Grupo Salvaje :: Aquí Hay Dragones

"Aquí Hay Dragones" ofte "Hier Zijn Draken" was de naam die oude cartografen aan gebieden gaven die tot dan toe onbetreden waren gebleven. Vanzelfsprekend werden deze gebieden als donker en onherbergzaam voorgesteld, en laat dat nu meteen ook de meest adequate adjectieven zijn om de songs van Grupo Salvaje te omschrijven.

Toeristen exploreren duchtig de Spaanse costa’s, op zoek naar de mooiste stranden, de blauwste zee en de gewilligste chica’s, maar ondertussen beseffen ze niet dat Spanje veel meer is dan enkel een viersterrenhotel. Wij hebben het bijvoorbeeld over het droge zuiden, met zijn zanderige bodem en zijn stille straten. Het is in die contreien dat we het Acuarela-label terugvinden, ijverig zoekend naar authentieke muziek met een randje. Rustig maar ongedurig, weet u wel.

Grupo Salvaje maakt dergelijke muziek maar moet het toch vooral hebben van de lage, warme stem van zanger Javier Rincón, een stem die het midden houdt tussen die van Dave Eugene Edwards en Nick Cave. Rincón neemt ons stevig bij de hand en loodst ons door een rijk muzikaal landschap, waar la guitarra in al haar vormen, en een enkele keer ook de harmonica, de scepter zwaaien. Deze elementen dompelen de plaat onder in een melancholische, wat maritieme sfeer die wij graag associëren met onze vriend, de herfst.

Het zinderende "La Hora De Los Ocultos" belooft meer dan "A Disappointed Man" vervolgens kan waarmaken. Want hoewel dat laatste lang geen slecht nummer is, zijn wij toch meteen gewonnen voor de meer sinistere en mysterieuze sfeer van de opener. Maar het is duidelijk dat er in de openingsnummers nog wat wordt afgetast. Zo is "The Worst Journey In The World" zuivere 16 Horsepower, maar dan zonder even veel te beklijven.

Het eerste hoogtepunt op deze plaat heet "WNP" en is een prachtige wals. "I’ve always desired to live long time/ To write books and to love my sons/ But life is an obstacle race/ And I’m not able to jump" klinkt het bitter, maar wij horen toch vooral de schitterende melancholie en zien de sprekende beelden die ook het werk van Spaanstalige schrijvers als Cort´zar en Marquez zo typeren. Ook het dreigende, Mark Lanegan op het robuuste lijf geschreven "Scott’s Arm" is zeer geslaagd en jaagt een nieuwe siddering over onze ruggengraat.

"Barrabas" is een mooi instrumentaal wiegeliedje en tevens de uitgesponnen prelude voor het rauwe "Mother Science". Daarin worden de goden smachtend aanbeden, maar de stiekem verhoopte finale van uitzinnige gitaren komt er niet. "Ni Dios, Ni Amo" was in een ander leven een dronken zeemanslied, maar is nu de wat tegenvallende zwanenzang op een plaat die instrumentaal, en op die manier ook wat anoniem, afsluit.

Taalpuristen die zich ergeren aan een matige tot slechte uitspraak van het Engels zullen aan deze plaat een taaie brok hebben. Rincóns Spaanse tongval klinkt af en toe namelijk stevig door in zijn Engelstalige teksten. Maar voor alle anderen is dit gewoon een donkere plaat, met middenin enkele mooie nummers, waarmee het in de wintermaanden troosteloos worden is.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − 6 =