Seachange :: On Fire, With Love

In 2004 werd het Nottinghamse Seachange nog door Matador naar voor geschoven als de grootste Britse ontdekking in tijden, en op weg gestuurd met o.m. And You Will Know Us By The Trail Of Dead en Guided By Voices. Een sterke livereputatie, dito single ("Glitterball") en een enthousiast onthaald debuut bleken echter onvoldoende en de band mocht zijn grote ambities intussen al bijstellen.

Niet enkel bleek het oorspronkelijk beoogde dubbelalbum iets te hoog gemikt; het eindresultaat lijkt ook niet zo gegeerd als het debuut. Het prima Duitse label Glitterhouse verzorgt de release voor het Europese vasteland, maar de Amerikaanse, Japanse, Braziliaanse (je weet maar nooit) en zelfs de Britse fans zijn aangewezen op de website van de band. De ontstaansgeschiedenis van On Fire, With Love (een lange opnameduur en het inhuren van twee producers) is ongetwijfeld een doorslaggevende factor geweest, al zal het groepsgeluid er ook voor iets tussen zitten. Terwijl de band ten tijde van Lay Of The Land uitpakte met een combinatie van energieke britpop, psychedelische gitaarwave en folkrock, wordt nu ook uit meerdere vaatjes getapt, maar dan anders.

Meest opvallend is de afwezigheid van Johanna Woodnutts snerpende vioolbijdragen, die de sound van de band een minder excentriek kantje geeft. Toch slagen de zes erin te bewijzen dat ze nog steeds niet onder één hoedje te vangen zijn, ook al zijn de resultaten niet steeds even indrukwekkend. Opener "Annie, Tacoma" toont meteen een aantal facetten: de gitaarlagen worden gul op elkaar gestapeld en variëren van breed uitwaaierende atmosfeerklanken tot bruuske en frenetieke gitaaruitbarstingen die hen doen klinken als een popgeoriënteerde McLusky, ook te wijten aan de afwisseling tussen zang/gebabbel en het zware accent van Dan Easton.

Opvolger "Battleground" doet boude uitspraken over "the greatest loves" en koppelt dit aan een trots wiegend ritme, maar het is ook al een eerste keer dat de band een aardig zaagje spant. Dan liever "No Backward Glances", het sterkste nummer op de plaat en eigenlijk het enige dat écht boven de middelmaat uitstijgt: een intens melancholische sfeer, voorspelbare maar effectieve mineurakkoorden en een van Clinic geleend jengelorgeltje resulteren in een shot narcotische gitaarpop die z’n effect niet mist. Dat het wordt afgewerkt met een verzengende spanning maakt de anticlimax tegenover wat je als luisteraar nog te wachten staat des te groter.

Het pastorale, met accordeon opgeluisterde "Anti-Story" gaat iets té opvallend leentjebuur spelen bij Robert Wyatts "Sea Song", al wordt er nog een eigen draai aan gegeven tijdens de refreinen. Daarna gaat het veeleer om momenten dan songs die geapprecieerd kunnen worden. Eastons vlotte parlando tijdens "The Key" doet het nummer wat straffer lijken dan het eigenlijk is, de hoekigheid van "Youth And Art" is opwindend omdat het wordt omringd door vrij gezichtsloze songs die eens temeer de grootste zwakte van de groep blootleggen: verschillende nummers zijn noch vlees noch vis. "Midsummer Fires" is best wel "mooi" en het strompelende poppenverhaal "Punch And Judy" is een poging om aan de formule te ontsnappen, maar je blijft op je honger zitten.

Seachange bezit genoeg talent om boeiende muziek te maken, daar zijn het handvol degelijke songs en het gebrek aan pure brol getuige van, maar er is niet genoeg inventiviteit en focus om echt indruk te maken. Ze beschikken over een paar frisse pop hooks, maar ze zijn te zeldzaam om van een puike popgroep te spreken. Het pedaal induwen wil ook wel eens lukken, maar ze lijken nooit voluit te gaan uit schrik iemand voor het hoofd te stoten. Ze zijn wat vreemd maar niet in zo’n mate dat het intrigerend wordt. Helaas vermoeden we dan ook dat dit exemplaar van On Fire, With Love (op "No Backward Glances", dat intussen op de iPod gepleurd werd, na) vooral zal uitblinken in het vergaren van stof.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 4 =