Poseidon




Enkele dagen geleden kreeg ik telefoon van een vriend van me die op
vakantie is in de VS. Als mede-filmfreak wilde hij natuurlijk
absoluut Hollywood bezoeken – even binnenwippen voor een borrel bij
Jack Nicholson, een snelle rendez-vous met Scarlett
Johansson in een hotel waar ze niet teveel vragen stellen, u weet
hoe dat gaat – maar wat hij niet had verwacht, was tientallen
mannen, keurig in het pak gestoken, langs de kant van de weg te
zien staan. Filmbonzen waren het. Ze hadden bordjes vast: will
give head for original movie ideas
. Yup, de ideeën zijn
officieel óp in Tinseltown. Tegenwoordig is het al zo erg dat ze
zijn begonnen alle middelmatige films uit de jaren zeventig te
remaken als ronduit slechte films van nu. We waren nog maar nét
bekomen van de futloze vertoning die ‘The Omen’ was, of hier staan ze alweer met
‘Poseidon’, een update van ‘The Poseidon Adventure’ uit 1972.
Niemand die om zo’n update gevraagd had – meer dan dat, niemand die
om te beginnen al om het origineel gevraagd had, want zo
schitterend was dat niet – maar goed, daar zijn we dan.

Het verhaal speelt zich af op de Poseidon, een gigantisch
cruiseschip waar op oudejaarsavond de rijke stinkerds van deze
wereld zich hebben verzameld om het nieuwe jaar in te luiden. Ze
zijn echter nauwelijks begonnen aan de champagne wanneer er om
onverklaarbare redenen een enorme, zij het dan niet bijster
overtuigende CGI-supergolf over de boot spoelt. De Poseidon komt
ondersteboven te liggen, en terwijl het gros van de overlevenden
zich stilletjes schuilhoudt in de feestzaal, besluiten enkele
moedigen om zich een weg naar de oppervlakte te werken.

De moedigen bestaan, hoe kan het ook anders, uit het gebruikelijke
setje standaardpersonages dat je bij dit soort film gratis
bijgeleverd krijgt: de heldhaftige jonge blonde god (Josh Lucas),
de knorrige oude rot (Kurt Russell), het schattige jonge koppel
(Mike Vogel en Emmy Rossum), het obligate kind en zijn moeder
(Jimmy Bennett en Jacinda Barrett) en de eenling met emotionele
problemen (Richard Dreyfuss). Gedurende ruim negentig minuten
kruipen ze door smalle gangetjes, klauteren ze langs losgerukte
metalen balken, springen ze van grote hoogtes en krijgen ze vooral
natte voeten. Af en toe sterft er iemand, ja, maar maak u vooral
geen zorgen: niemand van wie je dat geen half uur op voorhand zag
aankomen.

Dit is al de derde film van regisseur Wolfgang Petersen waarin een
boot de hoofdrol speelt, en het niveau gaat er met de jaren bepaald
niet op vooruit: hij begon met ‘Das Boot’, een klassieker die zijn
internationale doorbraak betekende. Enkele jaren geleden keerde hij
terug naar de zee met ‘The Perfect
Storm’
, een film waarin George Clooney tegen de speciale
effecten probeerde op te boksen en verloor. En nu is er dan dit –
een grotere boot en een groter budget heeft hij nog niet gehad. Een
grotere stinker ook niet.

In zekere zin siert het Petersen dat hij niet eens een poging
onderneemt om de personages uit te werken. Dit soort film is wat
het is: een actiespektakel, waar we in de eerste plaats naar gaan
kijken om dingen te zien ontloffen of om mensen te zien verzuipen
op verscheidene creatieve manieren. Meestal probeert men daar dan
een zweem van diepgang aan te geven door de personages op een
bepaald moment een lange monoloog te laten afsteken over welk
trauma het dan ook is dat hen dwarszit – die pogingen lopen zelden
goed af, en hier laten de makers ze dan ook gewoon totaal
achterwege. De personages zijn stereotypes uit rampenfilms, die
tijdens de eerste vijf minuten via simplistische algemeenheden snel
worden geschetst, zodat we daarna aan de actie kunnen beginnen.
Bijgevolg is ‘Poseidon’ nauwelijks tien minuten bezig wanneer het
schip kopje onder gaat. Die aanpak getuigt van een soort no-nonsens
mentaliteit die ik al bij al nog wel kon pruimen: je wéét dat dit
een film zonder de minste diepgang zal worden, dus waarom zou je je
tijd steken in scènes die krampachtig het tegendeel proberen te
bewijzen?

Maar dan is het natuurlijk wél een voorwaarde dat je actiescènes
voldoende de moeite zijn om die bewuste nonchalance op te vangen.
En dat is hier niet het geval. In de eerste plaats zijn de speciale
effecten van nogal wisselend allooi: de ondersteboven gekeerde sets
zien er nog oké uit, maar het CGI-werk is verrassend onrealistisch.
De monsterlijke golf die de Poseidon doet omslaan lijkt lang niet
zo levensecht als de watermuur waar de personages van ‘The Perfect Storm’ tegenaan keken – hier
lijkt het water op een vreemde manier geen gewicht of volume te
hebben. Het krult zich rond het schip, maar de impact ervan is
nauwelijks voelbaar, tot we overgaan naar een echte set waar echt
water werd binnengepompt. You can’t beat the real thing.
Later in de film krijgen we een tamelijk lachwekkend hero-shot van
Josh Lucas die tussen razende vlammen door in het water springt,
vele meters lager. Een stunt die niet alleen behoorlijk bij de
haren gesleurd is, maar die er ook gewoon fake uitziet: het
computergegenereerd lichaam van Lucas werd zó onhandig in de
brandende en tegelijk onder water lopende omgeving geplakt, dat het
lijkt alsof ze ‘t met de paintfunctie van hun pc hebben
gedaan.

En ook buiten die effecten gerekend, zijn de situaties zelf maar
weinig vindingrijk: de personages staan op het punt te verdrinken,
tenzij ze op het allerlaatste moment nog nét die deur, die
patrijspoort, die liftschacht of dat raster open kunnen krijgen.
Herhaal die situatie (weliswaar met bepaalde variaties) anderhalf
uur lang en er komt een moment dat het je niet meer kan schelen.
Dezelfde crisissituatie wordt telkens opnieuw uitgebuit, met steeds
minder succes.

De acteurs staan voor het overgrote deel gewoon zichzelf te wezen,
met de notenswaardige uitzondering van leading man Josh
Lucas, die voor zover ik kon nagaan vooral een irritante etter
stond te wezen. Lucas heeft ruwweg geschat evenveel charisma als de
gemiddelde kamerplant, maar wordt hier toch opgeworpen als de
mannelijke held van dienst. Ik zat de hele tijd te hopen dat Kurt
Russell hem met z’n beste Snake Plissken-grijns zou verzuipen, maar
no such luck. Russell en de rest van de cast doen het beter,
hoewel hun dialogen zich beperken tot veel “Come on”s en “Oh
God”s.

‘Poseidon’ heeft nauwelijks een verhaal, absoluut geen personages
en is op geen enkel moment geloofwaardig. Wat allemaal nog niet zo
erg is, daar ben je nu eenmaal een domme Hollywood-blockbuster
voor. Maar hij is ook nooit spannend, en de gebrekkige effecten
gaan soms in de weg staan van het visuele spektakel. Dus tja, wat
ben je er dan nog mee? Op naar de volgende remake.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

12 − 11 =