop die sterk lijkt op wat het Kortrijkse collectief Cavemen Speak op het — nog steeds geniale — Tell All The Residents eerder bracht.

Het weemoedige “The Dinosaur, The Monkey, The Breakdance” koppelt postrock middels droeve blazers aan een afwezige breakbeat en de snedige raps van Bluebird. Het droomhuwelijk is van korte duur, want met “Your Father’s Head” treedt Nuccini! op vertrouwder terrein. Siaz, van o.a. Cavemen Speak, mag zijn rauwe raps bovenhalen terwijl een verstoorde beat de andere klanken overstemt.

Siaz brengt zijn maatje Nomad, ook al van Cavemen Speak, mee voor het kristalheldere “Put Me In Your Shoes”: een enkele dromerige sequens doet de achtergrond van Nuccini! vermoeden. In het opgejaagde “My Wild Civilization”, opnieuw met Bluebird, Siaz en Nomad, wordt zijdelings hommage gebracht aan old school hiphop, al mag een akoestische gitaar, hoe kortstondig ook, niet op het appèl ontbreken. De song gaat abrupt over in het eerder (space)funky “Tradition & Abstraction”, dat zwaar leunt op een pompende baslijn en verschillende stemsamples.

Met “Sick Berth” sluipt een streepje indietronica het album binnen. Nomad zingt fluisterend maar staat in de laatste strofes het spotlicht af aan Siaz. Bluebird mag met “God Is The Spider” nogmaals zijn ding doen, zoals hij dat ook al op de eigen releases en bij Scott da Ross deed. Voor “Girls Are Laughing” wordt opnieuw een beroep gedaan op Nomad en Siaz, de track klinkt dan ook als het kleinere broertje van de nummers op Tell All The Residents.

In “A Divine Example” wordt nogmaals teruggegrepen naar een akoestische gitaar en neemt zelfs de anders zo gejaagde Bluebird gas terug, zodat het nummer een vreemde breekbaarheid krijgt. Misschien is het leven niet verlopen zoals de verteller gehoopt had, maar voor bitterheid is hier geen plaats. Verrassend genoeg wordt de track gevolgd door de op dadaïstische leest geschoeide old schooltrack “You Killed My Father, Prepare To Die”. In “To Take French Leave” wordt ten slotte een nieuwe poging ondernomen hiphop, indietronica en postrock met elkaar te verzoenen. Een laatste sterrol voor Siaz en dan valt het doek.

Matters Of Love And Death mag dan wel geschreven zijn door Corrado Nuccini, toch zou de niet zo aandachtige luisteraar het gemakkelijk als een Cavemen Speak-album kunnen bestempelen. Dat is wis en waarachtig een keurmerk, maar toch blijft het jammer dat Nuccini vanuit zijn achtergrond niet gepoogd heeft om iets extra’s toe te voegen. Met wat meer durf was Matters Of Love And Death een prachtig album geworden, nu is het “gewoon” een mooie “avant-hop”-plaat. Het is ook nooit goed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − veertien =