Sun Kil Moon :: Tiny Cities

De bruingele blaadjes zijn al lang de bomen afgedwarreld en zelfs de eerste sneeuw heeft zich al comfortabel op de Vlaamse dakpannen genesteld. Waterige zonnetjes laag aan de hemel en met vroege schemer omgeven kaarslicht versterken de tristesse van deze periode van het jaar. Het ideale jaargetijde voor de miskende poète maudit om zijn gevoel voor melancholie nog eens aan te scherpen.

Moeilijk is het anders niet: jezelf enkele keren intensief aan het gezongen gefluister van Mark Kozelek onderwerpen en je bent al een heel eind op weg om de last van alle ongrijpbare miserie des werelds op je schouders te torsen. De titel van zijn nieuwste plaat verwijst naar het gelijknamige nummer "Tiny Cities" van Modest Mouse: "And as we’re headed down the road towards tiny cities made of ashes." Het album bestaat dan ook vreemd genoeg enkel uit Modest Mouse-covers. Iemand als Kozelek, beter bekend als de stuwende kracht achter The Red House Painters, en een man die reeds op zijn tiende met een drugsverslaving door het leven ging, heeft nochtans zelf meer dan genoeg artistiek talent in huis om zich niet tot covers te moeten beperken.

Ontroostbaarheid is wat Kozelek al een hele artistieke carrière tot hogere regionen probeert te zingen. Of hij dat nu doet door middel van zijn eigen songs, dan wel via AC/DC- of Modest Mouse-covers, laat hem blijkbaar volledig koud. Met The Red House Painters deinsde hij er al niet voor terug op de meest persoonlijke manier zijn inwendige duiveltjes vrij te laten, vrolijker is hij er met het verstrijken van de jaren en met een gewijzigde band zeker niet op geworden. De teksten van Modest Mouse mogen weinig geschikt zijn voor het gebruik in zelfhulpgroepen om het vertrouwen in de mensheid te stimuleren, maar de muziek van Modest Mouse mag al eens stevig borrelen en bruisen. In de handen van Sun Kil Moon worden de songs een stuk kaler, en vooral mistroostiger dan ooit. Vaak is het origineel van Modest Mouse volledig onherkenbaar geworden en neemt Kozelek gewoon de tekst over, terwijl hij met de muziek geheel zijn eigen weg gaat.

Maar dat nemen we hem uiteraard niet kwalijk. De man kan nog steeds uitstekend muziek maken, en dat bewijst hij zelfs op een coverplaat als deze. Als je erin slaagt de vergelijking met de originele nummers opzij te leggen, zijn de 11 tracks op Tiny Cities stuk voor stuk elegante brouwsels. Het is echter geen gemakkelijke opgave om dit album tot zijn recht te laten komen. Van op enige afstand gezien, is het namelijk een quasi ononderbroken, veel te monotone klaagzang. De stem van Kozelek blinkt uit in futloosheid en ook het gitaarspel voegt niet al te veel energie toe aan de mix. Maar dat was slechts de eerste indruk. Misschien was het dat kaarslicht, dat drukkende winterweer, of de laatste restanten van die wegebbende kater, maar na enkele keren beet het recept van Sun Kil Moon zich toch vast. Sindsdien alsmaar dieper trouwens; waarbij de eigenzinnige interpretaties van Kozelek bij elke beluistering aan diepgang winnen.

Het grootste probleem van Tiny Cities is echter het gebrek aan variatie. Het is toch behoorlijk triest dat zelfs een album dat afklokt op nauwelijks een half uur, van de eerste tot de laatste minuut nauwelijks van haar vaste lijn afwijkt. En laten we wel wezen: heel wat covers op dit schijfje laten ons nog steeds eerder koud. Tiny Cities ontleent haar bestaansrecht enkel aan de intieme interpretaties van songs als "Convenient Parking" en "Ocean Breathes Salty." Echt adembenemend mooi wordt Sun Kil Moon alleen in "Jesus Christ Was An Only Child," zowat het enige nummer dat ook echt leeft, groeit, en langzaam wegsterft.

Wat Mark Kozelek op Tiny Cities aanvangt met het werk van Modest Mouse verdient bewondering, maar overtuigend geslaagd is het absoluut niet. Voor wie het leven dezer dagen wat te frivool en luchtig vindt en behoefte heeft aan een dosis intellectueel sadomasochisme, komt deze plaat echter als geroepen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × drie =