Manyfingers :: Our Worn Shadow

"Wanneer de vos de passie preekt, boer let op je kippen!" zou in hoofdletters boven het bed van elke recensent moeten hangen. Platenfirma’s zijn er immers steevast als de kippen (of is het vossen?) bij om met ronkende namen te gooien als zij een nieuwe artiest voorstellen.

Chris Cole opereert al enige tijd onder nom de plume Manyfingers en wordt op zijn semidebuut Our Worn Shadow — semi want hij bracht in 2004 al een mini-album uit— vergeleken met een stortvloed aan zulke diverse artiesten dat het haast ongeloofwaardig wordt. Het mag dan ook niet verwonderen dat, niet geheel onterecht, de woorden postrock, folktronica, elektronica en neoklassiek vallen in een poging Our Worn Shadow te omschrijven. Maar het album is zoveel meer dan dat.

Een zachte piano leidt "Some Shield" in en duidt op een melancholie die zich in sommige streken als een tweede huid om de bewoners hult. Een jazzy drumritme en droeve blazers begeleiden de eenzame reiziger door het geplaagde niemandsland dat als een vertrouwd terrein aanvoelt. Abrupt wordt halt gehouden om dan toch met versnelde pas de weg verder te zetten, zonder dat het doel inmiddels in zicht is gekomen.

Het is dan ook op de zandbanken van "For Measured Shores" dat de reiziger strandt. Een akoestische gitaar en luimig orgel hebben lak aan de duistere melancholie, maar geven met hun Zuiderse weemoed evenzeer te kennen dat hartzeer van welke aard dan ook hen niet vreemd is. Een droge drumklank kan de sombere gedachten niet verjagen maar verhult hen wel voor even. Net lang genoeg om het van duidelijke melodielijnen verstoken "This Tar Won’t Hold" aan te kondigen, dat een logge piano laat contrasteren met een lichtvoetige vibrafoon. De violen verluchten de dompige kamer niet echt, maar verstikken de aanwezigen evenmin onder een loodzwaar kleed.

"3 Forms" geeft een repetitieve piano vrij spel en laat die prachtig contrasteren met een jankende viool. De dreiging wordt steeds prominenter maar vindt vooral in de niet-aflatende piano haar grootste troef: alsof een waanzinnige zijn leidmotief moet herhalen tot iemand bezwijkt, blijft hij in de clinch gaan met allerlei instrumenten, tot niet meer dan een eenvoudige pianolijn overblijft, moegestreden maar victorieus. Met "No Opera" is het de Spaanse gitaar die prima donna speelt, zelfs al nemen mindere goden het af en toe over: een accordeon volgt de gitaar als was het zijn schaduw, maar geeft ook de ruimte aan enkele strijkers.

"Our Worn Shadow" start als een moderne sonate maar laat vooral de drums toe een eigen stem en ritme te vinden, opdat deze een treffende ondersteuning zouden vormen. De song ontplooit zich langzaam maar zeker terwijl steeds meer instrumenten en stemmen zich bij de anderen voegen. Ook op "Remark" is de piano dominant maar hier heerst een veel gejaagdere sfeer, niet in het minst door een dreunende piano en wilde drum. De dodenmars "Tsunami" sluit het album treffend af. De droefenis die de hele tijd al doorheen het album schemerde en vaak aan het oppervlak verscheen, staat nu volop in het spotlicht.

De constante die op Our Worn Shadow terug te vinden is, is de alles bepalende melodielijn. Elk nummer krijgt een bepaalde melodie en één, hoogstens twee, instrumenten die op de voorgrond treden, waarna de andere instrumenten hun steentje bijdragen om de songs aan kracht te laten inwinnen, maar op het einde keert steevast alleen dat ene instrument terug. Manyfingers laat zich dan ook niet gemakkelijk definiëren en heeft ondanks de ontelbare invloeden en vertrouwd klinkende klanken een heel eigen geluid dat misschien wel ergens tussen moderne klassiek en postrock in hangt. Soms preekt een vos een passie die wel degelijk een waarheid in zich draagt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × vier =