Mission :: Impossible III




Tom Cruise heeft zich de voorbije maanden zodanig belachelijk
gemaakt in de media, dat zijn imago van halfgekke bullshit
artist
een gevaarlijk lange schaduw begint te werpen over zijn
films. Hij trouwde met iemand die zestien jaar jonger is dan hij,
sprong op de bank bij Oprah, verklaarde eigenhandig de
psychiatrische wetenschap tot onzin en zette toen hij vader werd
placenta met navelstreng op het menu. U kunt nu al wedden op
verschillende websites hoe lang het zal duren voordat Cruise
zichzelf een microbevrij huis aanschaft waar hij zijn urine bewaart
in melkflessen en de hele dag toostjes met moederkoek laat
aanrukken.

Hey, u wist op voorhand dat ik al die crap ging vermelden –
kan ook moeilijk anders, aangezien dat de bagage is waarmee
iedereen naar ‘Mission: Impossible III’ gaat kijken. Cruise is
zowat de meest gesjeesde Hollywoodster sinds Dennis Hopper van de
drugs afging, en net zoals dat al het geval was bij ‘War of the Worlds’, begint de
publiciteitscampagne van deze sequel gaandeweg de allures te
krijgen van een apologie voor zijn buitenissigheden. Mensen gaan
nauwelijks nog kijken om de film te zien, en al helemààl niet omdat
ze willen geloven in het personage dat Cruise speelt – ze gaan
omdat ze die maffeling aan het werk willen zien, omdat ze zeker
willen zijn dat die weirdo ook nog steeds gewoon twee handen
en voeten heeft en Engels spreekt. Tot ze al die ongein op een keer
beu zullen worden, natuurlijk, en daar was Steven Spielberg
verleden jaar al erg bang voor. Laat staan regisseur J.J. Abrams
nu.

Het verhaal dan maar: Ethan Hunt heeft zich teruggetrokken uit IMF.
Hij traint nieuwe agenten, maar vervult geen opdrachten meer, zodat
hij rustig kan settelen met zijn vriendin Julia (Michelle
Monaghan). Hij staat op het puntje van trouwen wanneer er (allemaal
tesamen, alstublieft) één laatste opdracht komt. Een protégé
van Hunt is verdwenen in Berlijn terwijl ze Owen Davian (Philip
Seymour Hoffman) schaduwde, een meedogenloze handelaar op de zwarte
markt. Hunt laat zich overhalen om zijn oude leerling te gaan
halen, Davian blijkt geen sympathiek heerschap te zijn, en boem,
pets, paf, er ontploft vanalles.

Laat duidelijk zijn dat u het voor het verhaaltje niet hoeft te
doen. Zoals dat nu eenmaal hoort in dit soort films, draait de plot
(voor zover aanwezig) rond een McGuffin, een mysterieus voorwerp
waar alle betrokken partijen achteraan zitten. In dit geval: een
metalen tube met een doodshoofd erop die “de konijnenpoot” wordt
genoemd. Het ziet er in ieder geval onheilspellend uit met die
doodskop, maar de plot is voor deze film zodanig irrelevant, dat we
zelfs nooit te weten komen wàt het precies is. Eigenlijk is dat een
bijzonder goeie grap: er worden uitgebreide stunts uitgehaald, er
wordt ingebroken in het Vaticaan, bruggen opgeblazen en kleine
explosieven binnenin de schedel (jawel) van onwillige slachtoffers
geplaatst. (Hoe doe je dat? Simpel, via de neus.) Allemaal om die
“konijnenpoot”, die Hoffman wil verkopen en Cruise van hem wil
afpakken. En wat is dat ding? Niemand die het weet. Is dat geestig
of niet?

J.J. Abrams, de geestelijke vader van tv-hits als ‘Alias’ en
‘Lost’, werd aangehaald voor de regie, en weet zich een plaatsje te
wurmen tussen de brainy suspensefilm die De Palma van het eerste
deel maakte, en de ongebreidelde actieorgie van John Woo’s sequel.
Abrams’ mooie beloften dat hij de personages op de eerste plaats
zou zetten en wat meer (ahèm!) diepgang aan Ethan Hunt zou geven,
blijken uiteindelijk een lachertje te zijn: Hunt krijgt een vast
lief en dan is het dan wel zo’n beetje. Maar het moet gezegd
worden: de brave man kan een fameuze actiescène in elkaar
bricoleren.

Zonder zo ver over de top te gaan als John Woo (en mag ik dáár even
God, Allah, Jahwe en de sponsor voor bedanken) zorgt Abrams er toch
voor dat het tempo van de eerste tot de laatste minuut enorm hoog
ligt – dit zijn 126 minuten die voorbij vliégen. De spectaculaire
sequensen zijn nauwelijks te tellen: een helikopter die tussen de
wieken van een windmolen vliegt, Hoffmans spectaculaire ontsnapping
en, mijn favoriet, een vertigo-inducerende sprong tussen twee
flatgebouwen in Shanghai. Geloofwaardigheid is hier ver te zoeken –
daarvoor heet het dan ook ‘Mission: Impossible’ – maar het is
allemaal met zoveel zwier in beeld gezet, dat het bijzonder
plezierig wordt om te volgen. Abrams weet hoe hij zijn actie moet
doseren, zodat hij de kijker niet helemaal pletwalst in de stijl
van Michael Bay, maar dit is wel een non-stop action
movie.

Het einde is eigenlijk het enige dat echt problematisch is, als je
het gebrek aan een degelijk verhaal niet meerekent (en eerlijk: het
zou jennerig zijn om dat wel te doen). De eindconfrontatie tussen
Cruise en Hoffman wordt teleurstellend snel afgehaspeld, opdat er
daarna nog een finale zou kunnen volgen tussen Cruise en zijn eega.
Dat zal vast wel iets te maken hebben met Abrams’ wens om het
allemaal emotioneler te maken, maar die finale is er, zelfs naar de
zéér ruime standaards van dit soort film, een heel eind óver. Hoe
ver erover? Laat ons zeggen dat de dialoog “I’m gonna die if you
don’t kill me”
eraan te pas komt. Abrams is erg succesvol in
het opzetten van grote actiesegmenten, maar wanneer hij probeert om
zijn verhaal emotioneel te maken, valt hij plat op z’n gezicht.
Gedeeltelijk zal dat wel de fout van de regisseur en scenaristen
zijn, die Tom Cruise plechtstatige teksten geven zoals: ‘Julia doet
me eraan denken hoe het leven was voor ik een geheim agent werd. En
het was goed.’ Maar in feite zit het ook gewoon in de aard van het
beestje: als je middenin een spectaculaire actiefilm probeert om
een sterk liefdesverhaal te ontwikkelen, sta je nu eenmaal voor een
enorme uitdaging. Misschien dat James Cameron het kan – ‘True Lies’
zou ik op dat gebied niet onderschatten. Het is in ieder geval een
film die Abrams zeer duidelijk als voorbeeld heeft gebruikt.

De acteurs doen wat ze kunnen in dit soort film – Philip Seymour
Hoffman is een heerlijke slechterik, Ving Rhames is stoïcijns als
altijd en Tom Cruise… ach ja, die is gewoon Tom Cruise. Hij
vertegenwoordigt de merknaam die hij is geworden en doet dat
afdoende.

‘Mission: Impossible III’ is absolute nonsens, maar het is leuk om
naar te kijken. Voor dit soort film is dat voldoende, aangezien dat
ook het enige is dat de makers u beloven. Qua ritme zit het goed,
visueel is het helder opgebouwd en morgen komt de zon weer op.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes + 19 =