Rumplestitchkin :: Somersault

Het Brusselse Rumplestitchkin kreeg in het verleden al met veel hobbels en bochten op zijn pad af te rekenen. Net toen de debuut-e.p. verscheen, ging de platenfirma failliet, waardoor de e.p. weer uit de rekken moest worden genomen en de debuutplaat Small-Time Hero niet minder dan drie jaar op zich liet wachten. Vandaag staat Rumplestitchkin er echter met een plaat waarmee de groep zich met het allerbeste uit de Waalse pop kan meten.

Thomas Devos verklaarde het een tijdje geleden al in een interview met het Brusselse stadsblad Zone 02: er bestaat geen échte scene in Brussel. "Mensen waaien er binnen en buiten. Alles is versnipperd", zo verklaarde de singer-songwriter. Met Somersault lijkt Rumplestitchkin echter aansluiting te vinden bij de Waalse scene. De aanleiding daarvoor is Jeroen Swinnens’ vlijmscherpe productie die het charmant rammelende Small-Time Hero in de achteruitkijkspiegel van Somersault plaatst.

De leden van Rumplestitchkin hebben er alvast geen probleem mee toe te geven dat Small-Time Hero nog een zoektocht naar een eigen geluid was. Dat de dagen van buitensporige songs à la "Honey’s Dull" en "Bright" daarmee geteld zijn, is part of the deal. Met Somersault bouwt Rumplestitchkin verder op de aanstekelijke, doch eerder brave singles van het type "Voodoo Smile" en "Kissing Disease", om daarmee tot een coherenter geheel te komen.

Dat dit soort songs Somersault opvult, maakt de plaat weliswaar een stuk minder avontuurlijk dan Small-Time Hero, maar welke moedige muziekliefhebber luisterde die laatste in één adem uit? Het was eigenzinnige en inventieve indiepop, maar nu ook niet meteen de gemakkelijkste muziek. Somersault houdt strakker aan en kleurt meer binnen de lijntjes, wat de nieuwe Rumplestitchkin veel beter beluisterbaar maakt. Devos haalt bovendien niet meer te pas en te onpas zijn orgeltje boven.

Uiteindelijk zorgt dat ervoor dat Rumplestitchkin perfect bij de strakke, afgelikte Waalse pop van tegenwoordig weet aan te sluiten. Op Somersault klinkt Rumplestitchkin even fris als Hollywood Porn Stars, Girls In Hawaii, Ghinzu of Sharko. Dat Rumplestitchkin toch nog niet alle scherpe kantjes verloren heeft, zorgt ervoor dat de groep net niet teveel in die richting overhelt.

Tenslotte zitten alle ingrediënten er nog in. Van de eigenzinnige, doch tegenwoordig iets gladdere melodieën tot de vaak erg naar eighties neigende synths, en ja, zelfs hier en daar het orgeltje. Op Somersault krijgt u het echter allemaal in de juiste dosis, wat een groot verschil maakt.

Eigenlijk komt het er gewoon op neer dat Rumplestitchkin het stadium van de groeipijnen gepasseerd is. Het is nu eenmaal niet voor iedere groep weggelegd om meteen van bij het begin met een eigen geluid uit te pakken. Wij zijn ervan overtuigd dat Rumplestitchkin er op zijn manier ook wel komt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 1 =